U bent hier

Het blijft nog droog, dalende waterstanden

De weersituatie in de stroomgebieden blijft ook de komende week nog vrijwel onveranderd, met hogedrukgebieden in de buurt en droog weer. Mogelijk wordt dit anders dat na het volgend weekend, maar deze verwachting is nu nog erg onzeker. Het tekort aan neerslag zorgt voor wederom dalende waterstanden in de Rijn en een aanhoudend lage afvoer in de Maas. In het waterbericht leest u de details.

In de rubriek water inzicht een analyse van de waterstand van het IJsselmeer deze zomer. Door de lage aanvoer vanuit de IJssel is de stand gezakt tot onder het streefpeil. Hoe verliep deze daling.

water van de week

Hogedrukgebieden blijven dominant

De hogedrukgebieden weten van geen wijken. Al sinds het voorjaar is het een komen en gaan van uitlopers van het Azoren-hogedrukgebied die zich nabij of boven het Europese continent vestigen en ons weer bepalen. Alleen in de periode tussen twee hogedrukgebieden in is er soms ruimte voor een lagedrukgebied met wat neerslag.

In Nederland zorgt het langdurige droge weer er voor dat het neerslagtekort tot boven de 300 mm stijgt. In een gemiddelde zomer bedraagt het neerslagtekort ca 100 mm en het is sinds 1906 pas 5 keer eerder gebeurd (1911, 1921, 1959, 1976 en 2018) dat de 300 mm werd gepasseerd. De reeks van jaren laat zien dat een groot neerslagtekort niet iets is van de laatste jaren, het enige opvallende is dat het nu twee keer kort na elkaar gebeurt.

In het stroomgebied van de Rijn zag het er aanvankelijk naar uit dat het de hele week droog zou blijven (ik schreef daar ook over op Twitter), maar uiteindelijk vielen er op vrijdag en zaterdag toch flinke buien in Zuid Duitsland en Zwitserland waardoor de Rijn toch nog wat extra water ontvangt. Het zorgt echter niet voor een nieuwe stijging, maar hoogstens wordt de daling enkele dagen vertraagd. In het stroomgebied van de Maas viel vrijwel geen regen.

De komende week ligt de hogedruk vooral boven Scandinavië en Midden Europa is daar ver genoeg vandaan om daar toch wat buien te laten ontstaan. De kans daarop is het grootste op dinsdag 30 en woensdag 31/8. Het gaat echter om niet veel water en het vertraagt hoogstens de daling enigszins. In Nederland en het stroomgebied van de Maas blijft het waarschijnlijk de hele week droog.

Vanaf het komend weekend wordt de verwachting onzeker. Een lagedrukgebied nadert vanaf de Britse Eilanden en het hangt af van de nabijheid of het tot regen komt. Iedere berekening van de weermodellen is weer anders en het blijft nog even afwachten wat het wordt. Gezien de voorafgaande maanden, waarbij de hogedruk steeds weer aan het langste eind trekt, moeten we ons echter nog niet rijk rekenen.

Rijn steeg even, maar daalt de komende week in stapjes weer naar een erg laag peil

De Rijn profiteerde deze week van regenval in Zwitserland in de voorafgaande week, waardoor de stand ca 75 cm tot 7,3 m (NAP) en steeg de afvoer ruim 300 naar ets meer dan 1000 m3/s. Inmiddels is de daling alweer ingezet en die houdt de hele week aan. Dankzij de buien van gisteren en eergisteren in Zuid Duitsland duurt het wel nog even voordat de 7 m weer wordt onderschreden.

In de loop van de 29e wordt bij Lobith de 7,1 m (NAP) bereikt en het duurt dan tot de 2e september voordat de daling weer doorzet. Misschien stijgt de stand in die dagen ook nog wel iets. In de loop van 3 of 4/9 wordt dan de 7 m weer onderschreden om rond 6/9 weer even te stagneren rond de 6,8 m. Dit wordt veroorzaakt door de regenval die in de loop van deze week in Zuid Duitsland wordt verwacht.  

Vanaf 7 of 8/9 zou de stand dan weer verder kunnen gaan dalen, maar hoe ver is nu nog onduidelijk. Het hangt af van de neerslag die mogelijk vanaf volgend weekend in het stroomgebied gaat vallen. Mocht het echt natter worden, dan zou de stand zelfs kunnen gaan stijgen, maar zoals ik hierboven al schreef is dat nog erg onzeker. Het is opletten wat het lagedrukgebied boven de Britse Eilanden vanaf komend weekend gaat doen.

Maasafvoer onveranderd rond 25 m3/s

De Maas blijft heel weinig water afvoeren. In vrijwel heel Europa is het droog dit jaar, maar een brede strook vanaf Noord Frankrijk tot aan Midden Duitsland spant wel de kroon wat als er al eens regen valt, dan blijft dit gebied vaak buiten schot. In de voorgaande droge jaren (2017 t/m 2020) zagen we dat ook vaak. 

Voor de Maas veranderd er daarom maar heel weinig. De afvoer blijft schommelen rond ca 25 m3/s en het blijft wachten tot er weer eens substantieel regen gaat vallen. Mogelijk is dat vanaf het volgend weekend, maar dit is nu nog erg onzeker.

water inzicht

IJsselmeerpeil daalt door droogte en lage IJsselafvoer 

Het IJsselmeer is een de grootste waterbuffer van ons land, die zijn water vooral ontvangt vanuit de IJssel, maar ook neerslag die op het water valt en het water dat uit polders rondom het meer wordt uitgemalen, voeden het meer. In vorige berichten (oa 20-juni-2020) heb ik al eens beschreven hoe de buffer van het IJsselmeer werkt. Eerst een korte samenvatting daarvan, voordat ik verder ga met de situatie van deze zomer.

Ruwweg ligt er 5 miljard m3 water in het IJsselmeer opgeslagen (genoeg om heel Nederland bijna 5 jaar van drinkwater te voorzien); maar het streven is om deze voorraad zoveel mogelijk ongemoeid te laten. We gebruiken van het IJsselmeer namelijk alleen het oppervlak, om er water bóven op op te slaan. De grens tussen het meer zelf en het water dat er bovenop ligt voor gebruik, ligt bij 20 cm beneden NAP. Het water bovenop die 20 cm -NAP is afkomstig van de IJssel, die op een gemiddelde dag in het zomerseizoen zo'n 300 m3/s water aanvoert. In het meer aangekomen spreidt dit water zich uit als een laagje van ca 2,3 cm per dag bovenop het aanwezige water. 

Het water dat voor landbouw, industrie, verziltingsbestrijding en drinkwater dagelijks nodig is, bedraagt ongeveer 1 cm. Daarnaast verdampt er ook water, vooral in het zomerhalfjaar en dan verdwijnt er dagelijks zo'n 2 tot 5 millimeter waterhoogte. Zolang de IJssel dus ongeveer 1,2 tot 1,5 cm per dag aanvoert, wat overeenkomt met ca 175 m3/s, is er voldoende water voor gebruik en verdamping.

In de figuur hieronder is het gebied weergegeven waar het water vanuit het IJsselmeer via kanalen en sloten naar toe gevoerd kan worden. Als er meer dan 175 m3/s wordt aangevoerd, of als het veel regent in en om het IJsselmeergebied wordt dat water afgevoerd naar de Waddenzee.

Schermafbeelding 2018-07-01 om 20.45.19.png

Gebieden in Nederland waar water rivierwater heen gevoerd kan worden. Het IJsselmeer voorziet het hele noorden van het land.
Gebieden in Nederland waar water rivierwater heen gevoerd kan worden. Het IJsselmeer voorziet het hele noorden van het land.

In droge zomers met een lage Rijnafvoer zakt de IJsselafvoer soms onder de 175 m3/s en als het gebruik dan niet wordt aangepast, zou het onder het streefpeil kunnen zakken. Maar dat is eigenlijk niet de bedoeling en de waterbeheerders doen er dan alles aan om het uitzakken van het peil te voorkomen; vooral door het gebruik te verminderen.

Sinds enige jaren is het steerfpeil ook iets flexibeler geworden en is een bandbreedte afgesproken van -10 tot -30 cm tov NAP, waarbij de 'hogere' -10 ingezet in het voorjaar als langdurige droogte dreigt en de 'lagere' -30 meer aan het eind van de zomer, in september, om de overgang naar het winterpeil (dat -40 cm bedraagt) geleidelijker te laten verlopen.

Dit jaar daalde de IJsselafvoer al in de loop van juli onder de 175 m3/s en omdat er veel water verdampte vanwege het warme weer ging het IJsselmeerpeil verder dalen dan gewenst. In de grafiek hieronder heb ik aan de hand van de meetstations in het IJsselmeer het gemiddelde dagelijkse peil berekend voor de periode van 1 juli t/m 27 augustus (de blauwe lijn). In de grafiek is ook de afvoer van de IJssel bij Olst weergegeven (grijze lijn). 

Stand IJsselmeer aug.jpg

Verloop waterstand IJsselmeer vanaf 1 juli en de afvoer van de IJssel bij Olst (bovenste grafiek). Daaronder een grafiek met de neerslag en verdaming van Stavoren en onder de temperatuur boven Stavoren.
Verloop waterstand IJsselmeer vanaf 1 juli en de afvoer van de IJssel bij Olst (bovenste grafiek). Daaronder een grafiek met de neerslag en verdaming van Stavoren en onder de temperatuur boven Stavoren.

Wat opvalt in het begin van de grafiek is dat het peil tot 26 juli gemiddeld nog zo'n 3 cm hoger was dan het streefpeil van 20 cm onder NAP. Omdat de voortekenen voor een droge zomer zich al in het voorjaar aandienden, had Rijkswaterstaat het peil ca 5 cm opgezet als extra watervoorraad. Een groot deel van juli kon dit peil nog gehandhaafd worden, ondanks dat de IJsselafvoer toen al tot 160 m3/s was gedaald. Tegen die tijd was de waterinname door de waterschappen ook al beperkt en zo kon het peil nog lang op niveau gehouden worden.

Vanaf 26 juli verandert de situatie plotseling en daalt het peil in enkele dagen ca 5 cm. Het is niet helemaal duidelijk wat de reden is. Het was die dagen nog niet erg warm (zie de onderste grafiek) en de verdamping bedroeg ongeveer 4 mm, wat niet veel meer was dan in de weken ervoor. Mogelijk is er water afgevoerd naar het Markermeer, dat rond die tijd al ca 10 cm lager stond dan het IJsselmeer en dringend water nodig had om ook daar het streefpeil te kunnen handhaven.

Op 31 juli valt er ongeveer 1 cm neerslag (zie de middelste grafiek) en dit helpt om het peil nog enkele dagen te handhaven op een niveau iets onder het streefpeil. De afvoer van de IJssel stabiliseert ook rond die tijd op een lage afvoer van 150 m3/s. Vanaf 4 augustus zet dan een nieuwe daling in. Het is het moment dat de IJssel verder daalt naar eerst ca 140 en later zelfs 130 m3/s. Ook wordt het vanaf 10 augustus erg warm waardoor de verdamping toeneemt tot bijna 5 mm per dag. 

Het peil zakt op 15/8 tot ca 8 cm onder het streefpeil, maar nog wel binnen de afgesproken bandbreedte. Regen en weinig verdamping op 17 augustus zorgt voor enige verlichting en het peil stijgt een paar centimeter. Maar het warme weer keert terug en de IJsselafvoer daalt nog wat verder zodat het peil uitkomt op 10 cm onder streefpeil.

De afgelopen 3 dagen is de IJsselaanvoer weer wat gestegen (met ca 20 m3/s), maar de afvoer is nog steeds lager dan de 175 m3/s die nodig is voor peilhandhaving en op 27/8 bedroeg het verschil met het streefpeil nog steeds 10 cm.

Een stand 10 cm onder het streefpeil betekent dat de buffer in het meer in deze tijd met 110 miljoen m3 is afgenomen. Dit tekort is opgebouwd tussen 26/7 en 27/8, wat neer komt op een tekort van gemiddeld 40 m3/s gedurende deze periode. En dat was bij een situatie dat de waterinname door de waterschappen al was teruggeschroefd. 

Het is niet te verwachten dat de situatie de komende 10 tot 15 dagen zal veranderen. De IJsselafvoer daalt weer wat en een afvoer van 175 m3/s is voorlopig niet in zicht; laat staan een nog hogere afvoer, die nodig is om het peil weer aan te vullen tot het gewenste peil van -20 cm. Ook wordt er geen regen verwacht, maar tegen september neemt wel de verdamping langzaam af omdat de zon lager komt te staan en de daglengte korter wordt, maar dat scheelt hoogstens 1 of 2 mm per dag. 

De kans is daarom groot dat het peil de komende twee weken nog wat verder daalt en dat eerder dan gewenst de overgang naar het winterpeil (dat -40 cm bedraagt en in oktober in gaat), zal worden ingezet.