U bent hier

zaterdag 22 april 2017

Vanaf eind komende week stijgende waterstanden

De komende week lijkt het weer in beginsel veel op de afgelopen week. Een hoge drukgebied op de Atlantische Oceaan zorgt voor een NW-stroming waarmee koele lucht over de stroomgebieden van Rijn en Maas wordt gevoerd. Medio deze week wordt de lucht in deze stroming wel steeds onstabieler en dat zorgt dan voor buiig weer. De neerslaghoeveelheden zijn in Nederland niet zo groot, maar tegen de heuvels in België, Frankrijk en Duitsland kan er wel voldoende neerslag vallen om de rivieren aan het eind van de week weer wat te laten stijgen.

De lucht is zo koud dat boven de 500 m zelfs sneeuw kan vallen, dat betekent dat in de Ardennen en Eifel een laagje sneeuw kan vallen tot 15 cm dik. In de Alpen doen ze daar nog een schepje bovenop. De lucht moet daar nog veel meer stijgen en daardoor gaat er veel sneeuw vallen, tot wel meer dan 1 m verse sneeuw. In de oostelijk Alpen was in de vorige week boven de 2000 m lokaal ook al meer dan 2 meter sneeuw gevallen.  Zo valt er in 2 weken tijd meer sneeuw dan in de hele winter bij elkaar. De sneeuwvoorraad is voorlopig dus wel weer even op peil.

 

Rijn daalt de komende dagen nog wat, maar hoger waterpeil op komst

Vandaag schommelt de Rijn bij Lobith net onder de 8 m; veel te laag voor de tijd van het jaar, maar iets hoger dan eerder deze week toen het peil 7,75 bedroeg. De komende 5 dagen daalt het peil weer iets, misschien nog wel net onder de 7,75, maar tegen het eind van de week lijkt zich toch een wat grotere stijging in te gaan zetten.

De neerslaggebieden, die vanaf dinsdag over het stroomgebied bewegen, brengen voldoende neerslag voor een stijging later in de week. Hoe ver het dan gaat stijgen, is nog niet te zeggen, maar een peil tot 8,5 of misschien 9 m moet in de loop van de volgende week mogelijk zijn. Een hoogwatersituatie zit zeker niet in de pijplijn en voorlopig blijft het peil, ondanks deze stijging, nog ver onder de normale stand voor deze tijd van het jaar.

De afvoer bij Lobith tikte deze week even de 1200 m3/s aan. De op 3 na laagste afvoer ooit; alleen 1921,1934 en 1976 waren nog extremer. Van de meer recente jaren staan 1996, 2011 en 2014 dicht in de buurt. In 2011 zou de afvoer uiteindelijk door blijven dalen tot aan eind mei toe en werd zelfs de 1000 m3/s onderschreden. Dat leverde toen veel problemen op voor de inname van zoetwater voor landbouw, natuur en drinkwater in het Benedenrivierengebied. Het zeewater kan namelijk bij lage rivierafvoeren tijdens vloed veel verder het land indringen, tot voorbij de innamepunten voor zoetwater.

Dit jaar lijkt de kans daarop veel kleiner. Komende week daalt de Rijnafvoer nog wel wat, wellicht zelfs tot iets onder de 1200 m3/s, maar door de neerslag die vanaf dinsdag valt, zal de afvoer vanaf volgend weekend wel duidelijk gaan stijgen.  Zo komt de Rijn dan weer buiten het bereik van de hele lage afvoeren en voordat de afvoer dan, bij een volgende droge periode, weer zo laag is, zijn we wel weer enkele weken verder.

Omdat het sneeuwdek in de Alpen deze week nogmaals sterk aan zal groeien (er ligt dan meer dan in een gemiddeld jaar) is ook de kans op lage afvoeren later in juni een stuk kleiner geworden. De sneeuw boven de 2000 m in de Alpen smelt namelijk vooral in juni en de laag die er nu ligt is voldoende voor een flinke bijdrage aan de Rijnafvoer.

 

Maasafvoer nu nog erg laag, later hoger

De Maasafvoer bij Borgharen is al wekenlang erg laag en het daggemiddelde kwam deze week zelfs enige tijd onder de 50 m3/s uit. Omdat de afvoer altijd erg schommelt, daalde de laagste waarde zelfs enige tijd tot 10 m3/s. Voor deze tijd van het jaar is dat uitzonderlijk laag. Er wordt door de Maas trouwens wel meer water aangevoerd, maar tussen Luik en Maastricht wordt een deel afgetapt voor het op peil houden van het Albertkanaal, de Zuid-Willemsvaart en het Julianakanaal.

Er is een overeenkomst gesloten tussen België en Nederland om het water bij lage afvoeren nauwkeurig te verdelen (tot op de m3/s nauwkeurig) over deze kanalen en de maas. Ook is afgesproken dat het minimum dat beschikbaar moet blijven voor de Maas zelf (hier de Grensmaas geheten) 10 m3/s is. Deze week werd dat minimum dus al een paar keer bereikt, terwijl dat gewoonlijk pas veel later in de zomer het geval is.

Door de lage afvoeren vallen in de Grensmaas (die niet gestuwd is) nu al veel grindbanken droog. Daarom is er weinig gelegenheid voor vissen die op deze banken hun eieren afzetten. Ook is de kans groot dat deze grindbanken dit jaar massaal begroeid zullen raken, omdat ze aan het begin van het groeiseizoen al droog vallen.  Vorig jaar gebeurde dat pas in juli en bleven ze de rest van het jaar kaal.

De heel lage afvoeren lijken voorlopig trouwens weer even voorbij. Vanaf dinsdag gaat er regen (en sneeuw) vallen in de Ardennen en dat lijkt voldoende voor een stijging van de Maasafvoer naar 100 tot 150 m3/s.  De grindbanken overstromen dan weer even. Of dat heel lang zal zijn is de vraag, want een langere natte periode lijkt er voorlopig niet in te zitten.  En omdat de sneeuw in het stroomgebeid van de Maas ook weer snel zal smelten, zijn er bij de Maas geen buffers waar de afvoer later in het voorjaar en de zomer uit kan putten. De Maas moet het hebben van de regenzones die soms overtrekken en al sinds oktober vorig jaar zijn dat er veel minder dan in een normaal jaar.