U bent hier

Droogte in Nederland, in de stroomgebieden van Rijn en Maas wel regen

Vandaag neemt een nieuw hogedrukgebied het stokje over van zijn voorganger. Dat betekent dat het droge weer een vervolg krijgt. Een neerslagzone profiteert echter nog net van de korte periode tussen beide hogedrukgebieden in en brengt vooral ten zuiden van Nederland vandaag en morgen een flinke hoeveelheid regen. Dat is gunstig voor de afvoer van de Maas en de Rijn, die daardoor een kleine impuls krijgen. In dit waterbericht leest u hoeveel extra water de rivieren te verwerken krijgen en wat ons op wat langere termijn te wachten staat.

In het tweede deel van het bericht aandacht voor bewegend zand langs onze kust. Het heldere weer van de afgelopen weken leverde veel mooie satellietbeelden op en dat maakt het mogelijk om de processen die zich in in de kustzone afspelen wat beter te bekijken. Processen waar we ook gebruik van maken om Nederland te beschermen tegen overstromingen vanuit zee. 

Hogedrukgebieden blijven het weer bepalen

Al bijna 2 maanden wordt het weer in West en Midden Europa bepaald door grote hogedrukgebieden die de neerslag op afstand houden. Alleen als het hogedrukgebied zich verplaatst, kunnen er soms, voordat een nieuw hogedrukgebied dichterbij komt, enkele regenzones tot onze omgeving doordringen. Dat is vandaag en morgen het geval, want voordat een groot hogedrukgebied dat nu nog bij Schotland ligt zijn invloed tot onze regio uitbreidt, kunnen neerslaggebieden vanaf de Atlantische Oceaaan via Frankrijk naar Midden Europa trekken. Ze komen daarbij net noordelijk genoeg om ook in het zuiden van Nederland wat regen te brengen. Het gaat waarschijnlijk om niet meer dan enkele millimeters.

De meeste regen valt in een zone die over Noord Frankrijk, het zuiden van België en het midden en zuiden van Duitsland naar het oosten loopt. Er wordt zo'n 3 tot 4 cm verwacht, wat voldoende is om de rivieren wat te laten stijgen. De Rijn lijkt hier het meeste van te gaan profiteren. 

Vanaf dinsdag strekt het hoge drukgebied zich tot over onze omgeving uit en de kans is groot dat het later in de week precies boven Nederland komt te liggen. Voor de komende week tot 10 dagen vooruit wordt daarom in ons land geen neerslag meer verwacht en de langdurige droogte houdt dan ook voorlopig nog aan en omdat het na woensdag warmer wordt en de zon weer volp gaat schijnen, zal de situatie dan nog wat extremer worden. Het blijft wachten op de weersomslag die er na een droog voorjaar bijna altijd wel gekomen is, maar dit jaar moeten we er in Nederland lang op wachten.

Buiten Nederland is de droogte in de stroomgebieden minder extreem; er is daar begin mei al aardig wat regen gevallen en vandaag en morgen valt wederom een flinke hoeveelheid. De Alpen liggen ver genoeg af van het nieuwe hogedrukgebied en daar kan ook op woensdag en vrijdag of zaterdag nog regen vallen, wat dan ten goede zal komen aan de Rijn.

Rijn stijgt tot iets boven de 1500 m3/s

De waterstand in de Rijn steeg de afgelopen week minder snel dan ik had verwacht. Een golfje dat vanuit Zuid Duitlsland onderweg was, zakte meer in dan ik had voorzien en uiteindelijk steeg de stand bij Lobith niet verder dan tot 8,3 m. Er komt echter een herkansing, want in het midden van de week is een nieuw golfje ontstaan in de Bovenrijn en dat heeft nu bijna Nederland bereikt, waardoor de waterstand uiteindelijk toch nog naar ca 8,5 m +NAP zal stijgen. Dat is dan op dinsdag en de afvoer zal dan tot ca 1600 m3/s zijn gestegen, dat is ca 150 m3/s meer dan nu.

Na dinsdag gaat de waterstand niet weer ver omlaag, want de regen die vandaag en morgen in Noord Frankrijk en Midden Duitsland valt, zal voor een extra stijging zorgen in het tweede deel van de week. Nadat de waterstand bij Lobith van dinsdag op woensdag wat is gezakt kan deze daarna weer gaan stijgen. Het zal geen grote stijging zijn, maar een stand tot ca 8,75 m +NAP in het volgend weekend is dan mogelijk. De afvoer zal dan tot ca 1750 m3/s zijn gestegen.

Als de regenzone na dinsdag is weggetrokken verloopt de rest van de week grotendeels droog in het stroomgebied van de Rijn. Alleen in de Alpen valt nog wat regen, maar dat is onvoldoende om de afvoer voldoende aan te blijven vullen om het wat hogere niveau van de komende dagen in stand te houden. Na het komend weekend zal de afvoer daarom weer gaan dalen. De kans is groot dat die daling doorzet tot ca 1500 m3/s in de loop van die week, of het weer moet tegen die tijd omgeslagen zijn, maar de kans daarop lijkt voorlopig klein. 

Samengevat is de verwachting voor Lobith: eerst een kleine stijging tot ca 8,5 m op dinsdag 12 mei, daarna een dag stabiel of licht dalend en na woensdag 13 mei een nieuwe stijging tot ca 8,75 m op 16 of 17 mei. Daarna weer dalend naar 8,3 m rond 22 mei.

Maas kan iets stijgen, maar niet veel

De Maas daalde de hele afgelopen week en de afvoer bij Maastricht is gisteren tot onder de 100 m3/s gedaald. Gisteren vielen er al wat buien in de Ardennen en daardoor is de afvoer nu weer iets gestegen tot net boven de 100 m3/s. Vandaag en morgen staan ook flinke buien op het programma. De meeste neerslag, tot zelfs meer dan 4 cm, lijkt echter in het Franse deel van het stroomgebied te gaan vallen en neerslag die daar valt heeft meestal niet zoveel invloed op de Maasafvoer in Nederland.

Voor de Maas verwacht ik daarom dat de afvoer bij Maastricht morgen nog iets verder zal stijgen tot ca 150 m3/s op dinsdag. Op woensdag is de afvoer dan nog ongeveer net zo hoog, om daarna weer te gaan dalen. In het komend weekend zal de afvoer dan weer onder de 100 m3/s duiken.

Omdat het in het stroomgebied van de Maas na de regen van vandaag en morgen ook weer langdurig droog wordt, zal de afvoer ook na het komend weekend blijven dalen.  Het erg lage niveau voor de tijd van het jaar zal daarom nog wel even voort duren.

Bewegend zand als bescherming tegen de zee

De Nederlandse kust is een bijzonder dynamisch gebied. Het zand waar het strand uit bestaat en waar we 's zomers onze handdoek op uitspreiden is namelijk bijna altijd in beweging. Wind en water pakken het op en verplaatsen het telkens een beetje, meestal in noordelijke richting. Zo zal een zandkorrel die ooit vanuit België bij Cadzand Nederland binnen schuifelt, uiteindelijk, honderden of misschien wel duizenden jaren later, bij Noordoost Groningen ons land weer verlaten.

De afgelopen weken was het erg helder weer en de beelden die de Sentinel-satelliet maakte boden daarom een prachtig inkijkje op wat er zich vlak onder water langs onze kustlijn allemaal afspeelt. De foto hieronder is van de Voordelta; een van de meest dynamnisch delen van onze kustlijn. In de foto is helemaal bovenaan het strand van de Maasvlakte te zien, rechts ligt de kust van Voorne en onderaan de kustlijn van Goerree.

Rechtonder ligt de Haringvlietdam en het water van Rijn en Maas, dat door de sluizen van deze dam naar buiten stroomt, is op de foto te volgen aan de wat donkerdere kleur. Zoet water drijft altijd op zout water en daarom blijft het zoete water nog lang herkenbaar en is goed te zien hoe het zich tussen de zandbanken door een weg naar de Noordzee zoekt.

Voordelta maart 2020.jpg

Satellietbeeld van de Voordelte voor de kust van Voorne en Goerree, waar zich een fraai ensemble van zandbanken heeft ontwikkeld
Satellietbeeld van de Voordelte voor de kust van Voorne en Goerree, waar zich een fraai ensemble van zandbanken heeft ontwikkeld

Sinds de Haringvliet in 1970 met een dam is afgesloten is het patroon van de stromingen van het zeewater en de rivieren in de Voordelta sterk veranderd. Zand dat vroeger verder buitengaats lag is sindsdien opgepakt en samengebracht in de zandbanken die er nu liggen. Dit proces is nog steeds aan de gang en ieder jaar schuiven de zandbanken enkele tientallen meters op richting de kustlijn. Op de foto hieronder heb ik de ligging van contouren van de zandbanken van 2016 met een zwarte lijn aangegeven op de foto van 2020.

Het is goed te zien hoe de grote kommavormige plaat, de Hinderplaat, langzaam naar het oosten opschuift. In het noorden liggen enkele kleinere platen die nog wat sneller bewegeen en ook in het zuiden, is de snelheid van de het verst in zee gelegen plaat groter. De komende jaren zullen deze zandbanken steeds verder naar de kust bewegen en de kans is groot dat ze op termijn ook aan de huidige kust vastgroeien. Er zal dan een uitgestrekte ondiepe kustzone ontstaan, als een kleinere variant van de Waddenzee, waar het zoete rivierwater en het zeewater in elkaar overgaan, met slik- en zandplaten, jonge duinen en slufters; maar dan zijn we ondertussen wel vele tientallen jaren verder. 

Voordelta 2016 - 2020.jpg

De verschuiving van de zandplaten is zichtbaar als de contouren van de waterlijn van 2016 (de zwarte lijnen) op de foto van 2020 worden gelegd.
De verschuiving van de zandplaten is zichtbaar als de contouren van de waterlijn van 2016 (de zwarte lijnen) op de foto van 2020 worden gelegd.

Het bewegende zand levert in de Voordelta een mooi schouwspel op en het is belangrijk voor de natuur die in de opdiepe kustzone leeft, maar in de kuststrook zelf spelen deze zandkorrels nog een heel andere rol. Ze vormen daar met zijn allen de Nederlandse verdediging tegen overstromingen vanuit zee. Waar andere gebieden door dijken en dammen tegen overstromingen worden beschermd, is langs de Nederlandse kust gekozen voor bewegend zand. Het zand mag zich ook verplaatsen onder invloed van de dynamische processen, als aan een voorwaarde maar wordt voldaan, dat er overal altijd voldoende ligt om superstormen en stormvloeden te kunnen doorstaan. 

Uit metingen aan de hoogte van zeebodem en de ligging van de kustlijn weten we echter dat aan die voorwaarde niet altijd wordt voldaan. Het zand spoelt soms sneller weg dan gewenst en dan ontstaan er zwakke plekken in de kustzone. Om dat te voorkomen wordt de kustlijn regelmatig aangevuld met extra zand dat van uit een dieper deel van de Noordzee wordt aangevoerd. Dicht onder de kustlijn wordt het dan in zee gestort, waarmee de zandstroom wordt gevoed, die het zand oppakt en verder naar het noorden voert.

Vanouds gebeurt dit zogenaamde suppleren van zand steeds op de plaatsen waar de kustlijn verzwakt is geraakt. Een jaar of 10 geleden is er echter voor de kust van Zuid Holland, tussen Hoek van Holland en Den Haag, voor een andere manier gekozen en dat is de aanleg van een zogenaamde zandmotor. Het idee achter de zandmotor is om op een plek een enorme extra hoeveelheid zand neer te leggen, wat dan vervolgens over een periode van tientallen jaren de zandstroom langs de kust kan voeden. Al die tijd hoeft er dan niet gesuppleerd te worden en omdat het zand zich noordwaarts beweegt is het de verwachting dat ook de rest van de kust er van profiteert.

De foto's hieronder zijn van 2015 (links) en 2020 (rechts). Aan het meetlatje is te zien dat de kustlijn op het verste punt zo'n 50 tot 75 meter is opgeschoven in deze 5 jaar. Er verdwijnt dus inderdaad veel zand en ieder jaar wordt de zandmotor weer wat kleiner door de golven die het zand van het strand afslaan, waarna het door de stroming wordt opgepakt. Het zand beweegt daarna in noordelijke richting, wat te zien is aan de kustlijn die daar juist enkele tientallen meters verder naar zee is opgeschoven.

Er is ook zand dat door de wind wordt opgepakt en naar het binnenland wordt gevoerd. Een deel van dit zand bezinkt in de twee meren die bij de aanleg in de zandmotor zijn uitgespaard. Deze meren zijn daardoor flink kleiner geworden. Uiteindelijk zal de zandmotor geheel door de golven en de wind zijn opgegeten. Afgaande op de snelheid waarmee de kustlijn de laatste 5 jaar is opgeschoven zal dat nog zo'n 20 tot 25 jaar duren.

Zandmotor 2020 op 2015 en vv.jpg

Satellietfoto van de Zandmotor voor de kust van Zuid Holland. Links een foto uit 2015 met daarop in rood de kustlijn van 2020 en rechts de foto van 2020 met daarop in zwart de kustlijn van 2015.
Satellietfoto van de Zandmotor voor de kust van Zuid Holland. Links een foto uit 2015 met daarop in rood de kustlijn van 2020 en rechts de foto van 2020 met daarop in zwart de kustlijn van 2015.