zondag 5 november 2017
Wederom een rustige week voor de boeg
Het weer bij ons wordt bepaald door een groot hoge drukgebied op de Atlantische Oceaan, gelegen tussen de Azoren en Ierland. Als het wat verderaf ligt, kunnen neerslaggebieden er aan de noordzijde omheen en dringt koele lucht met regenzones en buien vanuit het noordwesten de stroomgebieden van Rijn en Maas binnen; dat was vorig weekend het geval en ook dit weekend is de wind weer naar het noordwesten gedraaid en drijven er flinke buien mee.
Na een paar dagen noordwesten wind schuift het hoge drukgebied dan op naar het oosten, waardoor de noordwestelijke stroming wordt afgesneden, het droog wordt in de stroomgebieden en de temperatuur weer wat oploopt. Zo verliep de afgelopen werkweek en zo zal het ook deze week gaan, als het hoge drukgebied vanaf morgen weer dichterbij komt te liggen. En als de verwachtingen juist zijn dan schuift het hoge drukgebied later deze week weer naar het westen, verder de Oceaan op en keert in het volgend weekend de noordwestelijke stroming weer terug.
Het weer houdt er van om soms een aantal zetten te herhalen. Toch zijn er ook verschillen, zo kwam er vorige week een stormdepressie mee in de noordwestelijke stroming en zal er deze keer flink wat sneeuw vallen in de Alpen. Voor de stroomgebieden van de Rijn en Maas verandert er echter niet zoveel. Er valt te weinig regen om de afvoeren flink te laten stijgen en het is ook weer niet zo droog dat de afvoeren sterk dalen.
Rijn stijgt deze week tot iets boven de 8 m +NAP
De afvoeren en de waterstanden in de Rijn zijn de afgelopen week nauwelijks veranderd en ook de komende week zal er niet veel veranderen. De neerslag van vorig weekend zorgde in de loop van de week voor een heel lichte stijging. De komende 2 dagen blijft de stand vrijwel gelijk, of zakt iets, om vanaf woensdag dan weer een paar decimeter te stijgen. In de grafiek hieronder is te zien dat dit patroom van vrij kleine schommelingen eigenlijk al sinds april optreedt.
Sinds een kleine piek in maart schommelt de afvoer dit jaar in de Rijn (de blauwe lijn) tussen de 1250 m3/s en iets meer dan 2000 m3/s. In april en mei betekende dit dat de afvoer ruim onder het langjarig gemiddelde (groene lijn) lag, maar de laatste 2 maanden schommelt de afvoer rond dat gemiddelde. De zwarte en rode lijn zijn de uiterste afvoeren die in de periode tussen 1901 en 2017 zijn opgetreden. Vanwege de slechts kleine schommelingen, blijft 2017 tot nu toe ruim binnen die uitersten.
Grafiek afvoer Bovenrijn.jpg

De komende week zal hier niet veel in veranderen. De afvoer stijgt iets van ca 1300 m3/s op dit moment, naar 1400 m3/s aan het eind van de week. Daar hoort dan een waterstand bij van respectievelijk 8 m +NAP en 8,3 m +NAP.
Voor het eerst dit jaar wordt er flink wat sneeuw verwacht in de Alpen. Verantwoordelijk hiervoor is een combinatie van een lage drukgebied in de golf van Genua, dat warme lucht tegen de zuidzijde van de Alpen op stuwt, en de noordwestenwind aan de noordzijde van de bergketen. Aan de zuidzijde van de Alpen valt tot 1 meter sneeuw; aan de noordzijde wordt niet meer dan 30 - 50 cm verwacht. Dit is dan op wat grotere hoogte, alhoewel de sneeuw al vanaf een hoogte van 1000 m kan blijven liggen.
Het begin van de sneeuwval in de Alpen markeert ieder jaar weer het moment dat de hogere delen van de Alpen geen afvoer meer bij dragen aan de Rijn. Met de sneeuw die daar vanaf nu valt, wordt gedurende de winter een steeds grotere watervoorraad opgeslagen, die dan vanaf volgend voorjaar en voorzomer de Rijn weer een tijdlang extra zal voeden. Nu de aanvoer vanuit het hooggebergte wegvalt, moet de Rijn het vooral hebben van de Middelgebergten in Duitsland (Zwarte Woud, Eifel), Frankrijk (Vogezen) en het lagere deel van Zwitserland (Jura). Zodra de vegetatie daar geen vocht meer opneemt en de verdamping stil valt, is dit de grootste bron van water voor de Rijn. Mits het er regent uiteraard.
Maasafvoer blijft rond de 50 m3/s
De Maasafvoer schommelde de afgelopen week tussen de 40 en 60 m3/s. Gewoonlijk neemt de afvoer in deze tijd van het jaar langzaam toe en het langjarig gemiddelde ligt voor begin november al op ca 225 m3/s. Die afvoer zullen we de komende tijd niet gaan halen, omdat er daarvoor te weinig neerslag valt. De buien van vandaag en morgen zorgen wel voor ca 1 cm regen, maar dat is onvoldoende om de afvoer aan te vullen.
Al vaak heb ik geschreven over de opvallende pieken die in Zuid Limburg in de Maasafvoer optreden. Vanuit Waalse Maas worden bijna dagelijks afvoergolven aangevoerd, waardoor de Maasafvoer binnen 1 of 2 uur kan stijgen van 10 tot 100 m3/s en soms nog wel hoger tot 200 m3/s. In de Grensmaas levert zo'n golf altijd een flinke stijging van de waterstanden op. Zaterdagochtend was er weer zo'n piek waarvan hieronder het verloop in een grafiekje uitgezet.
Verloop Grensmaas.jpg

In de waterstandgrafiek van Borgharen, aan het begin van de Grensmaas, zijn ook de waterstanden geplot van 4 meetstations verderop langs de Grensmaas. De blauwe lijn is de waterstand zoals die bij Borgharen is opgetreden. In korte tijd steeg het peil hier bijna 1,5 meter om daarna weer langzaam te dalen. Circa 5 km stroomafwaarts (bij Lanaken) kwam de golf iets later aan en was al meteen ca 30 cm lager. Bij Elsloo (ca 10 km verderop) was de golf nog verder ingezakt en aan het eind van de Grensmaas bij Maaseik (nog weer 15 km verder) was er van de golf nog maar weinig over.
Het langzaam inzakken van een hoogwatergolf is een normaal verschijnsel, dat altijd optreedt in een rivierbedding naarmate de golf stroomafwaarts beweegt. De daling langs de Grensmaas verloopt echter wel heel erg snel. Dit is een gevolg van het Grensmaasproject. Bij dit project worden de oeverzones van de Maas verlaagd en in natuurgebied omgezet. Deze verlaagde oevers lopen onder als er een watergolf langs komt en het water dat zich daar een weg moet banen tussen de vegetatie door stroomt veel langzamer. Zo verliest de golf al snel een deel van zijn water en wordt dan steeds lager.
Als het Grensmaasproject klaar is, zal de gehele ca 30 km lange oever van de Maas over een breedte van soms wel 200 tot 300 m verlaagd zijn. Het project is al ongeveer voor de helft klaar: in het begintraject tussen Borgharen en Elsloo (waar de deellocaties Borgharen, Itteren en Geulle aan de Maas liggen) en verder stroomafwaarts tussen Grevenbicht en Maaseik (waar de locaties Koeweide en Visserweert liggen). Dit zijn ook precies de gedeelten waar de waterstand het sterkste is gedaald. Tussen Geulle en Grevenbicht is nog maar en kort traject van het project uitgevoerd en zijn de waterstanden nauwelijks gedaald
Zo zullen de onnatuurlijke schommelingen uiteindelijk geheel uitdempen als het Grensmaasproject gereed is. Toch is dit geen fijn vooruitzicht. Voor de flora en fauna op de oever is het namelijk niet gewenst dat er bijna dagelijks overstromingen optreden. In een normale natuurlijke rivier gebeurt dit maar een paar keer per jaar en daar is de natuur die er leeft dan op ingesteld, maar dagelijkse overstromingen komen langs de rivier niet voor en zijn voor riviernatuur dan ook een ongewoon verschijnsel, waar maar weinig soorten in kunnen overleven.