Eindelijk weer wat regen in de stroomgebieden en de rivieren veren even wat op
De rivieren zijn iets gestegen, maar het is niet voor lange duur, want een volgend hogedrukgebied heeft zich alweer aangediend en als we de verwachtingen erop naslaan, dan is dit nog zeker niet de laatste, want vanaf komend weekend dient zich waarschijnlijk alweer een nieuw en nog wat sterker exemplaar aan. De opleving in de rivieren is dus slechts van korte duur. In het waterbericht leest u de details.
In de rubriek water inzicht één terugblik op het afgelopen zomer half jaar waarin de Rijn gemiddeld minder water afvoerde dan ooit, maar het scheelde niet eens zoveel met het vorige record dat meer dan 100 jaar oud is.
Water van de Week.
Even een nat intermezzo, vooral in Nederland
Na een langere periode van droog weer werden we de afgelopen dagen getrakteerd op flink wat regen. Dat was dan vooral in Nederland het geval want dieper de stroomgebieden in viel minder regen en ook in Nederland waren de verschillen groot. De regen wordt veroorzaakt door een lagedrukgebied dat over het noorden van de Noordzee trekt. De bijbehorende regenzone passeerde vrijdag en gisteren en vandaag stond er een stevige westenwind waarin veel buien werden en nog steeds worden meegevoerd.
De buienactiviteit is het grootst boven het noorden van Nederland, waar lokaal in twee dagen tijd tot 50 mm regen kan vallen, verder naar het zuiden is de activiteit veel minder groot en blijft er bij 10 tot 15 mm. De stroomgebieden van Rijn en Maas krijgen daar dan ook niet zo heel veel van mee, maar daar trok afgelopen woensdag en donderdag al een eerder lagedrukgebied over met een uitgestrekt regengebied waar 20 tot 30 mm regen viel.
Vandaag trekt het lagedrukgebied naar het oosten weg en neemt de buiigheid langzaam af. Hier profiteert het Azoren hogedrukgebied van dat een nieuwe uitloper vormt tot over het midden van Europa. Dit hogedrukgebied houdt de hele komende week stand en de neerslagkansen in de stroomgebieden zijn dan klein. Aan het eind van de week verzwakt dit hogedrukgebied, maar dan ligt op de Atlantische Oceaan ten westen van Ierland alweer een nieuw sterk hogedrukgebied klaar dat in de dagen daarna zijn invloed tot over onze omgeving zal gaan uitbreiden.
Voor het zover is kan op 17 en 18 oktober nog geen regenzone passeren die In de stroomgebieden wat regen kan brengen. Veel moeten we daar niet van verwachten want zo'n regenzone tussen twee sterke hogedrukgebieden in, kan uiteindelijk ook helemaal verpieteren.
De verwachting is nu dat het Ierse hogedrukgebied na het volgend weekend, zeker een week het weer in onze omgeving gaat bepalen. Dat betekent dan opnieuw een droge week en daarmee aanhoudend lage waterstanden in de rivieren. De regenrijke periode die we nu meemaken blijkt dus wederom slechts een korte onderbreking te zijn in de aanhoudende reeks van hogedrukgebieden.
Rijn stijgt nog iets, daarna weer dalend tot 6,2 m NAP, later mogelijk 6,1 m NAP.
De Rijn is de afgelopen dagen een paar decimeter gestegen tot 6,35 m NAP op dit moment; de afvoer steeg 100 m3/s van 540 naar 640 m3/s. Ondanks de stijging is dit nog steeds uitzonderlijk laag en voorlopig gaat daar weinig in veranderen. In Nederland is vandaag en gisteren vrij veel regen gevallen maar een klein stukje verder naar het zuiden bleef de regenval al beperkt tot niet meer dan 10 mm. Dat is onvoldoende om de Rijn veel verder te laten stijgen en de 6,6 m die ik afgelopen vrijdag noemde, zal niet bereikt worden.
Er komt de komende 3 tot 4 dagen nog hoogstens zo'n 5 cm bij de huidige stand, tot ca 6,4 m NAP op woensdag en donderdag. De afvoer bedraagt dan ca 660 m3/s. Omdat het ook de rest van de week zo goed als droog blijft in het stroomgebied, gaat de waterstand vanaf donderdag weer langzaam dalen.
De eerste dagen met ongeveer 5 cm per dag en net na het volgend weekend wordt dan de 6,2 m NAP weer bereikt. De dagen daarna daalt de stand nog wat verder om in de tweede helft van die week (rond 21 oktober) bij 6,1 m NAP uit te komen. Ik ga er dan vanuit dat er op 17 en 18 oktober maar weinig regen valt. Mocht dat regengebied toch wat actiever zijn, dan kan de daling in die week wat trager verlopen, of gaat de stand weer licht omhoog naar 6,15 tot 6,2 m NAP rond 23 oktober.
Omdat het droge weer ook in de week van 19 t/m 26 oktober aan lijkt te gaan houden is de kans groot dat de stand in die week verder blijft dalen, al zal dat heel traag verlopen. Het is niet onwaarschijnlijk dat het droge weer zo lang aanhoudt, dat het laagterecord van de Rijn, dat nu op 6,05 m NAP staat, aan het eind van de maand nogmaals scherper wordt gesteld. Daarover volgende week meer, als duidelijk is of er rond 17 oktober wat regen gaat vallen en hoe lang het Ierse lagedrukgebied het weer in de stroomgebieden gaat bepalen.
Maasafvoer blijft zeer laag, rond 35 m3/s.
De Maas profiteerde de afgelopen week van wat regen die in het stroomgebied viel. Eerst passeerde op woensdag één flink regengebied en dat leverde een opvallende piek op die de afvoer tot 400 m3/s liet stijgen. Dit werd vooral veroorzaakt door het stuwbeheer in Wallonië en de afvoer ging daarna ook weer snel omlaag. Op zaterdag viel er nogmaals wat regen en dat leverde een wat lagere piek op van ongeveer 100 m3/s, maar ook dat water is inmiddels weer doorgevoerd en omdat er vandaag weinig regen is gevallen, gaat de afvoer nu weer terug naar onder de 50 m3/s.
De komende dagen blijft de afvoer laag, zo rond de 35 m3/s, omdat er geen regen meer wordt verwacht. Mogelijk valt op 17 oktober wat regen, die een kleine opleving kan veroorzaken. De dagen daarna blijft het weer voor langere tijd droog en zakt de afvoer weer naar tussen 30 en 35 m3/s.
Water Inzicht.
Zomerhalfjaar leverde record lage gemiddelde Rijnafvoer
Voor het watergebruik in ons land kijken we vooral naar de periode van 1 april tot en met 30 september. In die tijd van het jaar hebben landbouw en natuur het meeste water nodig en is ook het drinkwatergebruik het grootst. We maken dan dankbaar gebruik van het water dat door de rivieren wordt aangevoerd om de tekorten die in droge jaren in de neerslag optreden aan te vullen. De afgelopen zomer was wat dat betreft een spannende zomer want het was langdurig droog en ook was de rivierafvoer erg laag.
De rivierafvoeren zijn nu nog steeds laag, maar omdat het waterverbruik nu veel kleiner is, wordt dat minder sterk gevoeld. Behalve de binnenvaart dan, die nog steeds veel minder vracht mee kan nemen als wat ze graag zouden willen en de natuur in de uiterwaarden, waar veel nevengeulen en moerassen nog steeds droog liggen.
Als we de gemiddelde afvoer berekenen over de periode van 1 april t/m 30 september dan blijkt dat de Rijn iets minder dan de helft van de normale hoeveelheid water heeft aangevoerd in die tijd: 1.011 m3/s om precies te zijn, terwijl het gemiddelde over het zomerhalfjaar over de hele meetreeks ruim 2.000 m3/s bedraagt. In de grafiek hieronder is de gemiddelde zomerafvoer vanaf 1901 uitgezet.
Schermafbeelding 2026-10-11 om 14.12.08.png

De 5 jaren met de laagste afvoer zijn rood ingekleurd; naast dit jaar zijn dat 1921, 1949, 1976 en 2022 en ze liggen dus aardig verspreid over de meetreeks. Als we ook de nummers 6 t/m 10 een kleurtje geven, dan vinden we daar opvallend veel jaren in terug uit de afgelopen 25 jaar. De Rijn voer in het zomerhalfjaar dus vaker minder water af en dat zien we ook terug in de trendlijn (grijze streepjeslijn), die duidelijk afloopt.
Het afgelopen jaar komt wat dat betreft dus niet als een verrassing een is een duidelijke trend naar lagere gemiddelde zomerafvoeren. Een lager zomergemiddelde wil overigens nog niet zeggen dat ook de laagste afvoeren gemiddeld steeds lager zijn geworden. Dit jaar zien we dat wel, maar de trendlijn daarin is veel minder duidelijk; ik kom daar een andere keer op terug. In de tabel hierna heb ik de 20 jaren op een rij gezet met de laagste gemiddelde zomerafvoeren. 2026 staat daarin helemaal bovenaan, op de voet gevolgd door een jaar uit een ver verleden.
Schermafbeelding 2026-10-11 om 14.11.49.png

Dat jaar, 1921, leek wat het weer betreft veel op dit jaar. Het was in een groot deel van het stroomgebied langdurig droog en tot voor dit jaar was het in grote delen van het Duitse deel van het stroomgebied van de Rijn ook het droogste jaar. De kans is groot dat 2026 die positie nu gaat overnemen, vooral in de regio Baden Württemberg waar het Zwarte Woud in ligt, waar tot nu toe dit jaar maar ca 35% van de normale hoeveelheid regen is gevallen.
Ook andere regio’s van de Rijn zoals Rheinland Pfalz en Hessen kampen met extreme droogte. Meer naar het noorden in Nordrhein Westfalen valt het mee met de droogte en daar zal 1921 niet van de troon worden gestoten. Dat geldt ook voor Nederland waar 1921 ook het tot nu toe droogste jaar is, maar dat zal niet veranderen want op enkele droge maanden na, viel in ons land in veel maanden toch nog aardig wat regen. 1921 viel verder op door weinig sneeuw in de Alpen, waardoor de Rijn in het voorjaar tijdens het smeltseizoen niet op veel extra water hoefde te rekenen.
Een ander bekend jaar waarin het langdurig droog was, is 1976, en dat vinden we bij de zomerafvoeren op de 3e plaats; wel met een ruim 100 m3/s hogere afvoer. Het jaar 2018 dat in Nederland ook zeer droog verliep vinden we pas op de 17e plaats in de tabel. In dat jaar was het voorjaar nog relatief nat en de periode van lage afvoeren begon toen pas in juli. Het najaar was toen wel erg droog, maar die periode valt buiten het zomerhalfjaar.
1921 viel nog om een andere reden op en dat is dat de droogte al in het voorgaande winterseizoen was begonnen. Vanaf november 1920 zakten de afvoeren toen naar zeer lage waarden om daar tijdens de winter niet of nauwelijks bovenuit te klimmen. Uiteindelijk zou de afvoer gedurende de periode van najaar 1920 t/m december 1921 op 255 dagen onder de 1.000 m3/s blijven. Ter vergelijking, dit jaar staat de teller pas op 110 en in 2018 kwamen we uiteindelijk uit op 118 dagen.
De lage afvoeren van dit jaar duren dus al wel erg lang, maar het verleden laat zien dat het nog veel langer kan. In de volgende grafiek heb ik ook de afvoer van het voorgaande winterhalfjaar meegenomen in het gemiddelde.
Schermafbeelding 2026-10-11 om 14.12.22.png

2026 komt voor die periode van 1 oktober 2025 t/m 30 september dit jaar uit op 1.550 m3/s en dat betekent slechts een 10e plaats in de ranglijst; wat net een oranje kleurtje oplevert. 1921 staat hier uiteraard aan kop met een veel lagere gemiddelde afvoer van 1.172 m3/s; op de voet gevolgd door 1949, een andere jaar met ook langdurig laagwater in de winter. De recente jaren met een lage zomerafvoer komen we in de grafiek niet tegen bij de lage afvoeren. 2026 is het eerste jaar sinds 1976 dat in de top 10 is terechtgekomen.
De tabel hierboven laat ook zien dat de recente jaren met een droge zomer vaak een opvallend hoge positie hebben als ook de winter wordt meegenomen. Zo had 2003, dat een zeer droge zomer kende, juist een winter met hoge afvoeren en ook de droge zomer van 2018 werd voorafgegaan door een natte winter.
We zien dus dat de frequentie van langdurige lage afvoeren in het zomerhalfjaar duidelijk is toegenomen, maar dat het vrijwel niet meer voorkomt dat dit ook door een winter met lage afvoeren wordt voorafgegaan. Dit jaar komt een beetje in de buurt, de droogte in het stroomgebied begon in het zuiden van Duitsland ook al in november 2025, maar in 1921 en 1949 duurde de periode met lage afvoeren langer en begon deze al in de voorgaande winter met zeer lage afvoeren.
Tenslotte nog een blik vooruit, want kunnen we aan de hand van deze jaren met zeer langdurig lage afvoeren iets zeggen over wat ons dit jaar nog te wachten staat. In 1921 duurde het lage water tot eind december, in 1949, 1976 en 2018 tot eind november. Ook in de andere jaren duurde het vaak tot in november, alleen in 2020 en 2022 was het vanaf september al voorbij. Op grond van deze statistiek is de kans dus grote dat de lage afvoeren nog wel tot in november en misschien begin december aan kunnen houden.