U bent hier

Enkele buien, vooral in Duitsland, waterstanden dalend

De natte periode laten we achter ons en de komende week valt er niet meer voldoende regen om het huidige, licht verhoogde niveau van de rivieren op peil te houden. Er vallen vooral in Duitsland de eerste dagen nog wel enkele buien, waar de Rijn een beetje van profiteert; de Maas moet het met minder doen. Een lange droge periode lijkt voorlopig niet in beeld, dus waarschijnlijk geen ver uitzakkende standen in de komende weken. In het waterbericht leest u de details.

In de rubriek Water Inzicht een beschrijving van de situatie in drie Zwitserse meren die belangrijk zijn voor de Rijn.

water van de week

Hogedrukgebieden krijgen weer wat meer invloed in de stroomgebieden

Bij Schotland ligt een lagedrukgebied, boven Oost Europa is de luchtdruk hoog en daartussen staat boven onze omgeving en de stroomgebieden een zuidwestelijke stroming. Over het oosten van Frankrijk en het midden van Duitsland ligt een bijna stationair front waar omheen in de middag stevige buien kunnen ontstaan.

Dit weerbeeld houdt aan tot en met woensdag en vooral de Rijn profiteert van de buiigheid in Midden Duitsland. De Ardennen vallen er grotendeels buiten, op maandag na, als de buienzone zich iets naar het noordwesten uitbreidt. Nederland ligt net buiten de zone waar de buien ontstaan en ook in de Alpen, ten zuiden van het front, blijft het waarschijnlijk droog.

Donderdag in het Schotse lagedrukgebied naar het noordoosten weggetrokken en nadert er een hogedrukgebied vanaf de Oceaan dat later in de week verder trekt naar Scandinavië. Het wordt dan enkele dagen droog in de stroomgebieden. Vanaf het weekend lijkt het hogedrukgebied echter zijn greep op het weer al weer langzaam te verliezen. Een nieuw lagedrukgebied nadert dan vanaf de Oceaan de Britse Eilanden en het hogedrukgebied verplaatst zich dan naar Centraal Europa.

Met lage druk in de buurt neemt vanaf het weekend de kans op neerslag daarom ook weer toe. Het is nu alleen nog onduidelijk in hoeverre ook de stroomgebieden weer binnen het bereik van de regen komen te liggen. Als het hogedrukgebied zich inderdaad verplaatst naar Centraal Europa, dan trekt de meeste regen ten noorden van ons land langs en blijft het waarschijnlijk nog wel even droog in de stroomgebieden. Een krachtig hogedrukgebied lijkt het echter niet te worden, dus is de kans groot dat regen op iets langere termijn de stroomgebieden wel weer zal weten te bereiken.

Rijn daalt de hele week

Dankzij de vele regen in het stroomgebied steeg de Rijn voor het eerst sinds eind mei weer tot boven het langjarig gemiddelde. Op 10/8 steeg de afvoer tot 2.140 m3/s en dat is ca 300 boven het langjarig gemiddelde. De waterstand steeg tot 9,17 m (NAP), bijna 2 meter hoger dan tijdens de laagste stand in het midden van juli.

Na de langdurige droogte in juni en de eerste helft van juli was het toch wel onverwacht dat de  Rijn in het zomerhalfjaar nog weer zover zou opkrabbelen. Vooral in het Midden van Duitsland viel vrij veel regen, waardoor bijvoorbeeld de Ruhr en de Sieg vrij veel water aan konden voeren. Vanuit Zuid Duitsland steeg de afvoer ook, maar niet tot boven het zomerse gemiddelde.

Inmiddels is de meest intensieve regen voorbij en is de waterstand weer vallen er t/m het midden van de week alleen verspreid nog buien. Ook nu is de kans daarop het grootst in Midden Duitsland. Het zal waarschijnlijk geen grote hoeveelheden water opleveren en omdat het in de Alpen (de belangrijkste bron van water in deze tijd van het jaar) de komende week vrijwel droog blijft, zal de Rijn niet opnieuw gaan stijgen.

Op dit moment bedraagt de waterstand bij Lobith nog ca 9 m (NAP) en dagelijks gaat daar de komende week zo'n 5 tot 10 cm vanaf. De eerste dagen is het ongeveer 10 cm per dag, tot een stand van 8,75 m, om vanaf de 15e iets te vertragen als het extra water passeert van de buien van de komende dagen. Vanaf de 17e of 18e zet de wat sneller daling dan weer in en op de 20e verwacht ik dat de 8,5 m (NAP) weer wordt onderschreden. De afvoer is dan weer gezakt tot ca 1.600 m3/s en dus weer tot onder het langjarig gemiddelde.

Vanaf de 20e zet de daling verder door en waarschijnlijk wordt aan het eind van die week (rond 25/8) ook de 8,25 m (NAP) weer bereikt, met daarbij een afvoer van ca 1.450 m3/s. Of de daling daarna nog verder doorzet, is nu nog niet te zeggen. Dit hangt vooral af van het hogedrukgebied dat vanaf het volgend weekend, al dan niet voor langere tijd, boven Midden Europa kan komen te liggen.

Maasafvoer daalt langzaam

In het begin van de afgelopen week steeg de afvoer bij Maastricht nog tot ca 325 m3/s, wat vrij hoog is voor het zomerhalfjaar. Net als bij de Rijn gebeurt het niet zo vaak dat de Maas na een lange droge periode in de voorzomer nog weer tot boven het langjarig gemiddelde uit stijgt. Ook in droge jaren zijn er  soms wel plotselinge uitschieters als er een keer een zware bui valt in de Maasvallei in Wallonië, maar dat zijn dan meestal korte pieken waarna de afvoer weer snel terug zakt.

Nu is de afvoer al een paar weken hoger dan het langjarig gemiddelde en na het piekje van vorig weekend is de afvoer maar langzaam gezakt. Op vrijdag vielen er in een deel van de Ardennen nog enkele stevige buien en dat leverde zaterdag ook weer een kleine opleving op. Op dit moment bedraagt de afvoer ongeveer 175 m3/s. 

De komende dagen hoeft de Maas niet meer op veel extra water van buien te rekenen. Alleen op maandag is er in het zuidoosten van de Ardennen nog kans op buien, maar dat is slechts in een klein deel van het stroomgebied en zal weinig extra water opleveren voor de Maas. Ik verwacht daarom dat de afvoer de hele week zal blijven dalen en dat aan het eind van de week de 100 m3/s weer bereikt zal worden.

Ook na het weekend zal de daling waarschijnlijk doorzetten, omdat er ook in het begin van die week niet of nauwelijks regen wordt verwacht. Een verdere daling is dan mogelijk tot ca 75 m3/s, waarmee de afvoer dan ook weer tot onder het langjarig gemiddelde zal zijn gezakt. 

water inzicht

Stand van zaken Zwitserse meren

In het zomerhalfjaar is de Rijn voor een belangrijk deel van zijn water afhankelijk van de toevoer vanuit Zwitserland. In de periode april t/m juni gaat het dan vooral om smeltwater van sneeuw uit de voorafgaande winter en van juni t/m augustus om regenwater van de vaak zware buien die er in de zomer in de Alpen vallen. Een bijzonder situatie is daarbij dat dit water niet in een keer naar de Rijn stroomt, maar aan de voet van de bergen eerst wordt opgeslagen in de grote Zwitserse meren, die het vervolgens vertraagd weer doorgeven.

Zonder deze meren zouden de afvoerfluctuaties in de Rijn veel groter zijn. De voorjaarsafvoer zou dan tijdens perioden van veel smeltwater in combinatie met zware regenval tot wel 5.000 m3/s hoger kunnen zijn geweest en de zomerse afvoer in juli en augustus enkele honderden m3/s lager. De waterstand van de meren en de hoeveelheid water die er uit stroomt is daarom een goede indicator voor hoeveel water de Rijn in de komende maanden nog kan verwachten.

De bovenste grafiek laat de situatie in de Bodensee zien, in de Untersee, net stroomafwaarts van Konstanz. De blauwe lijn is de stand van dit jaar, de oranje die van vorig jaar. Met de grijze lijnen zijn de uitersten aangegeven en de vlakken geven het bereik aan waarbinnen de stand zich in 25-75% van de tijd (donkergrijs) en 5 tot 95% van de tijd (lichtgrijs) bevindt.

stand Bodensee.png

Waterstand Bodensee
Waterstand Bodensee

Tijdens de natte periode in april en mei steeg de stand dit jaar tot ruim boven het langjarig gemiddelde. De opgeslagen voorraad was erg ruim voor de tijd van het jaar en het leek er toen niet op dat de Rijn in de zomer met lage afvoeren te kampen zou krijgen. Vanaf midden mei sloeg echter het weer om en viel er 6 weken lang vrijwel geen neerslag. Ook het smelten van de sneeuw leverde niet veel op, want vanwege het warme zonnige weer verdampte er vooral veel sneeuw en kwam er niet veel smeltwater uit de Alpen beschikbaar.

Binnen een maand was de stand gezakt tot nabij de laagste waarde ooit in die tijd van het jaar en begin juli was de stand zelfs even lager dan die in het zeer droge jaar 2022. Eind juli veranderde de situatie echter weer plotseling toen het veel natter werd en de waterstand weer wat opkrabbelde. Inmiddels is de stand van de 5% laagste jaren al weer net overschreden. Dat is nog steeds erg laag, maar omdat de stand, ook als het nu droog blijft, maar langzaam daalt, is er voor maand augustus inmiddels voldoende water om een nieuw dieptepunt zoals vorig jaar in 2022 te voorkomen. 

In de volgende figuur zien we wat dit betekent voor de afvoer vanuit de Bodenseee. Deze was eind juli gedaald tot iets onder de 300 m3/s (toen 30% van water er bij Lobith passeerde) en is inmiddels weer gestegen tot ca 370 m3/s (NB de grafiek loopt tot 8 aug; sindsdien is de afvoer nog iets gestegen). De komende weken zal de afvoer weer langzaam dalen, maar zelfs als het droog blijft zal het waarschijnlijk 3 tot 4 weken duren voordat de 300 m3/s opnieuw bereikt wordt. 

Bodensee Neuhausen.png

Afvoer Bovenrijn net stroomafwaarts van de Bodensee
Afvoer Bovenrijn net stroomafwaarts van de Bodensee

Een ander groot meer is de Vierwaldstattersee, waar de Reuss in uitmondt, die in de zomer deels wordt gevoed door water vanuit de gletsjers. Net als bij de Bodensee liep de waterstand in het voorjaar flink op, om vanaf half mei weer snel te dalen toen het lang droog bleef. De bufferende werking van dit meer is minder groot en daarom verloopt de daling sneller. 

Toen het in juni en juli erg warm werd in de Alpen waren er korte oplevingen door extra smeltwater dat beschikbaar kwam. Dankzij de neerslag van de laatste weken is de waterstand nu ongeveer tot het langjarig gemiddelde gestegen en is de stand in ieder geval hoger dan in het droge jaar 2022. De afvoer (2e grafiek hieronder) is inmiddels ca 50 - 75 m3/s hoger dan enkele weken geleden. De Rijn kan hier enkele weken van profiteren mocht er weinig regen vallen de komende tijd.

 

Stand Vierwaltsattersee.png

Waterstand Vierwaldstattersee
Waterstand Vierwaldstattersee

Vierwaldstattersee Luzern.png

Afvoer Reuss net stroomafwaarts van de Vierwaldstattersee
Afvoer Reuss net stroomafwaarts van de Vierwaldstattersee

Een derde meer tenslotte is de Zurichersee. Dit is een relatief klein meer dat na de winter vooral door smeltwater en in de zomer vooral door regenwater wordt gevoed. Na de natte periode in april/mei was de stand wat aan de hoge kant, maar door de langdurige droogte daalde het peil ook van dit meer tot een niveau op of dichtbij de s]laagste stand ooit. De afvoer bedroeg toen nog maar ca 65-70 m3/s en was zelfs lager dan in het droge jaar 2022.

Toen het vanaf 20 juli natter werd is het peil wat gestegen en is ook de afvoer weer toegenomen tot ruim boven de 100 m3/s. De buffer is daarmee weer aardig op peil, ook is de bijdrage hiervan voor de Rijn niet zo heel erg groot. 

stand Zurichersee.png

Waterstand Zurichersee
Waterstand Zurichersee

Zurichersee Zurich.png

Afvoer Limmat net stroomafwaarts van de Zurichersee
Afvoer Limmat net stroomafwaarts van de Zurichersee

Samengevat zien we dat de natte periode van de afgelopen weken niet alleen de Rijn zelf heeft laten stijgen, maar ook de Zwitserse meren heeft aangevuld. Er is daar voldoende water opgeslagen om de Rijn de komende weken van extra water te voorzien. Ook als het langdurig droog blijft, heeft de Rijn daarom nog voldoende water beschikbaar om heel lage standen voorlopig te voorkomen. Het zal echter niet voldoende zijn om lage standen te voorkomen mocht het een droog najaar worden.