U bent hier

Droogte en dalende waterstanden duren voort

Hogedrukgebieden zijn oppermachtig en de droogte in Nederland en in de stroomgebieden van Rijn en Maas houdt nog zeker een week aan. In dit waterbericht leest u hoe ver de rivierafvoeren deze week gaan dalen en of er misschien al een einde van de droogte in zicht is. In het tweede deel van dit bericht sta ik stil bij de maand april, die als enige van alle maanden de afgelopen decennia gemiddeld steeds droger geworden is en die trend lijkt zich ook dit jaar door te zetten.

Hogedrukgebieden voorlopig aan zet

Vanaf medio maart bepalen hogedrukgebieden ons weer en de komende week komt daar geen verandering in. Het hogedrukgebied dat de afgelopen week voor zonnig en stabiel weer zorgde is inmiddels naar het oosten weggetrokken, maar een volgend exemplaar ligt al weer klaar op de Atlantische Oceaan en volgt deze week het spoor van zijn voorganger.

In de overgang van het ene naar het andere hogedrukgebied draait de wind later vandaag en morgen even naar het noorden en stroomt bewolking het continent op, maar regen wordt hier weinig uit verwacht; misschien een paar millimeter uit enkele losse buien. Vanaf dinsdag keert de zon dan weer terug en de rest van de week blijft het dan opnieuw droog.

In het volgend weekend is ook dit hoge drukgebied inmiddels weer naar het oosten weggetrokken en zoals het er nu naar uitziet is de kans het grootst dat het weertype dan wel gaat veranderen. Op de weerkaarten verschijnt namelijk vanaf volgende week zondag een lagedrukgebied dat vooral in Midden Europa voor regen kan gaan zorgen. Mocht dat uitkomen dan zullen de Maas en de Rijn in de loop van die week weer wat extra water kunnen verwachten en komt er dan voorlopig een einde aan de dalende afvoeren.

Het duurt echter nog meer dan een week voordat het zover is en daarom moet er wel een slag om de arm gehouden worden. De vorige keren dat het hogedrukgebied naar het oosten wegtrok voorzagen de weermodellen ook dat er meer nattigheid zou komen, maar later in de week droogde de verwachting dan toch weer steeds meer op. Het blijft dus afwachten, alhoewel het er nu, voor wat de neerslag betreft, wel wat gunstiger uitziet dan in de verwachting van vorige week 

Rijnafvoer daalt in loop van de week naar 1300 m3/s en stand bij Lobith naar ca 8 m +NAP

De Rijn is bij Lobith afgelopen zaterdag onder de 1500 m3/s gezakt en de daling zet voorlopig nog door, alhoewel de snelheid waarmee dat gebeurt wel steeds kleiner wordt. De waterstand bedraagt nu ca 8,25 m +NAP.

De komende dagen neemt de afvoer iedere dag verder af met ca 25 tot 35 m3 per dag. Op woensdag wordt dan de 1400 m3/s onderschreden en in het komend weekend de 1300 m3/s. De waterstand daalt met ca 5 cm per dag en zal in het volgend weekend rond de 8 m +NAP zijn uitgekomen.

Een afvoer van ca 1300 m3/s is vrij laag voor april, maar is vaker voorgekomen. In 1921 daalde de afvoer zelfs naar 800 m3/s en verder zijn er nog zo’n 10 jaren geweest met een afvoer tussen de 1000 en 1300 m3/s. Opvallend is wel dat drie jaren daarvan in de laatste 10 jaar te vinden zijn: 2011, 2014 en 2017. Een lage afvoer in april hoeft echter nog niet te bekekenen dat de waterstanden de komende zomer ook laag zullen worden, want in al deze drie jaren met weinig water in april steeg de afvoer later in het voorjaar weer naar normale afvoeren en de zomers van die jaren kenden geen van alle een zeer lage afvoer. Het jaar 2018, dat wel een langdurig lage zomerafvoer kende, had opvallend genoeg weer een aprilmaand met een relatief hoge afvoer.

Als de weersverwachting het bij het rechte eind heeft, dan kan er vanaf 19 april weer regen gaan vallen in het stroomgebied van de Rijn. Dat zal vooral in het zuiden zijn en het water hiervan zal dan niet voor 23 of 24 april bij Lobith aangekomen. De verwachting is daarom dat de waterstand ook na het komend weekend nog iets verder zal dalen, naar een waterstand net onder de 8 meter en een bijbehorende afvoer tussen de 1250 en 1300 m3/s. Hoe groot de mogelijke stijging daarna zal zijn is nu nog te zeggen. Eerst moeten we afwachten of het er überhaupt wel van gaat komen.

Maas daalt deze week verder naar ca 125 m3/s

De droogte in West Europa zorgt ook in de Maas nu voor erg lage afvoeren. Bij Maastricht daalde de afvoer deze week van ca 200 naar iets boven de 150 m3/s op dit moment. Het gaat hierbij om daggemiddelde waarden, omdat er gedurende de dag altijd grote uitschieters zijn.

De komende dagen daalt de afvoer langzaam verder met gemiddeld zo’n 5 m3 per dag. Aan het eind van de week komt de afvoer dan in de buurt van de 125 m3/s en ook na het weekend zal de daling zich nog even voortzetten, maar hij blijft waarschijnlijk wel boven de 100 m3/s.

Ook in het stroomgebied van de Maas wordt vanaf 20 april weer neerslaag verwacht en als dat uit komt, dan kan de afvoer vanaf 21 of 22 april weer wat gaan stijgen. Omdat het nog ver weg is in de tijd, is het nog onzeker of dit ook uit gaat komen. Volgende week zal er hierover meer duidelijkheid zijn.

April wordt een steeds drogere maand en dat is te merken in de rivieren

De Rijnafvoer bij Lobith nadert deze week de 1300 m3/s en dat is erg laag voor de tijd van het jaar. Gemiddeld bedraagt de afvoer in april ca 2500 m3/s. April is een de maand waarin de afvoeren de laatste jaren vaak aan de lage kant zijn: gemiddeld over de laatste 15 jaar bedroeg de afvoer in april namelijk maar ca 2200 m3/s en de laatste 10 jaar zelfs maar 1875 m3/s.

Bij de Maas zijn deze waarden zelfs nog wat uitzonderlijker. De afvoer bedraagt er nu ca 125 m3/s, terwijl het langjarig gemiddelde 300 m3/s is. Ook hier was de april-afvoer in de laatste 15 jaar opvallend laag met een gemiddelde afvoer van 220 m3/s en de laatste 10 jaar bedroeg de deze nog maar 190 m3/s. Dit beeld van lage afvoeren past in een trend die de maand april momenteel doormaakt, waarbij het de laatste decennia steeds droger is geworden.

Als we de neerslagdata van het KNMI er op na slaan, dan blijkt april duidelijk de droogste maand van het jaar te zijn. In De Bilt valt er ca 40 mm regen. Van de andere maanden komt alleen februari met 55 mm in de buurt, maar in de rest van het jaar valt er altijd tussen de 65 en iets meer dan 80 mm per maand.

April is niet altijd de droogste maand geweest. Vóór 1980 was maart nog de droogste maand, maar terwijl maart sindsdien, net als de andere maanden, steeds natter geworden is, is april juist droger geworden. In de grafiek hieronder zijn voor de 3 voorjaarsmaanden het verloop van het 30-jarig gemiddelde van de maandneerslag voor De Bilt weergegeven. De grafiek begint in 1935, toen er voor het eerst een 30-jarig gemiddelde berekend kon worden (in 1906 begonnen namelijk de metingen). Voor iedere volgend jaar is vervolgens opnieuw het 30-jarig gemiddelde uittgerekend en zo is te volgen of het natter of droger wordt. De laatste meting van 2019 heeft dus betrekking op de periode 1990 - 2019.

Schermafbeelding 2020-04-11 om 12.53.14.png

Het verloop van het 30-jarig gemiddelde van de neerslag in de maanden maart, april en mei
Het verloop van het 30-jarig gemiddelde van de neerslag in de maanden maart, april en mei

Duidelijk is te zien hoe april als middenmoter langdurig rond de 50 mm schommelde, maar aan het eind steeds verder opdroogt. De laatste jaren schommelt het gemiddelde rond de 42 mm. Deze daling is opvallend, want bijna alle maanden zijn in Nederland de laatste decennia juist natter geworden, alleen april dus niet.

Een maand die duidelijk natter is geworden, is maart. Tot 1980 was dit de droogste maand, maar daarna werd maart opvallend veel natter en over de periode 1978 - 2007 bedroeg het langjarig maart-gemiddelde zelfs bijna 70 mm. De laatste 10 tot 15 jaren is maart weer droger aan het worden.
De maand mei tenslotte was in het verleden de natste voorjaarsmaand, net iets natter dan april, maar is vooral in de periode tussen 1960 en 1990 natter geworden. Daarna is de situatie stabiel en omdat maart de laatste tijd wat droger is geworden, is mei nu weer gemiddeld de natste voorjaarsmaand.

Om na te gaan waar de droge en zeer droge jaren zich in de meetreeks bevinden is de hele meetreeks van aprilmaanden sinds 1906 verwerkt tot een soort van streepjescode. Iedere aprilmaand is als een vertikale streep aangegeven, waarbij de kleur aangeeft in welke mate die maand te droog was (groen betekent dat 61 tot 80% van de gemiddelde hoeveelheid neerslag viel, geel 41 tot 60% etc).

Duidelijk is te zien dat er tegenwoordig meer droge maanden zijn dan vroeger. Sinds 1976 is er ieder decennium ook een extreem droge maand, met minder dan 20% van de gemiddelde hoeveelheid, dwz dat er minder dan ca 8 mm regen in deze aprilmaanden is gevallen. De meest extreem droge aprilmaand was overigens 2007, toen er op een paar druppels na helemaal geen regen viel.

Droge maanden april.jpg

Alle aprilmaanden op een rij, waarbij de droge tot extreem droge maanden in 4 kleurcategoriën zijn aangegeven.
Alle aprilmaanden op een rij, waarbij de droge tot extreem droge maanden in 4 kleurcategoriën zijn aangegeven.
Hieronder is in een grafiek ook het voorkomen van de natte tot zeer natte aprilmaanden weergegeven. Lichtblauw betekent dat 141 tot 160% van de gemiddelde hoeveelheid neerslag viel, middelblauw 161 tot 180% etc. Natte aprilmaanden komen nog steeds voor, maar sinds het jaar 2000 zijn dat er nog maar 2 geweest. 

Natte maanden april.jpg

Alle aprilmaanden op een rij, waarbij de natte tot extreem natte maanden in 4 kleurcategoriën zijn aangegeven.
Alle aprilmaanden op een rij, waarbij de natte tot extreem natte maanden in 4 kleurcategoriën zijn aangegeven.
De oorzaak van de toegenomen droogte in april heeft waarschijnlijk betrekking op het vaker optreden van hoge druk in deze maand. De depressie-activiteit die kenmerkend is voor de wintermaanden stokt meestal in de loop van maart en omdat de voor de zomer kenmerkende buiigheid zich in april nog onvoldoende kan ontwikkelen, verloopt de maand steeds droger. Vanwege het vaker optreden van hogedruk in april is de maand ook ca 25% zonniger geworden. Ook al zijn we nu nog niet op de helft van de maand, toch lijkt het er sterk op dat ook april 2020 een zonnige en droge maand zal gaan worden.

Net als in Nederland is ook in de landen om ons heen april gaandeweg steeds droger geworden en dit verklaart waarom de Maas- en Rijnafvoer de afgelopen 10 tot 15 jaar relatief zo laag waren. In Baden Wurtenberg en Rheinland Pfalz, Bundeslanden van Duitsland, waar de Rijn veel water uit ontvangt is april de afgelopen decennia zelfs 30 tot 40% droger geworden en dat heeft de Rijnafvoer in deze maand sterk doen teruglopen.

Mei en juni daarentegen zijn in deze gebieden de laatste decennia, net als in Nederland, juist weer wat natter geworden en de gemiddelde afvoer van de Rijn is in die maanden in vergelijking met ca 20 jaar geleden veel minder gedaald en soms zelfs wat toegenomen. Ook bij de Maas is de gemiddelde afvoer van mei en juni in de afgelopen decennia minder sterk teruggelopen dan in april.

Op grond van de statistiek is het dus het meest waarschijnlijk dat de komende maanden er wel weer genoeg regen zal vallen en de Rijn- en Maasafvoer weer terugveert. Het blijft natuurlijk afwachten of dat ook dit jaar gebeurt.