U bent hier

zondag 6 januari 2019

De komende week verloopt minder rustig dan de afgelopen week. Niet dat er veel rivierwater te verwachten is; de Rijn stijgt later in de week wel iets, maar de Maasafvoer blijft laag. Het meest in het oog springend is een (bijna) storm die voor dinsdag op het programma staat en die precies samenvalt met springtij. Ook valt er medio deze week veel sneeuw in de Alpen, wat gunstig is voor de Rijnafvoer later dit jaar.  Na de gebruikelijke weer- en waterverwachting in dit bericht daarom extra aandacht voor de dinsdag-storm en de sneeuw in de Alpen. 

Hoge druk heerst nog steeds, maar niet meer zo krachtig als afgelopen week

Op wat motregen na is het al weer 2 weken droog in de stroomgebieden van Rijn en Maas en dat is te merken aan de waterstanden die, na het kleine hoogwatergolfje rond de kerstdagen, al weer flink zijn gezakt. De veroorzaker van het droge weer is een groot hoge drukgebied boven de Britse eilanden dat een stevige blokkade vormt voor neerslaggebieden die vanaf de Atlantische Oceaan naar Europa willen. Alleen via een lange omweg, ten noorden van Scandinavië langs en dan over de Baltische staten naar het zuiden, lukt het ze uiteindelijk om centraal Europa te bereiken. 

Vanwege de noordelijke omweg zijn deze lage drukgebieden gevuld met koele lucht en als ze dan de Alpen bereiken, valt er op uitgebreide schaal sneeuw. De baan ven de sneeuwgebieden loopt vooral over Oostenrijk, waar, vanwege de aanhoudende noordelijke stroming, extreem veel sneeuw viel. Het stroomgebied van de Rijn viel grotendeels buiten de neerslagzone, op een stukje in het oosten van Zwitserland na. Het stroomgebied van de Maas viel er helemaal buiten. 

Vandaag en morgen houdt dit stromingspatroon nog aan, maar op dinsdag verandert er wat. Het hoge drukgebied trekt zich even wat terug en een klein en krachtig lage drukgebied lukt het dan om zuidelijker langs te trekken, via Schotland en het zuiden van Noorwegen. Dit levert mogelijk een storm op langs de Nederlandse kust en het voert ook een neerslagzone mee, die in Midden en Zuid-Duitsland regen brengt, waar de Rijn van profiteert. Het stroomgebied van de Maas blijft dan ook nog buiten schot en daar wordt vrijwel geen neerslag verwacht. In de Alpen schuift de sneeuwzone dinsdag wat naar het westen op en er valt die dagen ook erg veel sneeuw in centraal Zwitserland. 

Na dinsdag herstelt het hoge drukgebied zich en gaat de deur naar de Oceaan weer op slot. Er volgen dan opnieuw enkele droge dagen. Toch lijkt het er op dat het hoge drukgebied niet meer zo krachtig zal zijn als de afgelopen 2 weken. Later in de week verzwakt het wederom en zakt dan weg naar het zuiden. De weg komt dan open te liggen voor nieuwe lage drukgebieden en de kans is groot dat het in de week vanaf 14 januari wel natter gaat worden in onze omgeving en mogelijk dat de waterstanden in de rivieren dan weer wat verder kunnen gaan stijgen.

Rijn daalt nog iets, maar blijft net boven de 1500 m3/s, daarna weer licht stijgend

De Rijnafvoer is de hele afgelopen week langzaam gedaald en bedraagt momenteel ca 1750 m3/s. Dat is ruim onder het gemiddelde voor deze tijd van het jaar, dat bijna 3000 bedraagt. Als we naar de hele afvoerreeks kijken van de Rijn vanaf het jaar 1900 dan is 5 januari de dag met hoogste gemiddelde afvoer van het jaar: 2915 m3/s. Als we inzoomen op een recentere periode, bijvoorbeeld de afgelopen 30 jaar, dan lag dit gemiddelde nog hoger, met 3250 m3/s en lag de top op 10 januari. Tot en met eind maart blijft het gemiddelde van de Rijnafvoer hoog, maar niet meer zo hoog als in de eerste dagen van januari.

Een afvoer van 3000 m3/s of meer zullen we de komende dagen zeker niet bereiken. De eerste helft van de week zakt de afvoer nog langzaam verder, naar iets boven de 1500 m3/s op woensdag. De waterstand bij Lobith bedraagt dan ca 8,5 m +NAP. Vanaf donderdag arriveert dan het eerste water van de neerslagzone die dinsdag over Duitsland naar het zuiden is getrokken. Heel veel water levert dat niet op, maar de afvoer kan in de dagen daarna wel langzaam wat gaan stijgen naar ca 1800 m3/s in het weekend en mogelijk dat de 2000 nog wordt bereikt in het begin van de week daarna. De waterstanden die daar bij horen zijn respectievelijk 8,75 en 9 m +NAP.  

Hoe de waterstanden zich daarna gaan ontwikkelen is afhankelijk van de intensiteit van de westelijke stroming die zich na volgend weekend waarschijnlijk gaat instellen boven Noordwest Europa. Nu is daar nog niet veel over te zeggen en in een volgend bericht verwacht ik daar meer duidelijkheid over te kunnen geven.

Maas blijft de hele week langzaam dalen

De Maasafvoer daalde de hele afgelopen week en is inmiddels bij Maastricht weer rond de 200 m3/s uitgekomen. Het stroomgebied van de Maas ligt nog wat dichter bij het Britse hoge drukgebied dan dat van de Rijn en als er dinsdag een neerslagzone langs weet te schuiven, dan blijven de Ardennen waarschijnlijk toch grotendeels buiten schot. Als er al neerslag valt, dan lijkt dat vooral aan de oostzijde van de Ardennen te gebeuren en dat deel watert af naar de Rijn.

De daling van de Maasafvoer zal zich de komende week daarom ook nog doorzetten; al verloopt de daling nu nog maar langzaam. Aan het eind van de week verwacht ik dan dat de afvoer bij Maastricht rond de 150 m3/s zal zijn uitgekomen. Pas na 14 januari is weer een stijging mogelijk, mits de westelijke circulatie dan inderdaad weer actief is geworden en neerslagzones aan kan voeren.

Opvallend is dat ook bij de Maas de dag met de hoogste gemiddelde afvoer in begin januari valt, op 4 januari om precies te zijn, met een afvoer van ca 550 m3/s. Ook hier is de gemiddelde afvoer over de afgelopen 30 jaar hoger dan over de hele meetperiode sinds 1911 en valt ze 3 dagen later, op 7 januari. De afvoer over deze 30-jarige periode bedraagt 615 m3/s. Waar de gemiddelde afvoer bij de Rijn tot eind maart vrij hoog blijft, duurt dat bij de Maas maar tot medio februari, om daarna vrij snel te gaan dalen. 

Veel sneeuw in de Alpen; daar profiteert de Rijn komende zomer van

De media besteedden de afgelopen dagen veel aandacht aan de sneeuw die vooral in Oostenrijk is gevallen. De as waarlangs de neerslagzones trokken lag ongeveer over Salzburg en aan de noordzijde van de Alpen rondom deze plaats viel de meeste sneeuw. Dit deel van Oostenrijk ligt in het stroomgebied van de Donau. Allen het uiterste westen van Oostenrijk watert af op de Rijn. Hier viel wat minder sneeuw, maar hogerop in het gebergte ligt nu toch al wel bijna 1,5 m, wat meer is dan in een gemiddeld jaar. Ook in het oosten van Zwitserland viel een flink pak sneeuw en hier ligt inmiddels ook flink wat meer dan in andere jaren. In de kaart hieronder is de huidige sneeuwsituatie aangegeven in vergelijking tot het langjarig gemiddelde. Alleen in het oosten ligt meer dan in een gemiddeld jaar.

Sneeuwhoogte CH.gif

Sneewdikte Zwitserse Alpen in vergelijking tot de normale dikte voor deze tijd van het jaar( bron SLF.CH).
Sneewdikte Zwitserse Alpen in vergelijking tot de normale dikte voor deze tijd van het jaar( bron SLF.CH).

De komende 4 dagen gaat de sneeuwsituatie nog weer flink veranderen, want op dinsdag en woensdag wordt veel nieuwe sneeuw verwacht. De kaart hieronder laat de verwachte sneeuwhoeveelheden zien tot en met donderdag en die lopen hogerop in de bergen op tot meer dan 1 meter. Bovenop de sneeuw die daar al ligt, komen dan ook de centrale Alpen tot bovengemiddelde waarden voor deze tijd van het jaar. 

sneeuwverwachting komende week 2 copy.jpg

Verwachte sneeuwval in cm's in de komende 5 dagen (bron Bergfex.com)
Verwachte sneeuwval in cm's in de komende 5 dagen (bron Bergfex.com)

Dit extra dikke sneeuwdek is gunstig voor de Rijnafvoer later dit jaar. De sneeuw die nu boven de 2000 m valt, smelt pas in mei en juni en dat levert dan enkele maanden lang zo’n 300 tot 500 m3/s extra afvoer op voor de Rijn. Dit extra smeltwater is ook de reden dat de gemiddelde Rijnafvoer tot ver in de zomer aan de hoge kant blijft. Omdat er nu al zoveel sneeuw ligt -en de kans is groot dat dit dek later in de winter nog verder aangroeit- is het zeer waarschijnlijk dat de Rijn ook komende zomer nog lang zal profiteren van dit extra smeltwater. Dit maakt de kans op lage afvoeren in de periode tot en met juli dit jaar een stuk kleiner. 

Dinsdag mogelijk storm met kans op extra hoge springvloed

Vrij plotseling lukt het begin deze week een klein lage drukgebied om het bastion van hoge druk boven de Britse eilanden even opzij te zetten. Dit lage drukgebied trekt dan over Zuid Noorwegen naar de Oostzee en vooral aan de zuidwestkant van dit weersysteem bevindt zich een gebied met erg veel wind, mogelijk storm (dat is windkracht 9 en meer). 

De verwachting is nu dat dit windveld in de loop van de nacht van maandag op dinsdag de Nederlandse kust bereikt. Het meest actieve deel wordt dan voor de periode tussen 6 uur 's ochtends en 15 uur 's middags verwacht. Vooral de Hollandse kust en de Wadden krijgen er mee te maken; in Zeeland lijkt het mee te gaan vallen. 

Stormen zijn door de weermodellen altijd lastig om precies te voorspellen. Als de baan van het lage drukgebied 100 of 200 km afwijkt van de verwachting of als de luchtdruk net iets meer of minder daalt in de kern van het gebied, dan maakt dat meteen al veel uit. De bovenstaande verwachting is dan ook de situatie zoals het er nu naar uit ziet en dit kan dus nog veranderen. Naarmate dinsdag dichterbij komt, wordt de verwachting steeds betrouwbaarder. Via waterinfo.nl kan iedereen de meest actuele verwachting voor de waterhoogten zelf in de gaten houden. 

Deze storm (het is nog niet zeker dat de wind tot kracht 9 aanzwelt, maar voor het gemak noem ik het even zo) zou bijzonder kunnen worden omdat er aan aantal zaken samenvallen. Zo valt het moment van de hardste wind exact samen met springtij. Springtij vindt in Nederland altijd plaats 2 dagen na nieuwe of na volle maan. Vandaag, zondag, is het nieuwe maan, dus aan die voorwaarde wordt dinsdag voldaan. Afhankelijk van de plaats langs de kust zorgt springtij nu voor waterstanden die tot ca. 50 cm hoger zijn dan gemiddeld.

Daarbij is het windveld erg groot en dit beslaat in de loop van dinsdag vrijwel heel de Noordzee. De wind stuwt het water dan in de Noordzee op van noord naar zuid en dit zorgt langs de Nederlandse kust voor een flinke extra opzet. De kans op extra hoog water, bovenop het springtij, is daarom groot. 

Wat tenslotte nog belangrijk is, is de mate waarin de wateropzet door de wind en de getijgolf samen vallen. Zo komt de getijgolf op dinsdag om ca 2 uur ’s nachts vanuit het zuiden bij Zeeland aan. De wind is dan nog niet op zijn hardst en in Zeeland zal het daarom waarschijnlijk meevallen met de wateropzet. De kans dat de Oosterscheldekering dicht moet is niet zo groot. Daarvoor moet de waterstand tot 3 m +NAP stijgen; er wordt nu 2,6 m verwacht.

Rond half 5 uur komt de getijgolf bij  Hoek van Holland aan. De wind is inmiddels al flink aangetrokken en hier zal de wateropzet al wat groter zijn dan in Zeeland. Extreme standen worden ook hier niet verwacht en de kans dat de Maeslandkering in de Nieuwe Waterweg gesloten zal moeten worden is ook niet groot. Daarvoor moet het waterpeil naar 3 m +NAP in Rotterdam; terwijl nu ca 2,1 m wordt verwacht. Mogelijk dat de Algerakering in de Hollandsche IJssel wel sluit, dat gebeurt bij een waterstand van 2,25 m +NAP. 

Door de snelle stijging van het waterpeil zal er erg veel zeewater het Benedenrivierengebied in worden geblazen. De storm steekt erg plotseling op en net voor de storm uit zijn de waterpeilen in het Haringvliet en het Hollands Diep juist aan de lage kant. Het peil in het Haringvliet stijgt dan in korte tijd ca 85 cm en daar is zoveel water voor nodig dat waarschijnlijk ook het zoute zeewater het Haringvliet kan bereiken. De Rijnafvoer is dan net ook weer wat lager en levert onvoldoende tegendruk om de grote opzet van zout water tegen te houden.

Nog verder langs de kust naar het noorden gaat de getijgolf steeds meer samenvallen met het hoogtepunt van de storm. Bij Den Helder komt de getijgolf om 9 uur aan, bij Harlingen om 11 uur en bij Delfzijl om 13 uur. Dit is juist op het moment dat de wind het hardst is en de wateropzet het grootst en met name in de oostelijke Waddenzee worden daarom de meest extreme waterstanden verwacht.

In de avond van dinsdag op woensdag neemt de wind weer net zo snel af als dat ze toe is genomen en zal de situatie voor wate de waterstanden betreft ook weer snel rustig worden.

Er is een bijzonder aspect dat er voor zorgt dat de wateropzet bij deze storm niet nog extremer zou kunnen uit vallen. De Maan staat nu namelijk relatief ver van de aarde af en omdat de aantrekkingskracht van de maan nu relatief gering is, is de wateropzet ook minder groot. De baan van de Maan om de Aarde is een ellips en tijdens deze nieuwe Maan staat zij precies op het verste punt van de aarde; de afstand bedraagt nu ca 405.000 km. Als de Maan in het meest dichtstbij zijnde punt van haar baan had gestaan, dan was de afstand 355.000 km geweest. Voor de hoogte van het springtij kan dat wel 50 cm schelen en bij deze storm is dat waarschijnlijk net het verschil tussen wel of niet extreem hoogwater. Heel lang hoeven we trouwens niet op het moment te wachten dat de Maan wel dichtbij de Aarde staat, want de komende volle maan, over 2 weken, valt juist precies samen met het moment dat de afstand het kortst is. De kans dat er dan weer een stormdepressie langs trekt is echter niet zo groot.