U bent hier

zondag 24 februari 2019

De afgelopen week is zo goed als droog verlopen en de waterstanden in de rivieren dalen dan ook vrij snel. Ook de komende week verloopt eerst droog, maar later lijkt er verandering te komen. De effecten op de waterstanden blijven voorlopig echter klein. Naast de gebruikelijke weer- en waterverwachting dit maal wat extra aandacht voor de sneeuwsituatie in de Alpen en voor een van de naweeën van de droge zomer van 2018; het hoge zoutgehalte van het IJsselmeer. 

Hoge drukgebieden houden nog één week stand, daarna overgang naar wisselvalliger weer

Het weer in de stroomgebieden werd deze week vooral bepaald door een groot hoge drukgebied dat ook de week ervoor al boven Europa lag. Dit hoge drukgebied schoof wat heen en weer en dat bepaalde waar de wind bij ons vandaan kwam en of het bewolkt was of niet. Actieve regengebieden bleven op verre afstand boven de Atlantische Oceaan en het bleef dan ook vrijwel overal droog.

Inmiddels ligt het hoge drukgebied weer wat dichter bij ons en is het helder geworden met vrij warm weer. Dit weertype houdt aan tot woensdag of donderdag. Daarna trekt het hoge drukgebied zich wat terug naar het zuidwesten en dit maakt de weg vrij voor een westelijke luchtstroming waarmee dan ook voor het eerst sinds 3 weken weer regengebieden naar de stroomgebieden van Maas en Rijn kunnen worden aangevoerd.

Heel actief lijkt de westelijke circulatie echter nog niet te worden en veel nattigheid hoeven we in eerste instantie dan ook niet te verwachten. Op donderdag dringt een eerste regengebied door, wat in de Ardennen en op vrijdag ook in Oost Frankrijk en Zuid Duitsland voor neerslag kan zorgen. Waarschijnlijk net voldoende voor een kleine stijging van de waterstanden in de dagen daarna. 

Pas vanaf zondag volgt er meer regen in de stroomgebieden en dit lijkt het begin van een meer wisselvallige periode met wel regelmatig neerslag. Hoeveel dat gaat worden en hoe lang dat weertype dan aanhoudt, is nu nog niet te zeggen, maar grote regenhoeveelheden zitten voorlopig nog niet in de verwachtingen. 

Daling van de houdt nog zeker een week aan

Het langdurig droge weer zorgde ervoor dat de waterstand van de Rijn de hele week daalde en bij Lobith bedraagt de waterstand nu 8,8 m +NAP. De afvoer bevindt zich nu bij 1825 m3/s, wat ongeveer 65% is van de normale hoeveelheid voor deze tijd van het jaar. 

Omdat de droogte nog een week aanhoudt, daalt de waterstand de komende week verder, maar niet meer zo snel. Iedere dag gaat er bij Lobith ca 5 cm vanaf en in het volgend weekend wordt dan de 8,5 m +NAP bereikt. Waarschijnlijk zet de daling dan ook nog door tot medio de week erna en tegen die tijd verwacht ik een waterstand van ca 8,3 m +NAP en een afvoer van iets boven de 1500 m3/s. Daarna zou dan het eerste water aan kunnen komen van de regenval die op vanaf vrijdag in het stroomgebied wordt verwacht. Maar dat duurt nog lang en hoe het precies gaat verlopen is daarom nog onzeker.

Als de afvoer tot 1500 m3/s daalt, dan is dat laag voor de tijd van het jaar, want normaal is ca 2800 m3/s. Maar uitzonderlijk is het niet, er zijn ook winters geweest met nog veel lagere afvoeren, van 1000 m3/s of zelfs nog wat minder. Vaak waren dat winters met koud winterweer, waardoor de waterafvoer sterk terug liep. Maar ook in het huidige opgewarmde klimaat komt het soms voor, zoals  in 2017 toen de afvoer de hele maand januari erg laag bleef. Ook toen lag er wekenlang een hoge drukgebied boven Europa. 

Sneeuwsituatie in de Alpen 

Een lage Rijnafvoer in deze tijd van het jaar zegt niet zoveel over wat er de komende maanden gaat gebeuren. Meestal stijgt de afvoer wel weer in maart en ook in april kunnen er nog (kleinere) hoogwatergolven optreden. Die worden dan vooral veroorzaakt door regenval of smeltende sneeuw in de Middelgebergten. De Rijn heeft dit jaar echter ook nog heel wat water tegoed dat nu nog in de vorm van sneeuw in de Alpen ligt opgeslagen. 

Doorgaans begint de sneeuw in de Alpen pas echt te smelten vanaf eind maart en dat duurt dan door tot in juni. Door het warme weer van de afgelopen week is de sneeuwlaag met name onder de 2000 m al wel wat geslonken maar dat ging om slechts enkele decimeters en in het deel van de Alpen dat afwatert op de Rijn is het sneeuwpakket overal nog ruim dikker dan in een gemiddeld jaar. 

En vanaf volgend weekend wordt er weer nieuwe sneeuw verwacht en kan de sneeuwlaag boven de 1500 m weer gaan aangroeien met een verse 50 tot 80 cm. Als al deze sneeuw in het voorjaar gaat smelten dan levert dat een extra bijdrage aan de Rijnafvoer tot zo’n 1000 m3/s. Daarmee kunnen we nu al wel zeggen dat de Rijnafvoer in de periode tussen half april en half juni niet heel erg laag zal worden, zelfs als er weinig neerslag valt.

Een hoogwatergolf zal de smeltende sneeuw in mei of juni niet veroorzaken. Dikke sneeuwlagen smelten namelijk nooit in een keer weg en als er al eens veel sneeuw in korte tijd smelt, dan zorgen de grote meren in Zwitserland ook nog voor een flinke buffering, zodat de extra afvoer nooit veel hoger wordt dan ca 1000 m3/s.

Maas daalt de komende week langzaam verder

De Maasafvoer is de afgelopen week gestaag gedaald en bij Maastricht nu tussen de 200 en 250 m3/s uit gekomen. Dat is ruim onder de gemiddelde afvoer voor deze tijd van het jaar, die ca 425 m3/s bedraagt.

De komende week daalt de afvoer heel langzaam verder en aan het eind van de week zal deze rond de 175 m3/s schommelen. Als er donderdag en vrijdag regen gaat vallen, zou in het weekend de afvoer weer wat kunnen gaan stijgen. 

Veel regen wordt echter niet verwacht en het zal dan hoogstens om een bescheiden stijging gaan van ca 100 of 150 m3/s. Als het wisselvallige weer na het weekend doorzet, dan kan de afvoer in de eerste week van maart wel weer wat verder gaan stijgen. Maar of dat uit komt is nog onzeker, dus daarover meer in een volgend bericht.

Zoutgehalte IJsselmeer nog steeds relatief hoog, agv droge zomer van 2018

De vorige zomer was het langdurig droog en de waterstanden van de rivieren daalden tot zeer lage waarden en dat leverde de waterbeheerders nogal wat hoofdbrekens op. Sinds eind november is het natter geworden en de 3 wintermaanden verliepen in Nederland wat de neerslag betreft ongeveer normaal; ook al waren er soms lange droge perioden. 

In de stroomgebieden van Rijn en Maas viel ook aardig wat neerslag, maar daar vielen ook de soms lange droge perioden op, die tot wel 3 weken duurden. Daarna kwam er echter altijd wel weer een periode met flink wat neerslag. Gemiddeld genomen voerden de rivieren wel wat minder water af dan in een normale winter: de Rijn 75% van de normale hoeveelheid en de Maas 80%.

Een van de problemen die vorig jaar de kop op stak tijdens de perioden met lage rivierafvoer was het zoute zeewater dat ver het land in kon dringen. Het zoete water wordt doorgaans gebruikt om tegendruk te bieden tegen het zoute water, maar als er dan weinig zoet rivierwater beschikbaar is, kan het zout opdringen. Dit gebeurde, zoals te verwachten is, bij de enige open verbinding (Nieuwe Waterweg) die de Rijn heeft met de Noordzee, maar ook trad het op bij de tientallen sluizen waar het binnenwater met de zee in verbinding staat. 

Twee van die sluizen liggen in de Afsluitdijk en scheiden daar het zoete IJsselmeer met de zoute Waddenzee. De sluizen zijn er voor de scheepvaart, maar ook om overtollig zoet water te spuien dat via de IJssel en de Vecht het IJsselmeer in stroomt. Vorig jaar was er maandenlang zo weinig rivierwater dat er niet of nauwelijks water gespuid hoefde te worden. Ondertussen gingen de sluizen wel vaak open voor de scheepvaart en bij iedere keer schutten komt er dan wat zout zeewater naar binnen. 

Op het hele grote volume van het IJsselmeer maakt dat beetje schutwater niet zoveel uit, maar veel kleine beetjes maken toch een grote hoeveelheid en in het najaar werd dit, na maandenlang schutten, merkbaar aan het zoutgehalte van het IJsselmeer. Gewoonlijk schommelt dit tussen de 50 en 100 mg/l, maar in november steeg het zelfs tot 200 mg/l. Dat leverde problemen op, oa voor de inname van drinkwater dat aan een norm is gebonden van van 150 mg/l.

Wat ook niet hielp was dat het zoutgehalte van het Rijnwater in het najaar sterk toenam. Franse zoutfabrieken lozen nog steeds dagelijks zout in een zijrivier van de Rijn. Bij hoge en gemiddelde afvoeren wordt dat verdund, maar  bij zeer lage afvoeren loopt het zoutgehalte van de Rijn daardoor ook op tot 150 mg/l.

In december nam de Rijnafvoer na lange tijd weer duidelijk toe, waarmee zowel het zoutgehalte van het Rijnwater weer lager werd, als dat er meer water beschikbaar kwam om het IJsselmeer door te spoelen. Maar het volume van het IJsselmeer is erg groot (5 miljard m3/s) en eerder liet ik in een berekening al zien dat er, zelfs bij die wat hogere afvoeren, meer dan een maand nodig zou zijn om het gehalte weer onder de 150 mg/l te laten zakken. 

In de grafiek hieronder is het zoutgehalte van het IJsselmeer vanaf midden november weergegeven. De rode lijn is het zoutgehalte voor de kust van Noord Holland, bij Andijk, en de blauwe lijn is de afvoer van de Rijn bij Lobith. 

Andijk zoutgehalte.jpg

Verloop zoutgehalte IJsselmeer (rode lijn) in relatie tot de Rijnafvoer bij Lobith (blauwe lijn)
Verloop zoutgehalte IJsselmeer (rode lijn) in relatie tot de Rijnafvoer bij Lobith (blauwe lijn)

In november lag het zoutgehalte eerst nog tussen de 150 en 175 mg/l, maar liep toen door de zeer lage afvoeren op tot tussen de 175 en 200 mg/l.  Ondanks dat de Rijnafvoer in december toeneemt, verandert er eerst nog niet zoveel. Pas na de eerste kleine hoogwatergolf begin januari gaat het zoutgehalte langzaam dalen. Die daling zet door, ook al neemt de Rijnafvoer weer wat af. Na de tweede hoogwatergolf, eind januari, gaat de daling nog wat sneller en begin februari wordt het gehalte van 150 mg/l weer onderschreden. 

Wat hielp bij deze tweede golf en ook bij de derde, die in februari volgde, was dat ook de afvoer van de Overijsselse Vecht hoog was en er ook vanuit Drenthe en Overijssel veel water naar het IJsselmeer werd afgevoerd. Het gaat niet om heel grote volumes, ca 25% van de IJsselafvoer, maar omdat dit water veel minder zout bevat dan het Rijnwater, draagt het extra bij aan de ontzilting van het IJsselmeer. 

Twee weken terug bereikte de voorlopig laatste hoogwatergolf het IJsselmeer. Het zoutgehalte daalde daardoor verder tot ca 125 mg/l op dit moment. Dat is duidelijk onder de drinkwaternorm van 150 mg/l, maar wel nog steeds hoger dan je op grond van het gehalte in het Rijnwater zou verwachten. Het zoutgehalte van de Rijn schommelt nu namelijk tussen de 80 en 100 mg/l en ligt dus nog flink lager. Het IJsselmeer is het zout van de vorige zomer dus nog steeds niet kwijt, grofweg is nu zelfs pas de helft ervan afgevoerd. 

Wat verder opvalt in de grafiek zijn de flinke uitschieters naar vooral omhoog en soms omlaag. Deze treden op als er veel wind staat en het water in het IJsselmeer flink wordt gemengd. Het zoutere water dat zich in de diepere delen van het meer bevindt, wordt dan omhoog gevoerd en daardoor stijgt het gehalte aan de oppervlakte. Die uitschieters zijn er nog steeds en dat geeft aan dat zich dieper in het meer nog steeds water met een hoog zoutgehalte bevindt. 

De uitgangssituatie in het IJsselmeer is dit jaar dus minder gunstig dan vorige jaren, ook al is het zoutgehalte nu onder de 150 mg/l gedaald. Als er weer een lange droge zomer volgt, dan zal het gehalte daarom eerder dan in 2018 de 150 mg/l bereiken. Maar de kans op zo’n droge zomer is niet zo heel erg groot. De langdurige blokkade door hoge druk was een vrij uniek weerfenomeen en er is geen aanleiding om te verwachten dat dat dit jaar weer gebeurt. Na historische zeer droge jaren (dit waren er een stuk of 7 in de vorige eeuw) gebeurde het maar één keer dat het jaar daarna ook droog was. 

Het kan ook dit jaar droog zijn, maar de kans is klein. Dat het tot problemen met het zoutgehalte gaat komen is echter niet zo heel waarschijnlijk. Wat het IJsselmeer namelijk dit jaar gaat helpen is de grote hoeveelheid smeltwater die ons t/m juni nog te wachten staat. Daarmee kan het zoetspoelen van het IJsselmeer nog maandenlang worden voortgezet, zodat het gehalte tegen de tijd dat het echte laagwaterseizoen aanbreekt (vanaf augustus) zeer waarschijnlijk wel weer op een normaal niveau zal zijn. 

Een nieuw bericht kunt u volgende week zondag verwachten.