U bent hier

Minder regen, weer dalende waterstanden

De afgelopen week was het nat in de stroomgebieden en ontstond in de Rijn de eerste kleine watergolf van dit winterseizoen. Voorlopig blijft het daarbij, want de komende week valt er minder neerslag en na de passage van de piek dalen de waterstanden weer. In het weer- en waterbericht leest u hoe de week verder verloopt. Dankzij de wat hogere Rijnafvoer is deze week de Kier in de Haringvliet weer even open gegaan. Aan het eind van het bericht een korte analyse wat hiervan te merken is.

Weerpatroon blijft hetzelfde, maar minder neerslag

Een groot lagedrukgebied boven de Britse eilanden en Ierland behoudt voorlopig zijn invloed op het weer in west Europa, maar er gaat minder regen vallen dan in de afgelopen week. Aan het eind van de week ziet het er naar uit dat hoge druk zich vanuit het zuiden uitbreidt en wordt de kans op neerslag nog wat kleiner. 

De meeste regen viel de afgelopen week boven Noord en West Nederland. Lokaal is daar deze mand al meer dan 10 cm regen gevallen (plaatselijk zelfs 15) en daar is oktober nu al een veel te natte maand. In Zuidoost Nederland was het duidelijk droger, maar viel toch nog zo'n 5 cm en hier zou oktober, met de hoeveelheid neerslag die nog wordt verwacht de komende dagen, een ongeveer normale maand kunnen worden. 

De regenzones schoven ook over de stroomgebieden van Rijn en Maas en vooral in dat van de Rijn viel wat meer regen dan ik vorige week had voorzien. Op dinsdag en vooral donderdag viel er in het stroomgebied van de Rijn voldoende om het eerste piekje van het winterseizoen op te bouwen. Ook de Moezel kreeg nu aardig wat water te verwerken en het eerste deel daarvan is inmiddels bij Lobith aangekomen.

De komende dagen passeren nog enkele regenzones en iedere dag valt er wel neerslag in de stroomgebieden: in dat van de Maas op dinsdag, donderdag en vrijdag en in dat van de Rijn op dinsdag, woensdag en vrijdag. De hoeveelheden zijn echter niet groot en onvoldoende voor een nieuwe, grotere stijging van de afvoeren. Wel zorgt het ervoor dat de daling later in de week wat wordt vertraagd.

Rond het volgend weekend ziet het er naar uit dat een hogedrukgebied zich over het westen ven Europa uitbreidt en dat zou dan een wat langere droge periode kunnen aankondigen. Als dat uit komt, dan zullen de afvoeren na dat weekend nog wat verder dalen. 

Rijn voor het eerst boven de 2000 m3/s; waterstand boven de 9 m +NAP

De Rijnafvoer begon vanaf dinsdag te stijgen toen het regenwater vanuit de Moezel en andere Noord Duitse rivieren Lobith bereikte. Die stijging heeft de hele week aangehouden en versnelde vanaf vrijdag nog wat en inmiddels is de 1900 m3/s gepasseerd. Dit is ca 20% meer dan de normale afvoer voor deze tijd van het jaar. De waterstand steeg daarbij meer dan een meter en zal later vandaag de 9 m passeren. Het is voor het eerst sinds eind juni dat die waarde weer wordt bereikt.

Vandaag en morgen stijgt de afvoer nog langzaam verder en ik verwacht maandagavond de hoogste waarde, net iets onder de 2100 m3/s. De waterstand zal dan tot ca 9,20 m +NAP zijn gestegen. 

Vanaf dinsdag daalt de afvoer dan weer; eerst met ca 150 m3 per dag en vanaf vrijdag met ca 100. In het komend weekend zal de afvoer dan weer bij ca 1500 m3/s zijn uitgekomen. De waterstand is dan gezakt naar ca 8,4 m +NAP. Zoals het er nu naar uitziet zal de afvoer daarna eerst een dagen ongeveer stabiel blijven rond de 1500 m3/s, om later in die week nog wat te gaan dalen.

Die daling is dan het gevolg van het drogere weer dat het hoge drukgebied met zich meebrengt dat zich later deze week zal ontwikkelen. Het is nu nog niet te zeggen of de daling lang door zal zetten en hoe ver de afvoer zal dalen. Tot nu toe zijn de hoge drukgebieden deze herfst niet zo heel standvastig en maken ze al snel weer plaats voor nieuwe regengebieden. 

Op grond van de hitorische gegevens is de kans op een lange daling ook niet zo groot. Sinds het begin van de metingen in 1900 bij Lobith is het nog nooit gebeurd dat de afvoer na een piek tot boven de 2000 m3/s in oktober, later in het najaar weer tot onder de 1000 m3/s is gezakt. In november of december komt de afvoer gemiddeld eens in de 4 jaar onder de 1000 m3/s, maar dat waren nooit jaren waarin de afvoer in oktober al tot boven de 2000 m3/s was gestegen. 

Maasafvoer daalt deze week langzaam

In het stroomgebied van de Maas viel ongeveer de verwachjte hoeveelheid regen en dat zorgde bij Maastricht voor een stijging tot ongeveer 150 m3/s op da dagen na de regenval. Omdat het sinds vrijdag weer droog is gebeleven, is de afvoer nu weer naar ca 100 m3/s gedaald.

De komende dagen wordt het wel zo nu en dan regen verwacht, maar de hoeveelheden zijn niet groter dan ca 1 cm per dag. Dat is onvoldoende voor een duidelijke stijging. Ik verwacht daarom dat de afvoer deze week tussen de 75 en 100 m3/s zal blijven schommelen. De natste dag lijkt donderdag te gaan worden, mogelijk dat de afvoer vrijdag dan even wat hoger is.

Vanaf komend weekend is de kans het grootst dat het wat langer droog blijft en dan kunnen de afvoeren weer wat verder dalen. Het stroomgebied van de Maas was sterk uitgedroogd in de afgelopen maanden en de neerslag van de voorbije week heeft dat maar deels aangevuld. Als het dan even wat langer droog is, zakt de afvoer daarom weer snel naar erg lage waarden. Ik verwacht daarom dat de Maasafvoer na volgend weekend weer tot 50 m3/s zal dalen of nog wat lager.

Kier Haringvliet even open

Vorig najaar werd de Kier in de Haringvlietdam officieel geopend. In de 70-er jaren van de vorige eeuw was deze dam gebouwd als waterkering om stormvloeden buiten te houden. Anders dan de Oosterscheldekering, die alleen bij storm dicht gaat en waar het zeewater in en uit kan stromen met het getij, is de Haringvlietdam altijd gesloten voor het zeewater en daarom is het Haringvliet een zoetwatermeer geworden. Wel kan bij de Haringvlietdam rivierwater naar buiten gelaten worden. Rijn en Maas monden namelijk uit in het Haringvliet en dat water wordt naar de Noordzee gespuid als het eb op de Noordzee is. Tijdens vloed sluit de kering dan weer.

Nadat gebleken was dat de Oosterscheldekering een groot succes was, kwamen er al snel plannen om ook de Haringvlietdam als een open kering te gaan beheren; die dan alleen bij storm nog dicht zou hoeven. Dit bleek echter makkelijker bedacht dan gedaan en het duurde vele tientallen jaren voordat de plannen eindelijk ten uitvoer konden worden gebacht. En toen het zover was, was er van het oorspronkelijke plan ook niet meer zoveel meer over. Van de 17 schuiven die de Haringvlietdam telt gaan er maximaal één of enkele een klein beetje open en alleen als de Rijnafvoer bij Lobith groter is dan 1500 m3/s. 

Sinds de opening vorig jaar is de Kier nog maar een paar keer open geweest en als dat gebeurde niet meer dan enkele dagen. Dit lag niet aan de Rijnafvoer want die was het grootste deel van de tijd groter dan 1500 m3/s. De oorzaak is dat er eerst voldoende ervaring opgedaan moet worden met het nieuwe beheer van de dam. Als de Kier open staat, stroomt er namelijk zout zeewater naar binnen en het is niet te bedoeling dat dat zout te ver in het Haringvliet opdringt. Op circa 15 km afstand ligt de monding van het Spui en het zoute water mag niet verder komen dan tdat punt. Verderop langs het harimngvliet en in het Spui liggen namelijk innamepunten voor zoet water, voor landbouw en industrie in de Rijnmond, en die moeten altijd zoet blijven.

Het onder controle krijgen van de instroom van het zoute water is niet zo eenvoudig en daarom zal Rijkswaterstaat eerst een paar jaar experimenteren met de Kier om te leren hoe het zoute water zich in het verder zoete Haringvliet gedraagt. Dit voorjaar is de Kier voor het eerst enkele dagen open geweest en toen is bestudeerd hoe lang het duurt voordat het zoute water, als het zich in het Haringvliet bevindt, weer naar de Noordzee terugspoelt als er rivierwater wordt gespuid. Het spuien van rivierwater naar de Noordzee tijdens eb gaat namelijk gewoon door en daarmee spoelt dan een groot deel van het, tijdens vloed naar binnen gestroomde, zoute water, weer mee naar buiten. Uit de proeven bleek dat in een dag of 2 tot 3 het meeste zoute water weer terug gespoeld is.

Deze week stond een nieuwe proef op de agenda. Omdat de Rijnafvoer een aantal dagen tot boven de 1500 m3/s zou stijgen, kon een nieuw experiment worden gestart. Weer werd gedurende enkele uren zout water ingelaten, maar nu is het de bedoeling dat dit veel langer in het Haringvliet mag achterblijven. Zout water is zwaarder dan zoet water en zakt daarom meteen naar de bodem van het Haringvliet. Daar mag het nu enkele weken of nog langer blijven zodat Rijkwaterstaat kan bestuderen hoe het zoute water zich daar gedraagt: mengt het zich langzaam met het zoete water hogerop in de waterkolom of blijft het rustig liggen en wat gebeurt er als tijdens een storm het oppervlak van het Haringvliet sterk in beroering wordt gebacht. 

Het is een spannende proef want niemand weet op voorhand hoe het zal aflopen. Als het zout rustig op de bodem blijft liggen dan is dat goed nieuws voor de Kier, want dan hoeven we ons niet zoveel zorgen te maken dat zout water dat soms achterblijft nadat de Kier geopend is, zich snel zal mengen en de innamepunten bedreigt. Maar als het zout heel mobiel blijkt te zijn en zich bijvoorbeeld via de bodem verspreid om dan verderop op te wellen, dan zal het beheer veel strakker geregeld moeten worden.

In de figuur hieronder is een uitsnede te zien van het Haringvliet van de website van RWS (waterinfo.nl) waarop het zoutgehalte van het water is afgebeeld. Er zijn een groot aantal meetpunten te zien en bij de meeste wordt op meerdere diepten gemeten. Groen is zoetwater, lichtblau brak en donkerblauw zout. Duidelijk is te zien hoe het westelijk deel van het Haringvliet onderin zout is en naar boven toe zoeter wordt. Het zout bevindt zich hier dus op de bodem, die hier 12 tot 15 meter diep is. Voorbij de Slijkplaat is het zout niet gekomen en het meetpunt bij Middelharnis en aan de monding van het Spui zijn op alle diepten nog zoet. Het zoute water is dus binnen de vooraf afgesproken begrenzing gebleven. 

zout Haringvliet.jpg

Zoutgehalten Haringvliet na de proef met de Kier.
Zoutgehalten Haringvliet na de proef met de Kier.

De figuur hieronder is van het eerste meetpunt ten oosten van de dam. Hier is goed te zien hoe de Kier enkele uren open ging in de nacht van 10 oktober. Het zoute water stroomde toen langs dit meetpunt, dat op 6 m diep ligt,  het Haringvliet in. Na enkele uren werd de dam weer gesloten en stopte de instroom. Het zoute water zakt dan uit naar grotere diepte (het is daar ca 15 meter diep) en op 6 m diep wordt het water weer bijna zoet. 

Schermafbeelding 2019-10-13 om 15.03.51.png

Zoutmeting op 8 m diep in het Haringvliet; vlak achter de dam.
Zoutmeting op 8 m diep in het Haringvliet; vlak achter de dam.

Als we op zoek gaan naar het zoute water dan blijkt dat het verder naar het oosten is doorgestroomd. Van het volgende meetpunt, ca 5 km naar het oosten, heb ik het verloop van de 3 zoutmeters (op 2m, 8m en 13 m) onder elkaar gezet. Aan de bodem is het ingestroomde zout zeer duidelijk zichtbaar als een plotselinge sprong van zoet naar geheel zout water. Deze laag zoutwater is hier sindsdien blijven liggen. Op 8m diep is de aankomst van het zoute water ook goed zichtbaar, maar het water is iets gemend en wat minder zout. Na een dag of 2 is het zout nog wat verder uitgezakt en wordt dit punt ook weer snel zoeter.

Net onder de oppervlakte is ook merkbaar dat het zoute water tot daar is opogewerveld. Maar het gehalte is hier wel veel lager (de waarden op de vertikale as zijn veel kleiner) en wie het wsater zou proeven zou het iets hogere gehalte nog niet bemerken. Na een dag of 2 is het beetje zout dat zich hier in het water bevond, ook bijna weer verdwenen. 

Zoutmeting Kier.jpg

Verloop zoutgehalte op drie waterdiepten op ca 5 km ten oosten van de Haringvlietdam.
Verloop zoutgehalte op drie waterdiepten op ca 5 km ten oosten van de Haringvlietdam.

Het zoute water is over de bodem nog verder naar het oosten doorgedrongen. De grafiek hieronder is van het diepste punt (-15 m) bij de meetlocatie Middelharnis op 15 km ten oosten van de dam. Hier kwam het zout aan ca 12 uur na het openen van de Kier. Het gaat om een kleine hoeveelheid, vergelijkbaar met die aan de oppervlakte dichterbij de dam. Dankzij de stroom zoetwater die nu door het Haringvliet op gang komt in de richting van zee, omdat de rivierafvoer stijgt, spoelt het zout hier nu weer snel weg.

Schermafbeelding 2019-10-13 om 18.42.53.png

Verloop zoutgehalte op 15 m diepo bij Middelharnis op ca 15 km ten oosten van de Haringvlietdam.
Verloop zoutgehalte op 15 m diepo bij Middelharnis op ca 15 km ten oosten van de Haringvlietdam.

Ook op de Noordzee ligt een meetpunt. Hier is het water uiteraard zout, maar bij het bovenste meetpunt daar is het toch wat zoeter. Dit is het zoete rivierwater dat via de keringen naar buiten stroomt en voor de dam mengt met het zoute zeewater. In de grafiek hieronder is goed te zien dat op 10 oktober ook werd begonnen met het spuien van rivierwater. De Rijnafvoer bedroeg toen bij Lobith ca 1500 m3/s en dat is het moment dat een deel van het rivierwater hier naar gaat stromen. Precies omgekeerd aan wat in het haringvliet gebeurt, blijft het zoete water bovenop het zoute zeewater drijven als een enkele meters dikke laag. Omdat de zee echter veel dynamischer is, met golven en stroming, wordt dit zoete water wel snel gemengd en op enkele kilometers van de dam is er meestal al niet veel meer van te merken.

Schermafbeelding 2019-10-13 om 18.26.00.png

Verloop zoutgehalte aan de Noordzeezijde van de Haringvlietdam.
Verloop zoutgehalte aan de Noordzeezijde van de Haringvlietdam.