U bent hier

Droog weer op komst, maar eerst nog flink stijgende waterstanden

Het hoge drukgebied dat ik in mijn bericht van vorige week aankondigde laat wat langer op zich wachten en vooral vandaag wordt nog veel regen verwacht. Daarom zullen zowel de Rijn als de Maas de komende dagen flink stijgen. Geen echte hoogwaters, maar de eerste speldenprikken van het hoogwaterseizoen. In het weer- en waterbericht leest u hoe hoog de waterstanden gaan komen. Vorige week besteedde ik aandacht aan het zout in het Haringvliet, waar het nu via de Kier mondjesmaat wordt toegelaten. Op andere plaatsen in het land, zoals in het Amsterdam Rijnkanaal, proberen we het zoute water juist zoveel mogelijk buiten te houden. Aan het eind van het bericht een impressie hoe goed dat dit najaar is gelukt.

Lagedruk en neerslag houden nog een dag aan

Het lage drukgebied dat al enkele weken nabij de Britse Eilanden ligt, was de afgelopen week toch nog wat actiever dan gedacht en bepaalt ook vandaag en morgen nog het weer in West Europa. Er passeerden de hele week regenzones en buiengebieden en het stabiele weer, dat onder invloed van een hoge drukgebied zou ontstaan, liet langer op zich wachten dan gedacht. 

Maar nu is het einde van de natte periode wel in zicht. Het lage drukgebied is inmiddels opgeschoven naar het oosten en strekt zich nu uit van Nederland tot over Frankrijk. Morgen ligt het nog steeds in de buurt, maar daarna lost het op en verdwijnt het van de weerkaarten. Tegelijkertijd ontwikkelt zich een groot hoge drukgebied boven de Atlantische Oceaan dat later naar Europa beweegt. Het ziet er naar uit dat dit hoge drukgebied en later de opvolgers daarvan voor een langere droge periode gaan zorgen, die misschien wel 2 weken aanhoudt. Het zou een opvallende weersverandering zijn, want tot nu toe hield de hoge druk het dit najaar niet zo lang uit.  

Vandaag ligt er nog een actieve regenzone over het oosten van Frankrijk, België en Nederland. Dit gebied beweegt maar heel langzaam en lokaal in de Ardennen en het noorden van Frankrijk kan meer dan 5 cm regen vallen. Dit heeft vooral invloed op de Maas en de Moezel. Deze laatste watert af op de Rijn en dat betekent dat linksom of rechtsom de komende dagen een groot deel van het gevallen water naar Nederland wordt afgevoerd. 

Omdat vandaag ook in het oosten van Brabant en Limburg (waar in oktober nog niet zoveel regen was gevallen) een paar centimeter regen kan vallen, zal in bijna heel Nederland oktober uiteindelijk gaan eindigen met meer dan 10 cm regenval. Dat is ruim meer dan de 7 tot 8 cm die er gewoonlijk valt en dit zorgt ervoor dat het grondwater in de droge oostelijke delen van Nederland voor het eerst sinds lange tijd weer eens flink wordt aangevuld. Het is nog lang niet voldoende maar de eerste maand die gewoonlijk voor aanvulling zorgt (deze periode loopt t/m maart), draagt tenminste al goed bij. 

De regen van vandaag en (een beetje) op morgen zou wel eens de laatste kunnen zijn van oktober, want de verwachting is dat hoge drukgebieden nu de dienst uit gaan maken en die houden regenzones op grote afstand. 

Rijnafvoer deze week naar ca 2400 m3/s, waterstand naar 9,5 m +NAP.

De regenzones die de afgelopen week overtrokken brachten in het stroomgebied van de Rijn niet zoveel water en daarom daalde de Rijnafvoer de hele week. Gisteren werd voorlopig de laagste afvoer bereikt iets boven de 1600 m3/s, waarna weer een langzame stijging inzette. Dit is het water dat donderdag en vrijdag in het stroomgebied is gevallen. De waterstand bedroeg op het laagste punt 8,5 m +NAP. 

Inmiddels zijn er twee watergolven onderweg in het stroomgebied. In de Bovenrijn is gisteren een golfje ontstaan dat zich nu nog in zuid Duitsland bevindt. De piek van deze golf bedraagt ca 1500 m3/s en dit water komt op donderdag bij Lobith aan. Een andere golf ontstaat vandaag in de Moezel. Dit deelstroomgebied van de Rijn ligt exact onder de zone waar vandaag de meeste neerslag valt en daardoor kan de afvoer in de Moezel vandaag en morgen fink aanzwellen tot ca 1000 m3/s of nog iets meer.  

De piek in de Moezel loopt sneller dan die vanuit de Bovenrijn en is eerder bij Koblenz waar de Moezel in de Rijn uitstroomt en dit water zal op woensdag al in Nederland aankomen. Omdat de watergolven maar gedeeltelijk samenvallen, zal de uiteindelijke afvoer niet de optelsom van beide golven (plus ook nog water uit andere zijrivieren) zijn, maar zal deze lager uitkomen. Ik verwacht een uiteindelijke golf van ca 2400 m3/s bij Lobith en deze piek zal dan woensdag aan het eind van de dag arriveren. De waterstand zal dan iets boven de 9,5 m uitkomen.

De komende dagen stijgt de afvoer eerst nog langzaam, maar vanaf dinsdag gaat het dan snel omhoog, als het eerste Moezelwater arriveert. Na de piek op woensdag daalt de afvoer eerst nog niet zo snel, want ook het water uit de Bovenrijn passeert dan nog. Pas vanaf vrijdag zal de afvoer weer wat sneller gaan dalen als beide golven voorbij zijn.

Op zaterdag verwacht ik dat de afvoer weer onder de 2000 m3/s zal zijn gezakt en omdat het, na vandaag, de hele week droog blijft in het stroomgebied, zal de afvoer ook in de week daarna blijven zakken. Als het inderdaad een dag of 10 droog blijft, dan zal de afvoer uiteindelijk weer tot onder de 1500 m3/s dalen. 

De afvoer die nu verwacht wordt in de Rijn is niet heel bijzonder, ook voor oktobert niet. In het verleden zijn er ook al eens echte hoogwaterpieken geweest met een afvoer van 6000 m3/s of nog wat hoger. De waterstand die daarbij hoort bedraagt ca 14 meter. Omdat de regenval na vandaag weer ophoudt, is het uitgesloten dat dat dit jaar in oktober gaat gebeuren.

Maas profiteert van forse regenval in de Ardennen

De Maasfvoer was vanaf donderdag al weer wat gaan stijgen omdat er in de tweed ehelft van de week flink wat regen viel in het stroomgebied. De afvoer schommelde bij Maastricht rond de 125 m3/s, wat ongeveer normaal is voor deze tijd van het jaar. 

Vorige week leek het er nog op dat de afvoer vanaf nu weer zou gaan dalen naar een laag niveau, maar het pakte anders uit, want vandaag ligt een groot deel van het Waalse en Franse stroomgebied van de Maas precies onder een zeer intensieve regenzone. De afvoer zal daardoor vandaag al flink gaan stijgen en een piek van 500 m3/s of misschien nog wel wat meer is mogelijk. 

Deze piek verwacht ik al morgen in de loop van de dag bij Maastricht, waarna de golf een dag later bij Venlo aankomt en woensdag in de Benedenmaas nabij Grave. 

Omdat het na vandaag lang droog blijft, zal het eenmalige piek zijn en gaat de afvoer na maandag ook weer snel omlaag. Aan het eind van de week kan de afvoer dan alweer tot bij de 150 m3/s zijn terug gezakt. Omdat het lang droog blijft is de kans groot dat de daling in de volgende week langzaam doorzet.

In de Maas zijn er in oktober nog nooit echt hoge pieken geweest. Het maximum ligt zo rond de 1000 m3/s wat driemaal is bereikt (in 1974, 1987 en 1998). Pieken rond de 750 m3/s zijn al veel vaker opgetreden, een keer of 15, en de 500 m3/s wordt iedere 4 tot 5 jaar wel bereikt.  

Zowel voor de Rijn als de Maas geldt dat de regen deels nog moet vallen. De waterstanden in dit bericht zijn een globale inschatting op grond van de verwachte neerslaghoeveelheden. Als er meer of minder regen valt, kunnen de afvoeren en standen ook enigszins anders uitpakken.

Zout in het IJ en verder

Vorige week schreef ik over de proef in het Haringvliet waarbij zout water is binnen gelaten via de sluizen. Dit is een bijzondere situatie want vrijwel overal proberen we in Nederland het zoute zeewater juist buiten de deur te houden. In de Nieuwe Waterweg bijvoorbeeld, die in open verbinding staat met de Noordzee en het zeewater makkelijk bij vloed naar binnen stroomt, gebeurt dat door zoveel mogelijk Rijn- en Maaswater naar Rotterdam te voeren. Dit zorgt dan voor tegendruk en gewoonlijk is er voldoende zoet rivierwater beschikbaar om het zoute water niet verder te laten komen dan tot ongeveer onder de Brienenoordbrug.

Anders dan men misschien zou verwachten dringt er ook via het Noordzeekanaal zout water naar binnen. Dit kanaal is met een sluis van de Noordzee gescheiden, maar ondanks dat is het water er toch zout. De oorzaak ligt in het schutten van de schepen in de zeesluis, waarbij er steeds een flinke hoeveelheid zout water naar binnen stroomt. Anders dan in de Nieuwe Waterweg kan via het kanaal vrijwel geen zoet water vanuit het oosten worden aangevoerd en daarom is het hele Noordzeekanaal tot aan het IJ, in het centrum van Amsterdam, met zout water gevuld.

De enige bronnen van zoetwater zijn het Amsterdam Rijnkanaal waar vanuit de Lek een klein beetje wordt aangevoerd en het Markermeer, dat doorgaans met regenwater wordt gevuld en soms water uit het IJsselmeer. In de figuur hieronder heb ik de situatie aangegeven.

Situatie NZkanaal.jpg

Situatieschets Noordeekanaal met zout water (paarse pijlen) dat via de sluizen van IJmuiden tot  ver naar het oosten doordringt. Er si maar weinig zoetwater (blauwe pijlen) beschikbaar om dat tegen te houden.
Situatieschets Noordeekanaal met zout water (paarse pijlen) dat via de sluizen van IJmuiden tot ver naar het oosten doordringt. Er si maar weinig zoetwater (blauwe pijlen) beschikbaar om dat tegen te houden.

Dat het Noordzeekanaal zout is, is een gegeven en omdat er geen inname van drinkwater vanuit het kanaal plaats vindt, is dat ook geen probleem. Anders is dat in het Amsterdam Rijnkanaal (ARK) waar wel drinkwater en landbouwwater wordt ingelaten en dat daarom zoet moet blijven. Dat lukt niet altijd en vooral vorig jaar waren er soms flinke fluxen van zout water die vanuit het IJ het kanaal instroomden.

Dit werd toen onder andere geweten aan de extreme droogte van vorig jaar en om dit in het vervolg te voorkomen is er eind 2018 bij het begin van het ARK door Rijkswaterstaat een zogenaamd bellenscherm aangelegd dat het opdringen van zout water moet voorkomen. Onder deze link is meer informatie te vinden over dit scherm van luchtbelletjes dat op de bodem ligt en waarmee het diepe zoute water wordt gemengd met het zoete water aan het oppervlak. Het gemengde water zou dan vervolgens niet verder het kanaal in moeten stromen.

Het is de vraag hoe goed dit bellenscherm werkt, want sindsdien zijn de fluxen van zout water niet opgehouden; wel komen ze minder frequent voor, maar het zoutgehalte van de fluxen is nog wel net zo hoog als voor de aanleg. In de figuur hieronder heb ik in de bovenste grafiek het zoutgehalte van meetpunt Diemen (dit ligt achter het scherm) afgebeeld voor de periode vanaf eind augustus dit jaar. Duidelijk zijn de fluxen te zien die om de paar dagen het kanaal in trekken. Het zoutgehalte wordt uitgedrukt in milligrammen per liter.

Zoutgehalte ARK.jpg

Van boven naar beneden: het zoutgehalte in het Amsterdam Rijnkanaal bij Diemen, het zoutgehalte in het IJ en de waterstand op het Markermeer.
Van boven naar beneden: het zoutgehalte in het Amsterdam Rijnkanaal bij Diemen, het zoutgehalte in het IJ en de waterstand op het Markermeer.

Wat opvalt in de bovenste grafiek is dat de fluxen na 1 oktober (op een na) zijn opgehouden. Ik ben op zoek gegaan naar de reden hiervoor en ik vermoed dat het met extra aanvoer van zoetwater vanuit het Markermeer te maken heeft. Vanaf 1 oktober gaat het Markermeer namelijk van zomerpeil (20 cm -NAP) naar winterpeil (30 cm -NAP) en om het peil te laten zakken wordt het overtollige water via het Noordzeekanaal afgevoerd. Aan het zoutgehalte in het IJ (middelse grafiek) is ook te zien dat dit vanaf 1 oktober plotseling gaat dalen.

Je zou verwachten dat het peil in het Markermeer dan ook zou dalen, maar de onderste grafiek laat zien dat het peil rond 1 oktober juist omhoog ging. De reden daarvoor is dat er vanaf 27 september een paar dagen veel regen viel (de lichtblauwe stippen zijn de dagen met meer dan 1 cm neerslag) en dat zorgde ervoor dat het Markermeer een centimeter of 10 steeg; ook al werd er vanaf 1 oktober ook veel water afgeleid.

Vanaf 3 oktober is het droger weer en daalt het meerpeil wel flink om rond 8 oktober rond het nieuwe streefpeil uit te komen. Het spuien van zoet meerwater naar het IJ wordt gestaakt en het zoutgehalte in het IJ stijgt daarna ook weer wat. Maar omdat het daarna ook nog vaak regenachtig is, kan er regelmatig nog Markermeerwater worden afgeleid en wordt het IJ weer zoeter. Het ARK profiteert hiervan en zoutfluxen zijn sinds het extra afleiden van Markermeerwater bijna niet meer opgetreden. 

Het is duidelijk dat het zoutgehalte in het Noordzeekanaal zich maar moeilijk laat bedwingen. Ondanks het bellenscherm zijn er nog flinke zoutpieken in het Amsterdam Rijnkanaal en er is veel zoet water nodig om dat tegen te gaan. Het zal spannend worden de komende jaren als de nieuwe zeesluizen bij IJmuiden in gebruik worden genomen. Die zijn veel groter en zullen veel meer zout zeewater het Noordzeekanaal in laten stromen. Om dat weer te verhinderen worden er rond de nieuwe sluizen wel maatregelen getroffen, die de influx van zout water moeten afremmen, maar het blijft spannend hoe goed die gaan werken.