U bent hier

Groot hogedrukgebied zorgt voor droog weer en dalende waterstanden

In de loop van de week ontwikkelt zich een sterk hogedrukgebied boven Scandinavië, dat het weer voor langere tijd gaat beïnvloeden. Vandaag en morgen passeren voorlopig de laatste regengebieden, waarna het een week droog blijft. De waterstanden in de rivieren gaan daarom weer flink omlaag: de Rijn tot onder 8 m (NAP), de Maas tot onder 100 m3/s. In het waterbericht leest u de details. 

In de rubriek Water Inzicht een analyse van de invloed van de nattere winters op de rivieren. Vorige week liet ik zien hoe de Rijn tot nu toe reageert op de nattere winters. Deze week is de Maas aan de beurt, met in grote lijnen een zelfde beeld, behalve bij de hogere afvoeren.

water van de week

Vandaag en morgen voorlopig de laatste regen in het stroomgebied

De hele maand november lukte het lagedrukgebieden vanaf de Atlantische Oceaan niet om door te dringen tot boven Europa. Hoe sterk ze ook waren, ze kwamen niet veel verder dan het westen de Britse Eilanden. Hogedrukgebieden boven Centraal of Oost Europa blokkeerden steeds de weg. Regenzones konden het westen van Europa nog wel bereiken en in een zuidwestelijke stroming passeerden er om de paar dagen wel een regengebied. 

Veel regen viel er echter niet en de rivieren kregen wel wat extra water te verwerken, maar tot hoge standen kwam het deze maand voorlopig niet. De Rijn profiteerde net wat meer dan de Maas, omdat de regengebieden boven het stroomgebied van de Maas minder intensief waren. Het kaartje hieronder van Wetteronline laat zien dat er in een brede zone over België en het noorden van Duitsland, minder regen is gevallen dan er gewoonlijk in november valt.

Schermafbeelding 2022-11-27 om 09.47.27.png

Afwijking van de langjarig gemiddelde hoeveelheid neerslag in de stroomgebieden van Maas en Rijn in november
Afwijking van de langjarig gemiddelde hoeveelheid neerslag in de stroomgebieden van Maas en Rijn in november
 Verder zuidelijk in Duitsland viel wel ongeveer de normale hoeveelheid en het Zwarte Woud nog iets meer. In Nederland is ook een duidelijke tweedeling zichtbaar, met in het zuidoosten en oosten relatief droge omstandigheden, terwijl het langs de Hollandse kust juist erg nat is. 

Op dit moment ligt er nog steeds een groot lagedrukgebied ten noordwesten van Schotland (zie linkerkaart hieronder) en fronten van dit weersysteem liggen tot boven West Europa. Vandaag en morgen regent het vanuit deze fronten en wederom valt in de kustprovincies de meeste regen, lokaal meer dan 20 mm. In het oosten en zuidoosten blijft het waarschijnlijk bij 10 mm of minder.

Het hogedrukgebied boven Oost Europa maakt zich ondertussen op voor een uitbreiding over Scandinavië naar het westen. In de weerkaarten hieronder is rechts de luchtdrukverdeling voor over een week afgebeeld. Het is een zeldzaam sterk en omvangrijk hogedrukgebied, dat waarschijnlijk lange tijd het weer in heel Europa zal gaan beïnvloeden.

Ook het feit dat het zich vanuit het oosten over zo'n groot gebied uit kan spreiden is bijzonder, meestal bewegen lage- en hogedrukgebieden boven het noordelijk halfrond van west naar oost, maar ditmaal is het precies andersom.

weerkaart eind nov 22.jpg

Luchtdrukverdeling boven Europa vandaag (links) en over een weeek (rechts)
Luchtdrukverdeling boven Europa vandaag (links) en over een weeek (rechts)
Een groot hogedrukgebied boven Scandinavië betekent in de winter vaak dat koude lucht vanuit Rusland over Europa uitstroomt, maar het is nog maar de vraag of dat nu ook gaat gebeuren. Zoals de rechter weerkaart hierboven laat zien heeft het hogedrukgebied een uitloper naar de Balkan en de luchtstroming zal daarom eerder zuidoostelijk zijn dan noordoostelijk. De koude lucht lijkt ons daarom niet te gaan bereiken, maar omdat dit de verwachting is voor over een week blijft het nog wel even afwachten wat er precies gebeurt.

Voor de neerslag maakt het allemaal niet zoveel uit, want een dergelijk groot hogedrukgebied houdt de regengebieden vanaf de Oceaan op grote afstand en vanaf maandag wordt het daarom voor langere tijd droog, met dalende waterstanden tot gevolg.

Hoe deze weersituatie zich ontwikkelt na het volgend weekend is nu nog niet duidelijk. Er is een mogelijkheid dat het hogedrukgebied blijft liggen en de weg vrij komt voor koudere lucht uit het (noord)oosten met mogelijk zelfs een vorstperiode na 5/12, maar er is ook een kans dat het hogedrukgebied zich weer terug trekt naar Rusland. Die laatste optie is de afgelopen dagen langzaam wat waarschijnlijker geworden. 

Mocht het hogedrukgebied blijven liggen, dan blijft het ook na het volgend weekend nog lange tijd droog, maar ook als het zich terugtrekt, duurt het nog wel een paar dagen voordat neerslag de stroomgebieden weer kan bereiken, dus hoeven we ook dan niet voor 10/12 op stijgende waterstanden te rekenen. 

Samengevat dus eerst nog twee dagen met wat neerslag, maar te weinig voor een wat grotere stijging en daarna langere tijd droog en waarschijnlijk tot rond 10/12 dalende waterstanden.

Rijn daalt langzaam naar 8 m bij Lobith

Afgelopen week steeg de Rijn enkele dagen tot boven de 9 m (NAP) en de afvoer kwam tot net boven de 2.200 m3/s. Dat zijn ongeveer de gemiddelde waarden voor deze tijd van het jaar. Inmiddels is de waterstand al weer wat gedaald, omdat er deze week nog maar weinig regen viel in het stroomgebied. 

Vandaag en morgen kan er nog wel wat vallen, maar de meeste neerslag wordt vrij westelijk in het stroomgebied verwacht en in de Alpen en Zuid Duitsland, valt waarschijnlijk helemaal niets. De Rijn zal daarom maar weinig extra water ontvangen en de daling die nu begonnen is, zal er hoogstens wat door vertragen.

De komende week daalt de stand met zo'n 5 tot 10 cm per dag en op 2 of 3/12 verwacht ik dat de 8,5 m (NAP) bij Lobith weer zal worden onderschreden. De afvoer bedraagt dan ca 1.600 m3/s. De daling gaat ook daarna langzaam verder en in de hele week na volgend weekend is de kans groot dat de stand blijft dalen. Als het hogedrukgebied stand houdt, dan zal ook de 8 m (NAP) waarschijnlijk rond 9 of 10/12 weer bereikt en onderschreden worden. Mocht het hogedrukgebied zich toch al eerder terug trekken dan is voor die tijd al weer een stijging mogelijk.

Maas nog enige tijd rond 125 m3/s, later weer onder 100 m3/s

De Maas profiteerde een beetje van de neerslag in de Ardennen in de afgelopen week. De hoeveelheden waren niet zo groot, maar er viel voldoende om de afvoer te laten stijgen tot tussen de 125 en 150 m3/s. Dat is ruim onder het langjarig gemiddelde, maar wel veel meer dan de ca 40 m3/s van medio november. 

Er is nu nog wel wat water onderweg en vandaag en morgen valt re ook nog zo'n 10 tot 15 mm en daarom blijft de afvoer nog een paar dagen schommelen rond hetzelfde niveau. De hoogste waarde wordt waarschijnlijk op dinsdag 29/11 bereikt, maar veel meer dan 150 m3/s zal het ook dan niet zijn.

Na dinsdag daalt de afvoer weer langzaam en in of net na het weekend verwacht ik dat de 100 m3/s weer onderschreden zal worden. De daling daarna zal maar langzaam gaan en voordat de 75 m3/s bereikt wordt, zijn we waarschijnlijk al weer een week verder. Of dat niveau bereikt wordt hangt af van de positie van het hogedrukgebied dat zich de komende dagen boven Noord Europa ontwikkelt. 

water inzicht

Invloed nattere winters levert bij de Maas wel vaker hogere afvoeren op

De afgelopen decennia is het in de winter natter geworden in de stroomgebieden. Vorige week liet ik zien dat dat invloed heeft op de afvoer van de Rijn. In de wintermaanden is er namelijk vrijwel geen verdamping en als er meer regen valt, dan zal dat extra water de rivieren bereiken en daar zorgen voor een hogere afvoer.

Bij de Rijn bleek de grotere afvoer in de winter vooral terug te vinden te zijn in het minder vaak optreden van lage en zeer lage afvoeren (onder de 1.500 m3/s) en het vaker optreden van gemiddelde afvoeren en licht verhoogde afvoeren (tussen 2000 en 4000 m3/s). Opvallend was dat hogere afvoeren niet vaker voorkomen en daar zelfs een lichte afname bij zichtbaar was. De allerhoogste afvoeren  (>7.000 m3/s) kwamen weer ongeveer even vaak voor.  

Bij de Maas is het ook natter geworden in het stroomgebied en dat vertaalt zich ook daar in een hogere gemiddelde afvoer in de winter. Als we voor de Maas de gemiddelde winterafvoer vanaf 1911 t/m 2022 in een grafiek uitzetten, dan blijkt de trend ook positief te zijn (zie grafiek hieronder). Over de hele meetreeks is de afvoer met ongeveer 10% toegenomen.

Schermafbeelding 2022-11-27 om 12.22.37.png

Gemiddelde winterafvoer (december t/m februari) van alle jaren uit de meetreeks van de Maas vanaf 1911 t/m 2022 en de trendlijn.
Gemiddelde winterafvoer (december t/m februari) van alle jaren uit de meetreeks van de Maas vanaf 1911 t/m 2022 en de trendlijn.

Als we net als bij de Rijn de veranderingen per afvoerklasse in beeld brengen, dan zien we grotendeels hetzelfde verloop, maar er zijn ook verschillen (zie de volgende grafiek). Het aantal stappen is even groot als bij de Rijn, maar uiteraard zijn de stappen bij de Maas kleiner omdat de Maasafvoer veel kleiner is; ze bedragen 100 m3/s. De afvoergegevens zijn van de Maas bij Monsin, net ten noorden van Luik. Dit is het punt voordat de 3 kanalen afsplitsen van de Maas, die samen enkele tientallen m3/s afvoeren. Voor het vergelijken van jaren wordt altijd uitgegaan van dit punt. 

Uit de meetgegevens van Monsin blijkt dat de lagere afvoeren tegenwoordig veel minder vaak voorkomen. In de recente periode bevindt de afvoer zich nog 43 dagen in een van de 4 stappen tot aan 400 m3/s, terwijl dat voor 1990 nog op 48 dagen het geval was. Lage afvoeren komen dus net als bij de Rijn tegenwoordig minder vaak voor en het extra water dat de Maas afvoert zal hebben bijgedragen aan dit effect.  

Schermafbeelding 2022-11-27 om 19.17.47.png

Frequentie van optreden van afvoeren in de Maas bij Monsin tijdens de wintermaanden in de periode tot 1990 en vanaf 1990. De afvoeren zijn verdeeld in stappen van 100 m3/s vanaf <100 tot >1300 m3/s .
Frequentie van optreden van afvoeren in de Maas bij Monsin tijdens de wintermaanden in de periode tot 1990 en vanaf 1990. De afvoeren zijn verdeeld in stappen van 100 m3/s vanaf <100 tot >1300 m3/s.

De afvoeren tussen 400 en 500 m3/s komen even vaak voor tegenwoordig, maar in de 4 klassen daarboven van 500 m3/s tot 900 m3/s bevindt de afvoer zich tegenwoordig duidelijk vaker dan voor 1990. Voor 1990 ging het om ongeveer 22 dagen, tegenwoordig om 26 dagen. Ook dit sluit aan bij wat we bij de Rijn zagen. Daar waren het ook 4 afvoerklassen in het licht verhoogde bereik (tussen 2.500 en 4.500 m3/s) die samen 20% meer voorkwamen.

Bij de hogere afvoeren van de Maas, rond de 1000 m3/s, die gemiddeld 2 dagen per jaar voorkomen, lijkt de situatie ook op die van de Rijn. De afvoeren tussen 900 en 1200 komen tegenwoordig net zo veel voor als vroeger. Bij de Rijn waren dit de afvoeren tussen de 4.500 en 6.500 m3/s. Tot zover lijken de beide rivieren dus sterk op elkaar met sinds 1990 minder lage, meer licht verhoogde afvoeren en ongeveer evenveel hoge afvoeren.

Bij de nog hogere afvoerklassen, boven de 1200 m3/s, zien we echter bij de Maas wel een ander verloop dan bij de Rijn. Deze afvoeren komen namelijk tegenwoordig meer voor dan vroeger. De verschillen zijn niet heel groot, maar vooral de afvoeren boven 1.300 m3/s zijn sinds 1990 bijna 1 dag per jaar vaker opgetreden dan voor 1990. Bij de Rijn, waar het om de afvoeren boven de 7.000 m3/s ging, zagen we deze toename niet.

Bij de Maas is het aantal dagen met een hoge afvoer sinds 1990 dus hoger dan voor die tijd. Om na te gaan hoe die hogere afvoeren zich over deze periode van 30 jaar verdelen heb ik de hoge afvoeren nog wat uitgebreider bekeken. In de bovenste figuur hieronder is voor de Maas per periode van 10 jaar sinds 1911 weergegeven hoeveel dagen met hoge afvoeren er gemiddeld per jaar waren.

Het gaat hier om de afvoeren boven de 1300 m3/s, dus een verdere onderverdeling van de hoogste klasse uit de analyse hierboven. Ter vergelijking is in de onderste grafiek ook de situatie voor de Rijn weergegeven, voor afvoeren met een vergelijkbare frequentie.

Schermafbeelding 2022-11-27 om 19.57.00.png

Per decennium is het gemiddeld aantal dagen per jaar aangegeven met een hoge afvoer voor de Maas (boven) en de Rijn (onder).
Per decennium is het gemiddeld aantal dagen per jaar aangegeven met een hoge afvoer voor de Maas (boven) en de Rijn (onder).

Bij de Maas valt op dat vooral de periode van 1991 tot 2000 er uit springt. In deze periode deden zich de hoogwaters voor van 1993 en 1995 en vooral de laatste zorgde voor een groot aantal dagen met een hoge afvoer; vooral zijn er veel dagen met een afvoer boven 1.500 en 1.750 m3/s.

Na 2000 is het aantal dagen met een zeer hoge Maasafvoer weer sterk teruggevallen. En de laatste 2 decennia onderscheiden zich weer niet van de eerdere decennia in de meetreeks. De periode van 1990 tot 2000 kende echter zoveel dagen dat het gemiddelde over deze 30 jaar nog steeds relatief hoog is. 

Bij de Rijn waren er in het decennium van 1991 t/m 2000 ook veel hoogwaters en het aantal dagen met een zeer hoge afvoer is hoger dan in de meeste andere perioden, maar deze 10 jaar springen er niet echt uit. Net als bij de Maas zijn er de laatste 20 jaar weer relatief weinig dagen met een hoge afvoer en dit verklaart dat het gemiddelde over de hele periode van 30 jaar niet hoger is dan in de periode voor 1990.