Droge week, Rijn stijgt nog even daarna dalend, Maas langzaam dalend
Een krachtig hogedrukgebied breidt zich deze week uit tot over de stroomgebieden en dat betekent de komende 10 dagen vrijwel droog weer. Voor het zover is passeert nog een heel klein golfje in de Rijn vanwege regen in de afgelopen week. De Maas ontving geen extra water en is en blijft vrij laag voor de tijd van het jaar. Pas na volgend weekend is er weer kans op neerslag. In het waterbericht leest u de details
In de rubriek water inzicht een blik op de neerslagverdeling van de afgelopen week in de stroomgebieden. Waarom ontving de Rijn wel extra water en de Maas niet. Daarvoor moeten we ver uitzoomen boven West-Europa.
water van de week
Hogedrukgebied houdt neerslag komende week op grote afstand
Vorige week al voorspelden de weermodellen dat het hogedrukgebied dat eerder vanaf het Europese continent naar de Atlantische Oceaan was verschoven weer terug zou keren. Na vandaag gaat dat inderdaad gebeuren en er staat de stroomgebieden een droge week te wachten. Regengebieden trekken dan ver noordelijk langs en vooral de Noorse bergen kunnen op veel sneeuw rekenen.
Voordat het hogedrukgebied de terugweg inzette, trokken er de afgelopen week nog een paar neerslagzones over Duitsland naar het zuidoosten. Daar viel meer neerslag uit dat ik vorige week verwacht had en de Rijn ging daarom toch wat stijgen in de loop van de afgelopen week. De komende dagen wordt dit extra water afgevoerd en later in de week zet dan de daling weer in. Het stroomgebied van de Maas viel grotendeels buiten de baan van de regengebieden en ontving maar weinig water.
Ook de Alpen lagen in de baan van de neerslag en daar viel vooral in het Oostenrijkse deel van het stroomgebied van de Rijn (Vorarlberg). Ook in het oosten van Zwitserland viel tot 50 cm sneeuw, maar dat onvoldoende om het tekort daar in te lopen en de dikte van het sneeuwdek blijft voorlopig onder het gemiddelde. De komende 10 dagen verandert daar weinig in, want er staat ook de Alpen een langere droge periode te wachten.
Morgen en overmorgen trekt de kern van het hogedrukgebied over onze omgeving naar het oosten, waarna het enige tijd boven Centraal Europa komt te liggen. Ondertussen blijft de luchtdruk ook bij ons nog hoog, dus regengebieden komen er voorlopig niet doorheen. De laatste verwachting van het Europese weermodel laat het hogedrukgebied na het volgend weekend wat verder naar het zuiden verschuiven, waardoor regengebieden dan wel weer tot de stroomgebieden door kunnen dringen. Mogelijk wordt de tweede helft van februari dan een stuk natter dan de eerste helft.
Het Amerikaanse weermodel laat het hogedrukgebied echter nog wat langer standhouden, dus het blijft nog afwachten water er dan precies gaat gebeuren. Op een week van tevoren verschillen de grote weermodellen wel vaker en meestal beweegt het ene model gaandeweg wat meer naar het andere model toe. In de loop van de week zal dan duidelijk worden wie aan het langste eind trekt. Maar voorlopig staat ons een droge periode te wachten, die een dag of 10 kan gaan duren.
Rijn stijgt nog wat tot ca 9,5 m (NAP)
In het midden van de afgelopen week viel er in een brede stroom over Duitsland lokaal veel regen (zie ook de rubriek water inzicht) en dat leverde de Rijn flink wat extra water op vanuit de zijrivieren op de oostelijke oever: Main, Lahn, Sieg, Ruhr en Lippe). Tegelijkertijd viel er bijna geen regen in de westelijke deelstroomgebieden en de afvoeren van oa de Moezel bleven stabiel of daalden langzaam.
Anders dan ik vorige week verwachtte, ging de Rijn vanaf donderdag weer stijgen en de 8,5 m als laagste waarde, die ik eerder voorzag, werd dan ook niet gehaald. Inmiddels is de tand al weer gestegen tot ca 9,3 m en de komende dagen komt daar nog wat bij. Vanuit het zuiden van Duitsland (vnl Main) is nog aardig wat water onderweg, maar de meer noordelijke zijrivieren oa Ruhr) zijn al weer gaan dalen.
Ik verwacht daarom dat de waterstand bij Lobith nog ca 20 cm stijgt tot tussen de 9,5 en 9,6 m (NAP) op 7 februari. De afvoer bedraagt dan ongeveer 2.400 m3/s; wat nog ca 20% onder het langjarig gemiddelde is. Vanaf 8/2 zet de daling weer in en deze zal voorlopig zeker een dag of 10 voortduren. Op de 11e of 12e verwacht ik dat de 9 m (NAP) weer wordt onderschreden (afvoer dan 1.950 m3/s) en rond de 15e kan de 8,75 m (NAP) weer worden bereikt, bij een afvoer van ca 1.750 m3/s.
Of de daling daarna nog voortduurt, hangt af van of het hogedrukgebied dan nog stand houdt of naar het zuiden is weggetrokken. In het laatste geval kan vanaf de 14e weer regen gaan vallen in het stroomgebied en kan vanaf de 16e weer een stijging inzetten. Maar dat is nu nog erg onzeker.
De gemiddelde Rijnafvoer van de afgelopen maand bedroeg ca 3.175 m3/s. Dit is wat hoger dan het langjarig gemiddelde dat gerekend over de hele meetreeks ca 2.775 m3/s bedraagt. Als we echter naar het 30-jarig gemiddelde kijken (dat bedraagt ongeveer 3.000 m3/s), dan is de afwijking wat minder groot.
Het lagere langjarige gemiddelde over de hele meetreeks wordt vooral veroorzaakt door de koude jaren in het midden van de vorige eeuw, toen de Rijn vooral in januari vaak langdurig een lage afvoer had. Sinds dergelijke koudeperioden niet meer voorkomen is de maangemiddelde afvoer zelden nog aan de lage kant. Het 30-jarig gemiddelde laat deze tweedeling goed zien. Tijdens het midden van de vorige eeuw (bv over de periode 1941-1970) bedroeg dat ongeveer 2.500 m3/s en het huidige 30-jarig gemiddelde (van 1991-2020) dat inmiddels helemaal uit jaren bestaat van na de periode met koude januarimaanden, schommelt nu rond de 3.000 m3/s. Na deze stijging aan het eind van de vorige eeuw is het overigens in deze eeuw niet nog verder opgelopen.
Maas profiteerde niet van neerslag en daalde langzaam
De meest intensieve regenval bleef deze week ver buiten het stroomgebied van de Maas en op wat smeltwater na van sneeuw, die nog aanwezig was boven de ca 400 m, ontving de Maas vrijwel geen extra water. De afvoer bij Maastricht daalde daarom van iets meer dan 300 m3/s naar ca 250 m3/s, wat slechts de helft is van het langjarig gemiddelde.
Dee komende week hoeft de Maas ook niet op extra water te rekenen, want het hogedrukgebied ligt vrijwel precies boven het stroomgebied en houdt de neerslag op grote afstand. Pas vanaf de 14e kan er weer wat regen gaan vallen en dat betekent dat de afvoer de komende 10 dagen langzaam verder zal dalen. Nu gaat dat in de winter nooit zo heel erg snel bij de Maas, dus ik verwacht dat de afvoer bij Maastricht aan het eind van de week zo rond de 225 m3/s zal zijn uitgekomen en na het volgend weekend mogelijk de 200 m3/s bereikt.
Daarna hangt het af van de ligging van het hogedrukgebied en als dat inderdaad wat verder opschuift naar het zuidoosten, dan kunnen neerslagzones de Ardennen weer bereiken en is vanaf de 15e of 16e weer enige stijging mogelijk. Maar op dit moment is dit nog erg onzeker.
De gemiddelde Maasafvoer over januari bedroeg ca 600 m3/s, wat ook wat hoger is dan het langjarig gemiddelde over de hele meetreeks vanaf 1911; wat 523 m3/s bedraagt. Net als bij de Rijn is bij de Maas het verschil met het 30-jarig gemiddelde minder groot; dat bedraagt namelijk ca 570 m3/s. Ook de Maas kende in het midden van de vorige eeuw een periode met vaak lage gemiddelde januari-afvoeren en het 30-jarig gemiddelde over januari bedroeg toen zelfs maar ca 450 m3/s.
Door het minder vaak voorkomen van koude en daarmee samenhangende lage afvoeren in januari is het 30-jarig gemiddelde aan het eind van de vorige eeuw op gaan lopen naar ca 560 m3/s. Net als bij de Rijn is het nu al weer een jaar of 20 stabiel rond die waarde. Het lijkt er sterk op dat de stijgende gemiddelde januari-afvoeren sinds eind vorige eeuw, vooral worden veroorzaakt door het wegvallen van de jaren met een laag gemiddelde en niet zozeer door het vaker optreden van jaren met een hoog gemiddelde.
water inzicht
Schaduw van de Schotse Hooglanden en Engeland reikt tot over Europa
De afgelopen dagen liet de verdeling van de regenval over West Europa een opvallend patroon zien, wat vooral boven het stroomgebied van de Rijn voor grote verschillen zorgde. In de figuur hieronder is een neerslagkaart afgebeeld, waarop dit patroon goed zichtbaar is. Er loopt een duidelijke grens vanaf ongeveer Amsterdam, via Essen en Frankfurt naar Nürnberg en Salzburg in Oostenrijk.
Aan de oostzijde van deze grens viel in het laagland zo'n 20 tot 30 mm en in de lagere Middelgebergten (bv Sauerland) zo'n 50 tot 60 mm. In de Oostenrijkse Alpen (nog net zichtbaar) viel zelfs meer dan 100 mm. Aan de westzijde waren de neerslaghoeveelheden respectievelijk 2 tot 5 mm in het laagland en tot ca 20 mm in de lagere Middelgebergten (bv Ardennen). Verder naar het zuiden ving het hogere Zwarte Woud nog wel zo'n 40 tot 45 mm op en ook in de Zwitserse Alpen werden die hoeveelheden bereikt.
Schermafbeelding 2023-02-05 om 10.01.49.png

Om de oorzaak van deze opvallende tweedeling te kunnen verklaren heb ik een kaart opgezocht met een wat ruimere begrenzing (zie hieronder). Dit is overigens een kaart van de hoeveelheid regen zoals die een week geleden werd verwacht. Een kaart van wat er werkelijk gevallen is, in dit hele kaartbeeld heb ik namelijk niet, maar het blijkt dat deze verwachting erg goed klopt voor het deel dat overlapt met de kaart hierboven.
In de kaart is de opvallende grens over Duitsland ook zichtbaar (het is de grens tussen zone 2 en 3). Deze grens blijkt nog verder naar het westen door te lopen en hangt samen met het Verenigd Koninkrijk dat bij een noordwestelijke luchtstroming een regenschaduw opwerpt waar de gebieden van zone 3 in liggen. In de verwachting liep deze grens overigens over Köln en München; uiteindelijk is dat dus iets oostelijker geworden.
Noordelijker op de Noordzee blijkt nog een tweede opvallende grens te liggen, tussen zone 1 en 2. Boven de zee is die grens heel duidelijk, maar verder naar het zuidoosten vervaagt ze langzaam om boven Duitsland te verdwijnen.
Noordwestelijke stroming.jpg

De neerslaghoeveelheden in deze 3 zones blijken samen te hangen met de omtrek van het Verenigd Koninkrijk en de afstand die de lucht over het water af legt. Het komt op het volgende neer:
In gebied 1 is er bij Noordwesten wind een open verbinding tussen de noordelijke Noordzee en de Atlantische Oceaan. Er valt dan overal boven de noordelijke Noordzee veel regen. Naar het oosten nemen de hoeveelheden langzaam wat af, maar bij DK en het noorden van Duitsland nemen de hoeveelheden weer toe als de lucht boven land iets moet gaan stijgen.
Gebied 2 ligt vooral in de schaduw van de Schotse Hooglanden: aan de westkust viel hier meer dan 100 mm neerslag, aan de oostkust bleef het bijna droog. Weer boven de Noordzee aangekomen valt er ook bijna geen neerslag, maar als deze lucht bij Nederland aankomt, blijkt er weer voldoende vocht in de lucht aanwezig te zijn voor een toename van de hoeveelheden. De kaart van de neerslag in Nedreland over de periode t/m 5/2 laat de grens dan ook duidelijk zien (zie link).
In Duitsland aangekomen moet de lucht sterk stijgen tegen het ca 800 m hoge Sauerland en hier nemen de hoeveelheden plotseling toe. De verwachting voor het Sauerland was ongeveer 50 tot 60 mm en (zie de bovenste kaart) dat is goed uitgekomen. Verder naar het zuidoosten vangen ook de andere Duitse Middelgebergten nog veel neerslag op. De Oostenrijkse Alpen liggen precies in deze baan en krijgen de hoofdprijs vanwege de Nordstau die daar optreedt. Het zou uiteindelijk lokaal in het gebergte meer dan 1 meter sneeuw opleveren, met ook lawines tot gevolg.
Gebied 3 tenslotte ligt in de schaduw van een groot deel van Engeland, wat veel neerslag tegenhoudt en de weg over de Noordzee daarna is zo kort dat er weinig vocht meer opgenomen kan worden. Boven de zuidelijke Noordzee is het daarom droog en ook boven het grootste deel van Vlaanderen. Pas de Ardennen zorgen voor een kleine opleving, maar veel minder dan het niet veel hogere Sauerland dat in zone 2 ligt.
Pas bij het nog hogere Zwarte Woud nemen de neerslaghoeveelheden wel duidelijk toe., maar ook daar blijven ze kleiner dan in de Middelgebergten in zone 1 en 2. In de Zwitserse Alpen nemen de hoeveelheden volgens de verwachting nog wat verder toe, maar ook al zijn de bergen hier hoger dan in Oostenrijk, dit gebied blijft duidelijk achter bij de neerslag in Oostenrijk.
Uiteindelijk kregen de Alpen nog wat minder omdat de grens tussen zone 2 en 3 nog iets verder naar het oosten kwam te liggen, dan in de verwachting. De Zwitserse Alpen zullen moeten wachten op een periode met noordenwind voor veel sneeuwval, maar voorlopig is daar geen zicht op.