U bent hier

Droogte houdt aan, waterstanden dalen verder

Hogedrukgebieden blijven bij Nederland in de buurt liggen en dat houdt neerslag op afstand. Dat is geen goed nieuws voor het grondwater in die delen van het land waar de zomer ook al droog was verlopen. De komende week valt er in de stroomgebieden ook zo goed als geen neerslag en daarom dalen de waterstanden van Rijn en Maas langzaam verder. Hoe ver ze dalen en hoe uitzonderlijk dat is, leest u in 'water van de week'. 

In het tweede deel van dit waterbericht 'water inzicht' een voorbeschouwing op de komende winter. De lange termijn verwachtingen voor het weer worden langzamerhand steeds beter en misschien kunnen we daar ook iets uit afleiden voor de waterstanden in de rivieren. Maar we kunnen ook te rade gaan bij vroegere novembermaanden.

water van de week

Hogedrukgebieden houden nog zeker één, misschien wel twee weken stand

Wat de neerslag betreft viel in oktober ongeveer de normale hoeveelheid, maar november wordt zo goed als zeker een te droge maand. Een omvangrijk hogedrukgebied boven Europa verhindert regenzones om het continent op te trekken en het droge weer houdt daarom voorlopig nog aan. Boven Noord Europa schuiven wel regelmatig lagedrukgebieden langs en de regenzones daarvan reiken soms nog net tot Nederland, maar verder naar het zuiden blijft het grotendeels droog. 

Dat patroon van nattigheid in het noorden en droogte in het zuiden, is ook al terug te zien in ons land waar in november in het noorden en midden zo'n 3,5 tot 5 cm regen is gevallen, maar in het zuiden en met name het zuidoosten is dat veel minder met in Midden Limburg nog maar 1 tot 1,5 cm. De komende week komt daar nog maar 0,5 tot 1 cm bij en dat betekent dat november, waarin normaal zo'n 7 tot 10 cm regen valt, overal te droog gaat verlopen.

In het zuidoosten van het land is de afwijking het grootst en dit was nu net het gebied waar het sinds april al veel te droog is. Omdat juist in de herfst- en wintermaanden de grondwaterbuffers moeten worden aangevuld, is dat geen goed nieuws voor die regio. Nu staan er nog 4 maanden voor de boeg waarin de situatie kan veranderen, maar veel waterbeheerders en -gebruikers in die regio hadden graag gezien dat november ook al zijn bijdrage had geleverd.

De komende week verandert er dus weinig in het weerbeeld. De invloed van de hogedruk neemt zelfs nog iets toe en terwijl er afgelopen week nog wel wat regen viel, blijft het de komende week waarschijnlijk helemaal droog. Ook op wat langere termijn van zo'n dag of 10 is er nog geen aanwijzing dat dit beeld gaat veranderen, dus waarschijnlijk verlopen ook de eerste dagen van december nog vrijwel droog. 

Toch is de kans groot dat aan de droogte wel een keer een einde komt. De straalstroom boven Noord Europa is erg krachtig dit jaar en dit is de drijvende kracht die de lagedrukgebieden ten noorden van ons voortstuwt. Mocht het hogedrukgebied boven Centraal Europa wat naar het zuiden schuiven, dan is de kans groot dat regenzones ons dan wel kunnen bereiken. Als dat eenmaal zover is, kan het later in december alsnog flink natter gaan worden. Maar voorlopig blijft het afwachten of dat ook echt gaat gebeuren.

Rijn daalt langzaam verder

De waterstand bij Lobith is de afgelopen week langzaam gedaald en deze daling zal zich de hele komende week voortzetten. Anders dan in de zomer verloopt zo'n daling in het najaar altijd veel langzamer als het droog weer is. De verdamping is nu vrijwel nihil en al het water dat vanuit de bodem en andere bronnen beschikbaar komt, wordt dan ook afgevoerd; terwijl in de zomer een groot deel ervan in de lucht verdwijnt. 

Op dit moment is de waterstand bij Lobith gedaald tot ongeveer 7,65 m +NAP en bedraagt de afvoer nog ongeveer 1175 m3/s. De komende dagen daalt de waterstand met zo'n 3 tot 5 cm per dag verder, de afvoer neemt dan gemiddeld met zo'n 10 tot 15 m3 per dag af. Tegen het eind van de werkweek zal de waterstand bij 7,5 m +NAP in de buurt komen, bij een afvoer van ca 1100 m3/s, en na het volgend weekend verwacht ik een stand van ca 7,4 m +NAP. De afvoer zal dan ongeveer 1050 m3/s bedragen. 

De eerste dagen van december zal de daling nog verder doorzetten en de kans is groot dat de waterstand rond 5 december bij 7,25 m +NAP zal zijn uitgekomen en de afvoer dan ook de 1000 m3/s nadert. Of het zou rond het begin december ineens natter moeten gaan worden, want dan kan de waterstand ook weer snel gaan stijgen. Daar ziet het nu echter nog niet naar uit.

Een zo lage stand in november is niet uitzonderlijk. Zo eens in de 3 tot 4 jaar daalt de afvoer in november naar 1000 m3/s of soms zelfs daar nog onder. Vooral na droge zomers in het stroomgebied is de kans daarop groot en dat geldt daarom zeker ook voor dit jaar. 

Maasafvoer blijft laag

De afvoer bij Maastricht schommelde deze week tussen de 75 en 100 m3/s. Dat was net wat meer dan ik vorige week verwachtte. De afgelopen week viel er soms nog wel een klein beetje regen in de Ardennen en dat zorgde ervoor dat de afvoer niet niet verder daalde. De komende week ziet het er naar uit dat er vrijwel helemaal geen regen valt en zal de Maasafvoer weer wat gaan dalen.

Net als bij de Rijn verloopt de daling niet snel en de hele week zal de afvoer daarom eerst nog schommelen rond de 75 m3/s en waarschijnlijk later in de week daaronder dalen. Na het volgende weekend is er voorlopig nog geen stijging in zicht en zal de afvoer ook nog langzaam verder blijven dalen.

Water Inzicht

Verwachtingen voor de komende wintermaanden

Verschillende weerbureaus wagen zich in de loop van het najaar aan voorspellingen wat de komende winter gaat brengen. Op de nieuwspagina van de weer.nl kunt er regelmatig updates van vinden. In oktober werd nog verwacht dat er zo nu en dan uitbraken van koude lucht zouden zijn wanneer de wind naar het noordwesten zou draaien, met ook kans op veel sneeuw in de Alpen. Inmiddels is het beeld wat gedraaid en ziet het er naar uit dat de zuidwestelijke stroming, waar we nu al weken mee te maken hebben, het voorlopig nog wel even volhoudt; waarschijnlijk nog tot in het begin van 2021.

Deze lange termijnverwachtingen baseert men op grootschalige weerfenomenen, zoals een El Niño of de vrouwelijke tegenhanger El Niña waar we dit jaar mee te maken hebben. Maar ook de temperatuur van het zeewater is belangrijk, en dan niet die van de Noordzee, maar het zijn vooral de temperaturen in het noorden van de Grote Oceaan en het westen van de Indische Oceaan die de circulatie op het noordelijk halfrond een bepaalde richting in sturen.

Dit jaar blijken deze laatste twee er verantwoordelijk voor te zien dat de straalstroom rond de Noordpool extra sterk is. Dat zorgt voor een sterke westelijke stroming boven het noorden van Europa waarin lagedrukgebieden worden meegevoerd. In de meeste jaren betekent dat ook veel nattigheid in onze omgeving en in de stroomgebieden van Maas en Rijn, maar dit jaar ligt de meest actieve regenzone vooral boven Scandinavië en blijft het boven Centraal Europa tot nu toe juist erg droog.

Het meest voor de hand liggende scenario is echter dat deze regenzones op enig moment ook zuidelijker zullen komen en de stroomgebieden van de Rijn en de Maas zullen gaan bereiken. In de weersverwachtingen van de komende week tot 10 dagen is dat zeker nog niet het geval, maar het zou vreemd zijn als zo'n actieve westelijke luchtstroming ten noorden van ons zich later niet naar het zuiden uit zou gaan strekken. 

Op de website van Weer.nl wordt beschreven dat de huidige situatie veel lijkt op die van vorig jaar, maar ook op die van de winters van 1999/2000 en 2011/2012. Dit zijn alle drie jaren die maandenlang een sterke zuidwestelijke luchtstroming kenden en in alle drie waren er één of meer maanden die flink nat verliepen. Dat leverde in die periode ook hoogwaters op; geen grote hoogwaters, maar wel voldoende om de uiterwaarden te laten overstromen.

Wat zeggen de waterstanden in november over wat ons te wachten staat

De weermodellen kijken in de toekomst en proberen het weer te voorspellen tot enkele weken of zelfs maanden vooruit. Een andere manier om vooruit te kijken is om historische waterstanden te vergelijken met de huidige situatie.  Want mogelijk zegt de waterstand in november ons al iets over de maanden die gaan volgen.

In de grafiek hieronder heb ik de de gemiddelde afvoer van alle novembermaanden (dat zijn er 119 sinds 1901) gerangschikt van de maand met de hoogste afvoer (de donkerblauwe geheel links) tot de maand met de laagste afvoer (de rood gemarkeerde) geheel rechts. Een zeer hoge afvoer betekent dat deze meer dan 1,5 keer de gemiddelde hoeveelheid bedroeg, een zeer lage minder dan 0,55 keer het gemiddelde.

In de kolom daaronder heb ik vervolgens voor de maanden die op een november-maand volgen met dezelfde kleuren aangegeven of de afvoer hoog, laag of gemiddeld was. Als we nu na gaan of er een verband is tussen de afvoeren in november en in de maanden die er op volgden, dan blijkt dat er wel te zijn, maar vooral voor de lagere afvoeren. In een oogopslag is dat ook al wel te zien; de rode en gele vakjes in de maanden die volgden bevinden zich hoofdzakelijk in het rechterdeel van de figuur, terwijl de blauwe minder geconcentreerd zijn.

November en de andere maanden gemiddelde afvoeren.jpg

De relatie tussen Rijnafvoeren in november en in de volgende maanden.
De relatie tussen Rijnafvoeren in november en in de volgende maanden.
 

Als we de grafiek langslopen, beginnend bij de maanden met de hoogste novemberafvoeren (links in de figuur), dan zien we dat de maand december die er op volgde in veel gevallen (10 van de 14) een hoge afvoer had, maar in januari was dat nog maar 4 keer het geval, in februari 6 en maart 5. Dat zijn er niet meer dan er gemiddeld optreden na een maand met een gemiddelde november-afvoer. 

Wel valt op dat er in de categorie na een natte november niet veel maanden volgen met een lage afvoer. In december is dat er maar 1 en in januari zijn het er 3. Ook na de novembers met een hoge afvoer (lichtblauw in de bovenste balk) volgen er in de eerste 2 maanden weinig maanden met een lage afvoer. Vanaf februari zien we dat aantal wel toenemen en ook in maart zijn het er nog meer. 

Het beeld dat hieruit naar voren komt is dat een november met een hoge of zeer hoge afvoer niet vaak door maanden wordt gevolgd met ook hoge afvoeren. Alleen soms nog in december, maar dat is niet zo vreemd, want vaak ijlen perioden met een hoge afvoer nog wekenlang na. Dit na-ijl effect zien we ook bij de andere maanden na december nog terug. Na een november met een zeer hoge afvoer neemt het aantal keren dat de afvoer in latere maanden juist laag was, wel langzaam toe, maar het worden er nooit veel. Bij de maanden met een hoge afvoer zien we het aantal maanden met een lage afvoer ook gaandeweg toenemen en daar worden het er zelfs vrij veel.

Een duidelijker verband is er bij de novembermaanden met een zeer lage en lage afvoer (rechts in de figuur). Hier zien we vooral bij de maanden met een zeer lage afvoer opvallend veel opvolgende maanden met ook een lage afvoer:  in december zijn dat er zelfs 16 van de 18, maar ook in januari nog 12 van de 18 en in februari en maart nog 9. Een mogelijke verklaring is dat droogte in november er voor zorgt dat het stroomgebied later in de winter veel water kan absorberen, waardoor volgende maanden niet snel een hoge afvoer hebben. 

Maar een meer voor de hand liggende verklaring is dat droogte vaak veroorzaakt wordt door weertypen met hoge druk en dat type is vaak zeer persistent. Als het eenmaal droog is in november, dan is de kans groot dat het ook in de maanden daarna nog voortduurt. Toch zijn er soms ook maanden met een hoge afvoer opvolgend op novemberdroogte, maar het zijn er niet veel.

De novembermaanden met een lage afvoer (de geel gemarkeerde maanden) worden ook nog vrij vaak gevolgd door maanden met een lage of zeer lage afvoer: in december zijn dat er nog 21 van de 27, maar in januari worden het er duidelijk minder (12 van de 27), in februari 16 en in maart 9. Natte maanden zien we in deze categorie iets meer dan bij de novembers met een zeer lage afvoer, maar het zijn er ook dan niet veel.

Bij de november-maanden met een lage tot zeer lage afvoer is de kans dus relatief groot dat de afvoer in de maanden daarna ook aan de lage kant blijft. De huidige novembermaand staat nog niet in de figuur aangegeven, maar nu is al duidelijk dat deze uit zal gaan komen in de categorie van de lage afvoeren. Met ca 70% van de normale afvoer komt ze ongeveer halverwege uit tussen de andere maanden van die categorie.

Op grond van de historische data kunnen we nu concluderen dat de kans vrij groot is dat de afvoer in december gemiddeld ook aan de lage kant zal zijn en ook in de maanden daarna blijft de kans op een maand met een hoge afvoer vrij klein. Met zekerheid kunnen we dat natuurlijk niet zeggen, want het weer is altijd in staat om voor verrassingen te zorgen. Zo traden er ook na een november met een lage afvoer soms grote hoogwatergolven op in de maanden die volgden. Het zijn er niet zoveel, maar het kan wel. En omdat de hierboven genoemde westelijke circulatie dit jaar zo sterk is, zou dit jaar ook wel eens een van die jaren kunnen worden.