Actuele verwachtingen waterstanden
Het water in de Nederlandse rivieren en delta is altijd in beweging. De hoeveelheid neerslag en smeltwater zorgen ervoor dat de waterstand in de rivieren stijgt of daalt en in de delta en langs de kust zijn het vooral stormen die de waterstanden bepalen. Op deze pagina met actuele verwachtingen schrijf ik iedere week onder de kop Water van de Week een prognose hoe de waterstanden zich op korte termijn ontwikkelen. Als de waterstanden in de rivieren sterk gaan stijgen en er zich een hoogwater ontwikkelt of als er een storm met hoogwater langs de kust op komst is, verschijnen de hoogwaterberichten met een hogere frequentie van eens in de 2 of 3 dagen. Naast de waterverwachtingen probeer ik ook iedere week een onderwerp wat verder uit te diepen in de rubriek Water Inzicht in het tweede deel van het wekelijkse waterbericht.
Langdurig droog en sterk dalende waterstanden
Na een paar natte weken is het weerpatroon omgeslagen en we hebben de komende weken weer met droge omstandigheden te maken. De hoogwatergolven die nu door de Rijn en Maas richting zee bewegen zullen we weer snel vergeten zijn want er breekt een periode aan van flink dalende waterstanden. In het water bericht leest u hoe ver de waterstanden mogelijk kunnen gaan dalen.
In de rubriek Water Inzicht laat ik zien hoe de gemiddelde afvoeren in de winter van de Rijn zijn toegenomen; wat te verwachten is, want de winters zijn natter geworden. Maar de oorzaak van deze toename blijkt toch een verrassing in petto te hebben.
Water van de week
Hogedrukgebieden nemen het stokje weer over en dat kan wel even duren.
In het begin van de afgelopen week was het nog een komen en gaan van regengebieden en er viel toen zelfs meer regen dan zondag vorige week nog was verwacht, waardoor de waterstanden nog wat hoger uitpakten dan in mijn bericht van vorige week. In dat bericht leek het er ook nog op dat het natte weer, met een wat lagere intensiteit, ook deze week en komende week nog door zou kunnen zetten maar ook dat pakte anders uit. Het hogedrukgebied dat eerder boven Zuid-Europa lag, breidt zich meer uit naar onze omgeving en dat houdt regengebieden voorlopig op grote afstand. De meeste tijd ligt de kern van hogedruk ten oosten van ons waardoor we te maken krijgen met een vrij zachte zuidelijke tot zuidwestelijke stroming, die voor lenteachtig weer zorgt.
Regen lijkt er de eerste week niet van te komen en de eerste neerslagsignalen laten de modellen pas weer zien vanaf dinsdag na het komend weekend. De dagen daarna zou er iedere dag wel wat regen kunnen vallen maar serieuze hoeveelheden worden voorlopig niet verwacht. Daarbij is het ook nog zover weg in de verwachting dat het ook nog anders uit kan pakken en misschien verloopt de tweede week ook wel grotendeels droog.
Het weerbeeld lijkt wel wat op dat van vorig voorjaar toen ook vanaf eind februari een droge periode aanbrak en er in maart zo goed als geen druppel regen viel. Zo droog als toen lijkt het nu waarschijnlijk niet te gaan worden, maar het is ook niet uitgesloten. Van alle seizoenen is het voorjaar de periode van het jaar die het minst natter is geworden. Dat geldt dan overigens wel vooral voor de maand april en minder voor maart maar goed, vorig jaar bleek dat ook maart zeer droog kan uitpakken.
Rijn daalt de komende week snel, aan het eind van week weer onder 10 m.
In de Rijn passeerde afgelopen week een hoogwatergolf. Sinds De Rijn op 13 februari was gaan stijgen, volgden er maar liefst 3 pieken, die ieder steeds iets hoger werden: de eerste tot 11,85 m, de tweede tot 12,24 m en de derde kwam tot 12,97 m NAP bij Lobith. Bij deze waterstand overstromen al flinke delen van de uiterwaarden voor zover die buiten de zomerkaden liggen en wie langs de rivier woont of met trein of auto de rivier ergens overstak zal de grote watermassa’s zijn opgevallen.
De afvoer steeg tijdens de piek op 26/2 tot 5515 m3/s, ruim 4 keer zoveel als twee weken eerder. Dat lijkt heel wat maar toch is dit nog een bescheiden hoogwatergolf die In de totale ranglijst van hoogwatergolf en sinds 1901 op de 159e plaats uitkomt. Het is daarmee een waterstand die gemiddeld iets meer dan één keer per jaar voor kan komen. Op vrijdag en zaterdag daalde de waterstand nog maar langzaam omdat er ook nog vrij veel water vanuit Zuid-Duitsland onderweg was, wat de daling nog even vertraagde.
Inmiddels is dat golfje voorbij en gaat de waterstand de komende dagen snel dalen met meer dan 50 cm per dag op maandag en dinsdag. Op dinsdag komt de waterstand alweer onder de 11 m uit. Daarna gaat de daling wat langzamer, met circa 30 cm per dag, waardoor op vrijdag waarschijnlijk de 10 m onderschreden wordt. In en na het volgend weekend vertraagt de daling nog wat meer, maar de kans is groot dat in het midden van de week na het volgend weekend, dat is tussen 10 en 12 maart, ook de 10 m weer onderschreden wordt.
Dat zou betekenen dat de waterstand in minder dan twee weken ruim 3 weken meter zal zijn gedaald en dat we dan alweer met lager dan gemiddelde waterstanden te maken hebben. Mogelijk dat er rond 10 maart weer wat regen kan komen in het stroomgebied waardoor de daling daarna verder vertraagt, of dat er weer een lichte stijging volgt. De kansen daarop lijken voorlopig echter niet zo groot; volgende week zal daarover meer duidelijkheid te geven zijn.
Maas daalt snel verder tot onder 300 m3/s.
In de Maas ontstond ook een hoogwatergolf die maandag al bij Maastricht het land binnenstroomde. De afvoer steeg tot 1.335 m3/sen net als bij de Rijn is dit een hoogwater dat gemiddeld zo eens in het jaar voorkomt. Bij de Maas overstromen de uiterwaarden doorgaans pas boven de 1500 tot 1700 m3/s, dus op veel plaatsen bleef het water in het zomerbed. Behalve in gebieden waar de uiterwaarden in de afgelopen jaren zijn verlaagd ten behoeve van de hoogwaterveiligheid, zoals langs de Grensmaas en verder stroomafwaarts bij Ooijen-Wanssem. Dat laatste gebied ligt niet ver van Venray en hier zijn hoogwatergeulen aangelegd en is een oude arm van de Maas gerevitaliseerd. Ook verder stroomafwaarts zijn er nevengeulen gegraven en uiterwaarden verlaagd die nu ook zullen zijn overstroomd.
De komende week wordt in het geheel geen regen verwacht in het stroomgebied en de afvoeren die bij Maastricht alweer tot onder de 700 m3/s zijn gezakt, zullen voorlopig blijven dalen. Op dinsdag verwacht ik dat de 500 m3/s weer wordt onderschreden, op donderdag de 400 en in het weekend kan de 300 m3/s alweer bereikt worden. Vanaf het weekend zet de daling verder door, maar dan wel veel trager, naar 250 m3/s en, mocht het ook dan nog droog blijven dan kan medio maart ook de 200 m3/s worden bereikt. Maar misschien valt er medio volgende week toch wel weer wat regen en in dat geval zal de daling worden vertraagd of omslaan in een lichte stijging. Een grotere stijging wordt voorlopig niet verwacht.
Water Inzicht.
Op zoek naar wat de toename van de hogere gemiddelde winterafvoeren veroorzaakt.
De afvoer van de Rijn in de afgelopen winter lied twee verschillende kanten zien: in december en januari was deze relatief laag in februari juist aan de hoge kant. Gemiddeld over deze 3 maanden kwam de afvoer daarmee op circa 2.200 uit, wat bijna 20% lager is dan het langjarig gemiddelde dat tegenwoordig ca 2.750 m3/s bedraagt. Deze toename sluit mooi aan bij het feit dat de winters als gevolg van klimaatverandering natter zijn geworden en omdat in de winter, bij gebrek aan verdamping, een groot deel van de neerslag tot afstroom komt, vertaalt dat zich automatisch in hogere Rijnafvoeren.
De bovenste grafiek hieronder laat de neerslagsom zien voor de winter in Duitsland en als we het langjarig gemiddelde volgen (de dunne zwarte lijn) dan blijkt dat de hele vorige eeuw gestegen te zijn, naar een ca 20% hoger niveau in deze eeuw. Met name in de winter komt een groot deel van het Rijnwater uit Duitsland en dan vooral tijdens de perioden met wat hogere afvoeren.
neerslag Du tm 2026.jpg

Schermafbeelding 2026-03-01 om 15.14.11.png

Als we de grafiek van de gemiddelde winter afvoeren ernaast zetten (onderste grafiek hierboven) dan zien we dat de trendlijn duidelijk oploopt. Ook het 30-jarig gemiddelde is in de grafiek aangegeven en deze is goed te vergelijken met de veranderingen in neerslag in Duitsland. Het afgelopen jaar lag duidelijk onder dit langjarig gemiddelde, maar erg laag was het ook weer niet. In het verleden waren er zelfs winters met een gemiddelde afvoer van niet veel meer dan 1.000 m3/s.
In de grafiek vakt op dat er in het verleden veel meer winters waren met een lage winterafvoer. In de volgende grafiek heb ik afname nog wat verder uitgewerkt aan de hand van het aantal dagen dat in de winter de afvoer onder de 1.200 m3/s blijft. Voor de winter is dat een situatie die niet zo vaak voorkomt, gemiddeld met ongeveer 10 dagen per jaar. De grafiek laat zien dat dit aantal sterk schommelt van jaar tot jaar, met soms meer dan 50 dagen, maar vaak komt het ook helemaal niet voor.
Om langjarige veranderingen in deze schommelingen in beeld te brengen heb ik ook het 30-jarig gemiddelde weergegeven. Daaruit blijkt dat er een opvallende afname heeft plaatsgevonden van ca. 18 dagen in het midden van de vorige eeuw naar nog maar 6 op dit moment. De afgelopen winter, die langdurig vrij lage afvoeren kende, had 13 van deze dagen met een afvoer kleiner dan 1500 m3/s. Dat is veel volgens het huidige gemiddelde, maar zou dus medio vorige eeuw juist wat aan de lage kant van het gemiddelde zijn geweest.
Schermafbeelding 2026-03-01 om 15.21.35.png

De trend is dus duidelijk: de winters zijn natter en lage afvoeren komen veel minder vaak voor. Tot zover verloopt alles volgens verwachting. Maar naast dat er minder lage afvoeren zijn, verwachten we ook dat er vaker hoge afvoeren zullen voorkomen als gevolg van het natter wordende klimaat in de winter. De kans op perioden met veel regen neemt namelijk toe als het natter wordt en de verwachting ligt dan voor de hand dat ook het aantal dagen met een hoge afvoer toeneemt. De volgende grafiek laat zien hoe het aantal dagen met een verhoogde afvoer is veranderd. Ik heb gekozen voor een afvoer van 5.500 m3/s, dat is een hoogwatersituatie zoals we afgelopen week hebben meegemaakt.
Schermafbeelding 2026-03-01 om 14.40.10.png

Gemiddeld over de hele meetreeks komt het aantal dagen >5.500 m3/s uit op ca 5 dagen per jaar, maar de laatste decennia zien we hierin geen toename. Het langjarig gemiddelde neemt zelfs duidelijk af en is na een periode eind vorige eeuw dat het 30-jarig gemiddelde bij 7 dagen lag, nu gedaald naar 4. Ook de nog hogere afvoeren (geen grafiek) blijken duidelijk minder voor te komen. Zo was het aantal dagen met een afvoer boven de 8.000 m3/s gedurende de laatste 30 jaar ook de helft minder dan het langjarig gemiddelde. Maar dit zijn altijd al vrij zeldzame gebeurtenissen, met in sommige jaren grote uitschieters, wat het vaststellen van trends lastig maakt. Daaarom heb ik me hier gebaseerd op de afvoeren van >5.500 m3/s die wat vaker voorkomen.
Zowel het aantal dagen met een lage afvoer als met een hoge afvoer neemt dus af in de afgelopen decennia. Dat kan alleen maar betekenen dat het aantal dagen met een minder extreme afvoer toeneemt en dat blijkt ook als we een grafiek maken van het aantal dagen met een afvoer rond het langjarig gemiddelde (25% boven en onder 2.750 m3/s). Uit deze grafiek blijkt het aantal dagen dat de afvoer zich binnen deze range bevindt fors te zijn tegenomen: van minder dan 30 een jaar of 50 geleden naar 40 op dit moment.
Schermafbeelding 2026-03-01 om 14.40.36.png

Uit deze analyse van het aantal dagen met een lage en hoge afvoer blijkt dus dat de Rijnafvoeren de laatste decennia minder vaak de uitersten opzoeken. Het blijkt dat de dagen met lage afvoeren veel minder vaak voor komen, maar ook de hoge afvoeren zijn zeldzamer geworden. In plaats daarvan vinden we de afvoeren in de wintermaanden steed vaker rondom het langjarig gemiddelde.
Dat het langjarig gemiddelde oploopt, zoals de eerste afvoergrafiek hierboven laat zien, is dus niet het gevolg van hogere afvoeren die vaker voorkomen, maar in de eerste plaats van de lage afvoeren die minder vaak voorkomen. De hoge afvoeren verminderen dit effect eigenlijk nog iets omdat zij minder vaak voorkomen. maar omdat de veranderingen bij de lage afvoeren nog groter zijn dan die bij de hoge afvoeren loopt de gemiddelde winterafvoer toch gestaag op.
Hoogwaterbericht
Een extra bericht met een korte update van de hoogwatersituatie. De waterstanden pakken namelijk iets hoger uit dan ik zondag aankondigde. De Rijn kan stijgen naar ca 13 m op donderdag en de Maas kwam ook hoger uit, maar die piek is Maastricht alweer gepasseerd. De verwachting voor na de piek verandert echter niet, er breekt een wat langere vrij droge periode aan waardoor de waterstanden weer sterk gaan dalen.
Weersituatie.
Vooral in de nacht van zondag op maandag viel er meer regen dan waar ik vanuit ging. Dit betrof vooral de Ardennen en het midden van Duitsland. Maandag viel er ook nog regen, maar vandaag is de meeste regen naar het zuidoosten weggetrokken en de komende dagen verlopen meest droog. Dat blijft het tot zaterdag, als een regengebied ten zuiden van Nederland langstrekt. Heel veel regen wordt daar echter niet uit verwacht en dat zal dan niet veel invloed meer hebben op de waterstanden, die tegen die tijd trouwens alweer aardig gezakt zijn. Na komend weekend zijn de verwachtingen nog wat droger geworden dan waar het zondag naar uitzag. De kans op een natte periode en weer stijgende waterstanden is daarom nog verder afgenomen.
Rijn.
Met name de Noord-Duitse zijrivieren van de Rijn stegen door de regen van zondag meer dan verwacht en dat leverde al met al zo’n 500 m3/s extra water op, goed voor een stijging van ca 50 cm extra bij Lobith. Na het vorige piekje van 12,25 m op zondag is de stand gisteren ca 10 cm gezakt, maar inmiddels weer gaan stijgen. De pieken in de noordelijke zijrivieren van de Rijn zijn voor een deel al weer over hun hoogste punt heen. Zo bereikte de Moezel, de belangrijkste zijrivier, vannacht zijn hoogste stand en daar zet de daling nu weer in. Bij Koblenz waar Rijn en Moezel samenkomen wordt de hoogste stand vandaag rond het middaguur verwacht; vanaf daar is het nog 2 dagen naar Lobith. De piek bij Lobith verwacht ik daarom op donderdag rond het middaguur. De stand zal dan opgelopen zijn tot ca 13 m NAP (+ of – 10 cm). De afvoer is dan opgelopen tot ca. 5.500 m3/s. Vrijdag daalt de stand weer iets, maar nog niet meer dan ca 10 cm. Daarna gaat de daling versnellen en op zaterdag 28/2 verwacht ik dat de 12,5 m weer onderschreden wordt en maandag 2/3 de 12 m. Daarna gaat de daling nog wat sneller verder en wordt op woensdag 4 of donderdag 5/3 de 11 m weer onderschreden.
Maas.
De Maas steeg door de extra regen op zondag ook meer dan ik had verwacht. Die stijging begon al meteen in de nacht naar maandag en gisteren werd bij Maastricht al de hoogste afvoer bereikt van ca 1350 m3/s. Zo bereikte de Maas onverwacht toch nog de afvoer die gemiddeld jaarlijks wel een keer wordt bereikt. Inmiddels is de afvoer weer wat gaan dalen en omdat het de komende 3 dagen droog blijft, zal dat vrij snel gaan. In een dag of 2 wordt de 1000 m3/s waarschijnlijk alweer onderschreden en ook daarna zet de daling nog snel door. Vrijdag en zaterdag ligt een regengebied ten zuiden van de Ardennen. Mogelijk brengt dat nog wel voldoende regen om de daling van de afvoer op zaterdag en zondag wat te vertragen. Een nieuwe stijging is echter onwaarschijnlijk. Na het weekend ziet het er aar uit dat het langere tijd vrijwel droog blijft, zodat de afvoer dan kan blijven dalen. Tegen het eind van volgende weke kan dan de 500 m3/s weer bereikt zijn.
Begin van de week nog vrij veel regen en licht verhoogde waterstanden, daarna droger en dalende standen
De eerste dagen zo nu en dan flink wat regen in de stroomgebieden maar vanaf de tweede helft van de week neemt het drogere weer de overhand. De waterstanden blijven daardoor deze week eerst nog op een licht verhoogd niveau, maar vanaf het eind van de week gaan dalen (de Maas al eerder), omdat er onvoldoende regen valt om het verhoogde peil te kunnen handhaven. In het water bericht leest u de details. In de rubriek water inzicht een analyse van de gemiddelde waterstanden bij Lobith die vanwege de bodemdaling van het zomerbed nog steeds een dalende trend laten zien.
Water van de week.
Eindelijk een meer klassiek weerpatroon en meteen gaan de waterstanden omhoog.
Na de wekenlange patstelling in het weerpatroon, waarbij hoge en lage drukgebieden heel standvastig waren, hebben we nu te maken met een meer klassiek weerbeeld voor deze tijd van het jaar; met hoge druk boven de Middellandse Zee en lagedrukgebieden die ten noorden van ons langs van west naar oost trekken. Voor het Middellandse zeegebied betekent dit dat de periode met extreem veel regen nu achter de rug lijkt te zijn. De straalstroom met de daarbij behorende lagedrukgebieden en neerslagzones is naar het noorden opgeschoven. De neerslaghoeveelheden zijn hier echter een stuk lager dan ze eerder in het Middellandse zeegebied waren, maar wel voldoende om de waterstanden in de rivieren wat te laten stijgen.
Ook voor de sneeuw situatie in de Alpen is dit goed nieuws want met een westelijke en soms even noordwestelijke stroming is vooral hogerop in de Alpen erg veel sneeuw gevallen. Hieronder een grafiek van de ontwikkeling van het sneeuwdek tijdens deze winter van een plaats aan de noordkant van de Alpen in Zwitserland. Tot nu toe was er deze winter alleen begin december en rond 10 januari sneeuw gevallen en daar tussenin was het steeds wekenlang droog. Het sneeuwdek was tijdens deze droge perioden wat ingeklonken en begin februari lag er duidelijk veel minder dan normaal in deze tijd van het jaar (grijze lijn). Op deze oude sneeuw viel deze week in enkele dagen tijd tot meer dan 2 m verse sneeuw.
Schermafbeelding 2026-02-22 om 11.42.39.png

Het sneeuwdek is daardoor de ineens tot boven de gemiddelde waarde voor deze tijd van het jaar gestegen. De komende dagen groeit het deed nog wat aan en, als het later in de week droog wordt, zal het ook weer wat inklinken. Smelten zal het voorlopig niet doen, zeker boven de 2000 m, dat gebeurt pas in april en mei en dat is dan gunstig voor de voorjaarsstanden van de Rijn.
De komende week houden we het hierboven genoemde weerpatroon met lagedrukgebieden die vanaf de Atlantischer Oceaan ten noorden van ons langs naar het oosten trekken. Het zorgt tot en met woensdag nog voor aardig wat regen in de stroomgebieden, waarna donderdag en vrijdag droger verlopen wanneer een rug van hogedruk overtrekt. In het komend weekend wordt het dan weer wat natter, maar grote hoeveelheden regen worden niet meer verwacht.
De week na het komend weekend verloopt ook niet helemaal droog maar geen grote neerslaghoeveelheden omdat het hogedrukgebied zich dan wat meer naar het noorden uitbreidt. De westelijke stroming lijkt ook op langere termijn nog aan te houden zodat de kans groot is dat dit weertype met zo nu en dan regen voorlopig nog aanhoudt en een lange droge periode lijkt er voorlopig nog niet te komen.
Rijn stijgt nog een keer naar ca 12,5 m; daarna sterk dalend.
Dankzij het regenachtige weer van de afgelopen week is de Rijn flink gestegen. Zo'n 10 dagen geleden was de waterstand bij Lobith nog niet meer dan 8,5 m, waar 10 m normaal is voor deze tijd van het jaar. Daarna begon een stijging in twee stappen, eerst naar ongeveer 11,8 m NAP op 17 februari en daarna naar 12,25 m NAP op dit moment. Er is nog een volgende stap In de maak, waarvoor de regen vooral vandaag en morgen valt. Dit piekje wordt zeer waarschijnlijk nog net iets hoger en zal Lobith op donderdag 26/2 bereiken, bij een stand van ca 12,5 m NAP.
De afvoer die 10 dagen geleden nog maar 1.600 m3/s bedroeg, is nu bij de tweede piek opgelopen tot circa 4.700 m3/s en stijgt aan het eind van de week naar circa 5.000 m3/s. Tussendoor op maandag en dinsdag zullen waterstand en afvoer eerst nog iets dalen, tot net iets boven de 12 m NAP op dinsdag. Een afvoer van 5000 m3/s klinkt als heel wat maar is voor de Rijn zeker niet ongebruikelijk In de winter. Gemiddeld stijgt de afvoer iedere winter wel een keer naar ongeveer 6000 tot 6500 m3/s. Of dat deze winter nog gaat gebeuren is de vraag want na de stijging van de komende week volgt eerst een wat langere daling.
Vanaf de tweede helft van de week wordt het overwegend droog in het stroomgebied en dan valt er te weinig regen om deze hoge afvoer te kunnen handhaven. Iedere dag daalt de waterstand dan met zo'n 20 tot soms wel 30 cm per dag. In het komend weekend al wordt dan de 12 m weer onderschreden, 2 maart de 11,5 m en 4 of 5 maart de 11 meter. Daarna vertraagt de daling wat, maar de kans is groot dat op termijn ook de 10 m weer bereikt zal gaan worden; dat zal dan tussen 8 en 10 maart ergens gebeuren. Mogelijk dat voor die tijd alweer een wat natter weertype aanbreekt en in dat geval volgt er, voordat de 10 m wordt bereikt, eerst wel weer een stijging. Daarover is pas volgende week wat meer te zeggen.
Maas vandaag en morgen nog even naar iets boven 1.000 m3/s, maar rest van de week weer dalend.
Het stroomgebied van de Maas viel buiten de gebieden waar de meeste regen viel In de afgelopen week en daardoor steeg de afvoer soms wel, maar werd de 1000 m3/s al niet meer bereikt. Afgelopen nacht viel er In de Ardennen ook nog aardig wat regen en dat water zorgt nu opnieuw voor een stijging bij Maastricht. Later vanavond volgt nog meer regen en daardoor zal de afvoer in de loop van de nacht nog wat verder stijgen, tot net boven de 1000 m3/s en misschien wordt ook de 1.100 m3/s nog bereikt.
De rest van de week wordt het niet helemaal droog in het stroomgebied maar grote hoeveelheden regen worden ook niet verwacht en daarom verwacht ik dat de afvoer het grootste deel van de tijd zal blijven dalen met soms misschien even een korte oplevering tussendoor. Als maandag inderdaad de 1.100 m3/s wordt bereikt, dan verwacht ik op woensdag een afvoer rond 800 en vrijdag rond 600 m3/s.
In het weekend wordt dan de 500 m3/s weer onderschreden en na het weekend ze de daling ook nog verder door omdat volgende week nog wat minder regen wordt verwacht. Als het inderdaad grotendeels droog blijft dan kan de afvoer over een week of twee weer gedaald zijn tot ca 300 m3/s. Of er daarna weer een stijging gaat volgen is nu nog niet te zeggen. Veel regen wordt in ieder geval voorlopig niet verwacht.
Water Inzicht
Rivierbodem van de Rijn blijft gestaag dalen.
In eerdere berichten heb ik al regelmatig geschreven over de bodemdaling van de Rijn. Zoals iedere rivier voert de Rijn niet alleen water af maar ook sediment: klei die weeft in het water, zand dat over de bodem stuitert en als de stroming sterk genoeg is ook fijn grind dat traag over de bodem rolt. Sinds de rivier bijna 150 jaar geleden ten behoeve van de bevaarbaarheid is vastgelegd en versmald met kribben, is de stroomsnelheid in het versmalde zomerbed sterk toegenomen. Het vermogen om zand en grind te vervoeren nam daardoor ook sterk toe.
De aanvoer van sediment vanaf bovenstrooms bleef echter ongeveer gelijk en daardoor kreeg de rivier te kampen met een zogenaamd sedimenttekort: het water voert zand en grind sneller door dan dat het wordt aangevoerd. Het gevolg is dat de rivier zijn eigen bodem is gaan aansnijden, die bestaat in Nederland tot op grote diepte namelijk uit zand. Jaar na jaar vrat de rivier zich als het ware in in de ondergrond, met een snelheid van zo’n 1 tot 2 cm per jaar. Dat lijkt niet veel, maar na meer dan een eeuw is dat inmiddels opgelopen tot ruim 2 meter.
De daling is het grootste in de Waal vanaf de grens tot halverwege Nijmegen en Tiel. Stroomafwaarts daarvan is de daling minder groot omdat dit traject profiteerde van het extra zand dat bovenstrooms was geërodeerd, zodat het tekort er minder groot was. Inmiddels leidt deze bodemdaling tot steeds grotere problemen: kabels en leidingen die onder de rivier door lopen spoelen bloot, uiterwaarden overstromen niet meer en verdrogen, waardoor natuur en landbouw eerder last hebben van droogte, het grondwater daalt (ook binnendijks) waardoor woningen verzakken en de scheepvaart ondervindt steeds meer hinder omdat stenen constructies op de rivierbodem (die niet mee zakken) op veel plaatsen een obstakel gaan vormen.
Omdat deze problemen op termijn alleen maar groter zullen worden is de rijksoverheid en programma gestart om naar oplossingen te zoeken. Dit programma loopt al enkele jaren en de verwachting is dat het nieuwe kabinet binnenkort besluiten gaat nemen over wat de beste oplossing gaat worden. Ik ga hier nu niet verder op in, maar op de website ‘Ruimte voor de Rivier 2.0’ Is hier nog veel meer over te vinden. Ik wil in dit artikelt namelijk vooral even stilstaan bij de vraag of de daling nog steeds verder gaat, of dat deze misschien wel is gestopt. Het meten van de rivierbodem is niet eenvoudig, omdat deze onregelmatig is en van maand tot maand ook in hoogte varieert als er bv zandribbels passeren.
Een van de manieren om de daling zichtbaar te maken is om de waterstand bij Lobith te vergelijken met een meetpunt stroomopwaarts, waar de bodem niet zo sterk daalt als bij Lobith. Ik heb daarvoor de meetgegevens van Keulen genomen en de jaargemiddelde waterstand van de afgelopen 20 jaar vergeleken met die van Lobith. In de volgende grafiek heb ik de gemiddelde waterstand van Lobith (in m NAP) en Keulen (in m bij de lokale peilschaal) uitgezet. Van jaar tot jaar zijn er schommelingen, maar wat vooral opvalt is dat de trendlijn bij Lobith veel sterker daalt dan bij Keulen.
Schermafbeelding 2026-02-22 om 12.45.41.png

De lichte daling bij Keulen is te verklaren uit het feit dat de rivierafvoer in de afgelopen 20 jaar een licht dalende trend liet zien. Dat effect is er bij Lobith ook, maar daarbovenop is er dus nog een ander effect omdat de trendlijn er sneller daalt. Om dit effect in beeld te brengen heb ik ook het hoogteverschil tussen de waterstand van Lobith en Keulen in een grafiek uitgezet. Het verschil tussen Keulen en Lobith bedraagt ongeveer 29 m, maar zoals de grafiek duidelijk laat zien is dat verschil in de afgelopen 20 jaar met zo’n 30 cm toegenomen. Over deze periode nam het verschil dus toe met gemiddeld zo’n 1,5 cm per jaar.
Schermafbeelding 2026-02-22 om 12.46.20.png

Het lijkt er niet op dat het verschil de laatste tijd minder snel groeit, want in het afgelopen jaar was dit zelfs groter dan in enig jaar tevoren. Als we wat beter naar de punten in de grafiek kijken dan vallen enkele uitschieters op. Zo ligt 2018 relatief ver boven de trendlijn en 2024 en in mindere mate 2023 lagen er duidelijk onder. Dit is te verklaren omdat 2018 een jaar was met een lage gemiddelde jaarafvoer en veel dagen met een erg lage afvoer en in die situaties is het peilverschil tussen Lobith en Keulen blijkbaar nog wat groter. De waterstand zakt dan bij Lobith namelijk nog wat verder uit. In een nat jaar met een hoge gemiddelde jaarafvoer, wat 2024 was, is het peilverschil juist wat kleiner.
Nu was 2025 ook een jaar met een relatief lage gemiddelde afvoer, dus het zou natuurlijk kunnen zijn dat in 2025, net als bij 2018, het grote verschil tussen Keulen en Lobith verklaart. Om dat in beeld te brengen heb ik, in de volgende grafiek, de gemiddelde jaarafvoer en het verschil tussen Lobith en Keulen tegen elkaar uitgezet. De jaren met een hoge gemiddelde afvoer vinden we rechts en de jaren met een lage links. De trendlijn laat zien dat het verschil bij de hogere afvoeren inderdaad afneemt. Onder de trendlijn vinden we de jaren waar het verschil in waterstand nog kleiner was; dit zijn allemaal jaren uit de eerste helft van de meetreek en boven de trendlijn vinden we de jaren met een groot verschil.
Schermafbeelding 2026-02-22 om 12.48.26.png

Het grote verschil in 2025 had dus voor een deel te maken met de lage gemiddelde jaarafvoer, maar als we het vergelijken met 2022, wat een nog lagere afvoer had, dan ligt vorig jaar daar wel boven. Het hoogteverschil neemt tussen Keulen en Lobith dus nog steeds toe. Dat zien we ook goed als we vorig jaar vergelijken met de 2 andere jaren met ongeveer dezelfde gemiddelde afvoer, 2017 en 2011. Sinds 2017 is het verschil met 12 cm toegenomen en sinds 2011 met 21 cm, wat ook neerkomt op een daling van de gemiddelde waterstande bij Lobith van 1,5 cm per jaar.
De daling zet zich dus nog steeds door en dat betekent dat de urgentie om hier een oplossing voor te vinden ook steeds groter wordt. Hopelijk wordt er snel een duurzame oplossing gekozen, waardoor het zandtransport weer vertraagt en we in de Rijntakken weer langer kunnen doen met het sediment dat vanuit Duitsland wordt aangevoerd.
Hoogwaterbericht
Een tussentijds bericht met een korte update over de situatie in Rijn en Maas. Komende dagen blijft het wisselvallig en houden we waterstanden op licht verhoogd niveau. Extreme neerslaggebeurtenissen worden niet verwacht en een groot hoogwater verwacht ik daarom ook niet. Maar het verwachte niveau is net wel hoog genoeg om een extra hoogwaterberichtje te maken, zodat de bewoners en gebruikers rondom onze rivieren weten wat hen te wachten staat.
Rijn
Volgens verwachting is het eerste golfje van de Rijn bij Lobith, na een snelle stijging op zaterdag en zondag, uitgekomen op een stand van net onder de 12 meter. Vandaag en morgen daalt de stand heel licht, hooguit enkele centimeters, om dan later morgen weer licht te gaan stijgen. Op vrijdag wordt de 12 m dan waarschijnlijk wel net bereikt. Daarna stabiliseert de stand zich weer even om in de loop van zaterdag nog wat verder te gaan stijgen naar ca 12,5 m op zondag. De afvoer is dan opgelopen tot net onder de 5.000 m3/s.
Waarschijnlijk stijgt de stand na zondag nog wat verder, maar dit hangt af van de hoeveelheid regen die op zaterdag en zondag valt. Boven Midden Duitsland ligt dan een front waar langdurig regen uit kan vallen (en hogerop in de Middelgebergten aanvankelijk ook sneeuw). Ik ga er nu vanuit dat er dan voldoende regen valt om de stand nog wat verder te laten stijgen tot tussen 12,75 en 13 meter op dinsdag 24 en woensdag 25/2.
Volgende week lijken de neerslaghoeveelheden wat af te gaan nemen en dat zou betekenen dat de stand na de 25e weer gaat dalen. Ik verwacht dat de stand rond 1 maart weer gedaald is tot ca 12 meter en de dagen daarna nog iets lager. Maar dit is uiteraard met een grote slag om de arm omdat de weersverwachtingen voor zover vooruit nog kunnen veranderen. Een overgang naar nog nattere omstandigheden en een verdere stijging is voor nu echter onwaarschijnlijk.
Maas
Regen afgelopen zondag en maandag heeft de Maas weer wat laten stijgen naar een tweede piekje op dinsdag. Nu werd de 1.000 m3/s net niet gehaald; het bleef bij 900 m3/s. Daarna is de afvoer weer wat gezakt omdat gisteren niet veel nieuwe regen is gevallen en deze daling zet ook vandaag nog door. Morgen, donderdag, trekt een neerslagzone van zuid naar noord over het stroomgebied, maar de neerslaghoeveelheden lijken voorlopig beperkt te blijven. Ik verwacht daarom wel een stijging maar ook nu zal waarschijnlijk de 1000 m3/s net niet overschreden worden of maar een klein beetje.
Vrijdag verloopt weer grotendeels droog met weer wat dalende afvoeren, naar ca 800 to 900 m3/s, maar vanaf zaterdag tot en met maandag staat wel regen op het programma. En ligt dan een langdurig waar vrij veel regen uit kan vallen van west naar oost langdurig dichtbij of over het stroomgebied. Aanvankelijk ligt het ten noorden van de Ardennen, maar op zondag en maandag komt het er ook boven te liggen. In totaal kan er dagelijks tot dinsdag
zo’n 10 tot 20 mm regen vallen in Ardennen en dat gaat voor een nieuwe stijging zone. Ik verwacht dat de afvoer bij Maastricht vanaf zaterdag weer op gaat lopen. Niet heel snel, want daar zijn de hoeveelheden, naar het nu naar uitziet, niet groot genoeg voor, maar een hoogste afvoer boven 1.250 m3/s op maandag 23 en dinsdag 24/2 is wel mogelijk. De 1.500 m3/s wordt waarschijnlijk niet overschreden, tenzij er meer regen gaat vallen dan nu verwacht. Een veel groter hoogwater, van bv 2.000 m3/s is op dit moment echter niet in zicht.
Het is in ieder geval een situatie om een beetje in de gaten te houden. Vanaf volgende week dinsdag ziet het er nu naar uit dat de neerslaghoeveelheden kleiner worden en dan gaat de afvoer weer naar beneden. Droog wordt het voorlopig niet en daarom blijft de afvoer voorlopig wel op een relatief hoog niveau.
Kleine hoogwatergolven in de Rijn en Maas
Eindelijk is deze week voldoende regen gevallen voor de eerste wat hogere stand in deze winter. Lobith stijgt komende dagen naar bijna 12 meter en de Maas bereikte op vrijdag al een afvoer van 1.100 m3/s. Deze week kunnen stand en afvoer nog wat hoger worden. In het waterbericht leest u wat de rivieren de komende week verder te verwachten staat. Vanwege familieomstandigheden deze week een kort bericht.
Water van de week
Een westelijke luchtstroming zorgt voor flink wat regen in de komende week
Zondag en de nacht naar maandag dringt zachte lucht op met neerslag, die begint als sneeuw, maar al snel overgaat in regen. Maandag wordt een natte dag in de stroomgebieden en ook dinsdag valt nog aardig wat regen. Woensdag en donderdag volgen nieuwe regengebieden vanuit het westen. Het Europese model verwachtte eerst een koers zuidelijker van de stroomgebieden, maar komt daar nu vanavond op terug, dus misschien dat er op donderdag toch nog een keer flink wat regen valt.
Na donderdag breidt een hogedrukgebied zich uit over Zuidwest Europa en t/m maandag 23/2 trekken de regengebieden noordelijker langs. Op deze termijn is nog onduidelijk of delen van met name het stroomgebied van de Rijn daar niet nog wat van meekrijgt. Vanaf dinsdag volgende week (24/2) blijven met een westelijke circulatie te maken hebben, die afwisselend voor een paar regendagen zorgt en daarna weer enkele dagen droog. De neerslaghoeveelheden zijn niet heel groot, maar het zal zeker zorgen voor aanhoudend verhoogde waterstanden.
Of er zoveel regen valt dat het tot een hoogwater komt is nu nog moeilijk te zeggen, daarvoor wisselen de weersverwachtingen nu nog te veel van dag tot dag.
Rijn stijgt eerst naar ca 12 m; aan het eind van de week misschien nog iets hoger.
Afgelopen week veel vele regen in het stroomgebied van de Rijn en konden we de eerste wat serieuzere hoogwatersituatie verwelkomen van deze winter. De stand is in enkele dagen tijd gestegen van 8,5 m naar nu 11,5 m NAP en stijgt nog iets verder door tot een stand net iets onder de 12 meter NAP in de nacht van maandag op dinsdag. De afvoer die aan het begin van de week nog ca 1.500 m3/s bedroeg is dan met ca. 4.400 m3/s bijna drie keer zo hoog. Vanaf dinsdag gaat de afvoer weer wat omlaag tot ca 11,75 m NAP op donderdag 19/2.
Daarna volgt weer een stijging en op grond van de regen die de komende week verwacht wordt ga ik uit van een stijging tot ca 12,5 m NAP vanaf zondag 22 en maandag 23/2 t/m dinsdag 24/2. De afvoer loopt dan op tot ca 5.000 m3/s. Dit is voor de winter nog geen heel hoge stand. Gemiddeld wordt iedere winter ook wel een keer de 6.000 of 6.500 m3/s bereikt. Daar ziet het voorlopig nog niet naar uit, want op grond van de huidige neerslagverwachting gaat de stand na deze piek weer wat omlaag naar 11,5 m NAP aan het eind van de maand. Maar dit is nog uiterst onzeker omdat de neerslagverwachtingen voor die periode nog wisselen van dag tot dag.
Maas kan later in de week opnieuw stijgen naar >1000 m3/s.
De Maas ontving deze week wat meer regen dan waar de verwachting vorige week vanuit ging. Een stijging was wel verwacht, maar de afvoer steeg zelfs tot iets boven de 1.000 m3/s. Geen bijzonder stand, want die wordt iedere winter wel bereikt. Na de piek op vrijdag is de afvoer nu weer teruggezakt naar ongeveer 700 m3/s. Morgen en overmorgen valt wel regen in het stroomgebied, maar geen grote hoeveelheden. De afvoer kan daardoor wel weer wat stijgen, maar ik verwacht dat de 1000 m3/s niet opnieuw bereikt wordt.
Woensdag wordt een drogere dag en dan kan de afvoer weer wat dalen, maar donderdag is de verwachting nu dat flink wat regen kan vallen. Op donderdag en vrijdag stijgt de afvoer wel weer tot boven de 1.000 m3/s en misschien dat ook de 1.200 m3/s dan bereikt kan worden. Voor vrijdag wordt weer weinig regen verwacht en zaterdag weer wel flink wat. De afvoer kan dan opnieuw tot boven de 1.000 m3/s stijgen en mocht de eerdere golf ook al wat hoger zijn uitgevallen, dan is ook 1.200 of 1.300 m3/s dan mogelijk.
Vanaf zondag blijft het volgens de huidige verwachting wat langer droog, maar de regenzones liggen ook weer niet heel ver van het stroomgebied af, dus misschien dat dat toch nog anders uitpakt. Later in de week is daar meer over te zeggen. Vanwege de kans op hoogwater zal ik komende week zo nu en dan een kort bericht op de website plaatsen. Daarvoor stuur ik overigens geen mails rond.