U bent hier

Invallende dooi en flink wat regen; stijgende waterstanden

Het weerpatroon gaat flink op de schop. Lagedrukgebieden gaan voorlopig de dienst uitmaken en voeren zachte lucht en regen aan. Samen met wat smeltwater uit de Middelgebergten levert dat een flinke stijging van de waterstanden op in Rijn en Maas. Van hoogwater is echter voorlopig nog geen sprake. In het waterbericht leest u de details.

De dooi-inval die de stroomgebieden te wachten staat, past in een patroon dat we vaker zien eind december en in het verleden heeft dat opvallend vaak hoogwater opgeleverd. In de rubriek Water Inzicht een analyse van deze periode.

water van de week

Regengebieden vanaf de Atlantische Oceaan bepalen deze week het weer

De koude lucht die een dag of 10 geleden over Europa was uitgestroomd, wordt komende nacht verdreven. Na vele weken waarin achtereenvolgens hogedrukgebieden boven Rusland, Scandinavië, Groenland en tenslotte Centraal Europa het weer bij ons bepaalden, dringt nu een lagedrukgebied op vanaf de Atlantische Oceaan dat wat meer beweging in de atmosfeer zal gaan brengen. 

Komende nacht passeert de eerste regenzone over Nederland, België en later ook Duitsland en dat markeert de overgang naar een periode waarin met een zuidwestelijke stroming zachte lucht wordt aangevoerd. Vooral op dinsdag, donderdag en vrijdag kan veel regen vallen in de stroomgebieden. In de Middelgebergten (Ardennen, Eiffel, Vogezen etc) kan zo'n 5 tot 8 cm regen vallen, wat in deze tijd van het jaar voor een flinke stijging van de rivieren kan zorgen.

De meeste regen valt in een strook over de Ardennen, Noord Frankrijk en Midden-Duitsland. In Zuid Duitsland en de Alpen valt minder omdat de luchtdruk daar wat hoger blijft en de meer intensive neerslag er niet kan doordringen.

Door het zachte weer zal de sneeuw in de Middelgebergten gaan smelten. De afgelopen week was het sneeuwdek langzaam wat aangegroeid, maar pas boven de 400 m is sprake van een dikte van meer dan 10 cm en ook hogerop in deze gebieden is de sneeuwlaag nergens veel meer dan 15 cm dik. Dit levert wel smeltwater op, maar de hoeveelheden zijn niet zo groot. 10 cm sneeuw staat namelijk gelijk aan ongeveer 1 cm regenval, dus bovenop de ca 5-7 cm regen die in de Middelgebergten gaat vallen, is dit een bescheiden hoeveelheid.

Vanaf het komend weekend is het de vraag of de aanvoer van zachte lucht met regengebieden aanhoudt. Het hogedrukgebied boven Groenland neemt namelijk weer in kracht toe en dit duwt de baan waarlangs de lagedrukgebieden zich bewegen in zuidelijke richting. Uiteindelijk zouden de neerslagzones dan ten zuiden van de stroomgebieden langs gaan.

Het is nu nog niet duidelijk hoe dat precies uitpakt en voorlopig lijkt de kans het grootst dat onze regio weer in een soort van niemandsland terecht komt, tussen de grotere luchtdrukcomplexen. De luchtbeweging is dan beperkt en regenzones blijven op afstand. Tot het zover is staat ons echter eerst een week met flink wat regenval en stijgende rivieren te wachten.

Rijn stijgt eerste dagen langzaam, later sneller; mogelijk naar 9,5 tot 10 m (NAP)

De waterstand is erg laag voor de tijd van het jaar. Gisteren daalde de stand bij Lobith tot onder de 7,5 m en dat is circa 2,5 m lager dan het langjarig gemiddelde voor deze tijd. Het is zelfs pas twee keer eerder gebeur dat de stand zo laag was, in 2016 en 2020. Maar dat is een vertekend beeld, want omdat de bodem van de Rijn steeds verder uitslijt zijn de waterstanden van nu niet te vergelijken met die van vroeger.

Voor een vergelijking tussen de jaren wordt daarom altijd gekeken naar de afvoer. Die bedraagt nu ca 1100 m3/s en een zo lage waarde is sinds 1900 al 10 keer eerder voorgekomen. De hoeveelheid water die nu passeert is dus wel erg laag, maar niet extreem.

Vanaf de komende week zijn deze lage standen voorlopig voorbij, want afvoer en waterstand gaan flink stijgen. Maar omdat de stand nu zo laag is, moet er heel wat water bij voordat de normale waarde voor deze tijd van het jaar wordt bereikt en met de verwachte regenval wordt dat waarschijnlijk maar net gehaald. 

De eerste wat intensievere regen valt in het stroomgebied op dinsdag en vanaf dan zal ook de sneeuw gaan smelten in de Middelgebergten. Op woensdag trekt de regenval verder naar het zuiden, maar neemt dan ook wat in activiteit af. Op donderdag en vrijdag staat een nieuw regengebied op het programma dat wat langer blijft hangen boven Noord Frankrijk, de Ardennen en Midden Duitsland en daar voor flink wat regen kan zorgen.

Op donderdag zal ook de laatste sneeuw smelten in de Middelgebergten. Op zaterdag valt ook nog wat regen, maar vanaf zondag lijkt het nu een dag of 3 droog te blijven en daarna is het nu nog onduidelijk of de hogedruk bij Groenland inderdaad weer het heft in handen neemt.

De waterstand bij Lobith is nu tot iets onder de 7,5 m (NAP) gedaald en zal de komende dagen al iets stijgen. Dit is water van neerslag die in het midden van de afgelopen week in Zuid Duitsland is gevallen. De Rijn stijgt daardoor zo'n 25 tot 30 cm tot woensdag. Daarna arriveert het eerste water van de neerslag die op dinsdag is gevallen en samen met wat smeltwater uit Sauerland, Eiffel en Ardennen zorgt dat voor een stijging tot tussen de 8,25 en 8,5 m (NAP) in het volgend weekend op 24 en 25/12.

Als de regenzone over Noord Frankrijk en Midden Duitsland aanstaande donderdag en vrijdag inderdaad zo intensief uitpakt als nu verwacht, dan zorgt dat voor een flinke stijging van de Moezel in het weekend en dit wat zal dan vanaf maandag bij Lobith aankomen. De stand bij Lobith stijgt dan snel verder naar ca 9,25 tot 9,5 m (NAP) op 26/12. De afvoer komt dan uit tussen de 2.200 en 2.400 m3/s.

Ondertussen is halverwege de afgelopen week ook in Zuid Duitsland de sneeuw gesmolten en samen met de regenval op vrijdag levert dat extra water op in de Main en de Neckar. Dit water stroomt in de Boven-Rijn uit en voegt zich dan bij Koblenz samen met het water uit de Moezel.  Het is altijd de vraag in hoeverre de pieken uit de Rijn en Moezel samen vallen en dit bepaalt de uiteindelijke hoogte bij Lobith. 

Zoals het er nu naar uitziet is de piek vanuit de Moezel een dag of 2 eerder bij Koblenz dan die uit Zuid Duitsland en dat betekent dat de Moezel al weer wat gedaald zal zijn als het Zuid Duitse water aankomt. De piek wordt dan niet veel hoger, maar houdt vooral wat langer aan.

Op grond van de verwachte neerslag ga ik nu uit van een verdere stijging tot tussen de 9,75 en 10,25 m (NAP) bij Lobith in de periode van 27 tot 29/12. De afvoer zal dan gestegen zijn tot tussen de 2.500 en 2.900 m3/s. Zoals het er nu naar uitziet gaan stand en afvoer in de laatste dagen van het jaar weer dalen en verder stijging naar een grotere hoogwatergolf lijkt er voorlopig dan ook niet van te komen.

Maas kan even flink stijgen, maar geen hoogwater op komst

De Maasafvoer is de afgelopen week tot een voor de tijd van het jaar zeer lage waarde gedaald van ca. 60 m3/s, terwijl 400 tot 450 m3/s het langjarig gemiddelde is. De situatie is hier nog wat uitzonderlijker dan bij de Rijn, want een zo lage waarde is in het verleden pas een keer of 5 opgetreden. 

De afvoer bleef dit jaar zo lang zo laag omdat het najaar vrij droog verliep en als het dan in december ook nog gaat vriezen, dan loopt de afvoer nog verdere terug. De komende dagen gaat dat echter snel veranderen als regen en zachte lucht de Ardennen  bereiken.

Vannacht bereikt de eerste regen de Ardennen, maar de hoeveelheden die verwacht worden zijn nog erg klein. Bij Maastricht zal hiervan op maandag en dinsdag nog niet veel te merken zijn. Pas op dinsdag wordt wat meer regen verwacht en t/m woensdag kan zo'n 15 tot 20 mm regen vallen. Daarbij smelt dan ook de meeste sneeuw die hogerop in de Ardennen ligt en dat levert, omgerekend, zo'n 10 mm extra op. Dit samen is voldoende voor een stijging bij Maastricht naar ca 200 tot 300 m3/s. 

Op donderdag en vooral vrijdag wordt de meeste regen verwacht en vooral aan de zuidkant van de Ardennen, waar de Semois en de Chiers ontspringen kan dan veel regen vallen. Dit levert voldoende water op om de Maas bij Maastricht vanaf vrijdag verder te laten stijgen en een afvoer tot boven de 750, wellicht 1.000 m3/s, is dan mogelijk. De hoogste afvoer verwacht ik op zaterdag of zondag.

Zoals het er nu naar uitziet wordt het vanaf zondag 25/12 een paar dagen droog in het stroomgebied en als dat uit komt, dan gaat de afvoer vanaf de 26e ook weer dalen. Op nog langere termijn wordt niet opnieuw veel regen verwacht en omdat er ook geen smeltwater meer voorradig is, is een nieuwe stijging later in die week niet waarschijnlijk.

Al met al dus een flinke, maar korte stijging in de Maas waarbij vooral aan het eind van de week de afvoer mogelijk stijgt tot ca 1.000 m3/s. Het gaat hierbij om een eerste ruwe schatting. De regen moet nog vallen en zeker bij neerslagverwachtingen tot 3 of 4 dagen vooruit kan het ook nog wel eens anders uitpakken. De kans dat het nog veel hoger uitpakt is echter klein.

water inzicht

Kerst-dooiweer stuwt waterstanden vaak op

Na een lange droge en de laatste 3 weken ook koude periode gaat het weer in de laatste 10 dagen van december sterk veranderen. Het is een weerpatroon dat al veel vaker is opgetreden in de dagen rond kerstmis ligt de gemiddelde temperatuur daarom ook enkele graden hoger dan in de weken hiervoor en hierna. Deze opmars van zachte lucht gaat bijna altijd gepaard met veel regen en dat zien we dan ook terug in de afvoer gegevens van de Rijn en de Maas.

In beide rivieren loopt de gemiddelde afvoer in de 2 weken rond de jaarwisseling het snelst op van het hele jaar. De stijgsnelheid is in november en begin december nog maar langzaam toegenomen om dan in de laatste dagen van het jaar ineens snel op te gaan lopen. Tussen 20/12 en 4/1 loopt het gemiddelde van de Rijnafvoer op met ca 500 m3/s (van 2.350 naar 2.850 m3/s) en dat van de Maas met ca 150 m3/s (van 430 naar 580 m3/s).

De waarde die na deze snelle stijging in de eerste week van januari wordt bereikt, is voor de Rijn en de Maas ook meteen de hoogste van het jaar. Vooral bij de Maas daalt de gemiddelde afvoer in de rest van januari  al weer met zo'n 10 tot 15 cm en in februari nogmaals met dat percentage. De Rijn blijft wat langer op een hoog niveau, maar niet zo hoog als in de eerste maand van het jaar.

Naast dat beide rivieren rond de jaarwisseling gemiddeld het meeste water afvoeren, is de kans op hoogwater dan ook het grootst. In de Maas is dat duidelijk zichtbaar aan het aantal keren dat sinds het begin van de metingen de afvoer in de eerste 10 dagen van januari tot boven de 1.150 m3/s. Dit is een afvoer die gemiddeld op 5 dagen per jaar wordt overschreden en op het bijzondere hoogwater van juli 2021 na, gebeurt dat alleen in het winterhalfjaar. Verder valt op dat de kans op een dergelijke afvoer in pas in de laatste decade van december sterk toeneemt en later in januari al weer veel kleiner is. 

Schermafbeelding 2022-12-18 om 13.35.47.png

Aantal jaren sinds 1911 met een Maasafvoer boven 1.150 m3/s per decade in het winterhalfjaar
Aantal jaren sinds 1911 met een Maasafvoer boven 1.150 m3/s per decade in het winterhalfjaar

Bij de Rijn is (in de grafiek hieronder) het aantal keren aangegeven dat de afvoer bij Lobith boven de 6.000 m3/s uit steeg. Ook hier gebeurde dat in de eerste decade het vaakst en n et als bij de Maas stijgt de kans snel in december. Dat de Rijn  in de laatste decade relatief nog wat lager is dan de Maas heeft ook te maken met de tijd dat het water onderweg is. Bij de Maas is het water vanuit de Ardennen in 1 dag bij het meetpunt in Maastricht, bij de Rijn is het gemiddeld zo'n 4 dagen onderweg.

De kans op een hogere afvoer blijft bij de Rijn nog tot in de eerste decade van maart vrij hoog, maar wordt niet meer zo hoog als in het begin van de winter. 

Schermafbeelding 2022-12-18 om 13.36.01.png

Aantal jaren sinds 1901 met een Rijnafvoer boven 6.000 m3/s per decade in het winterhalfjaar
Aantal jaren sinds 1901 met een Rijnafvoer boven 6.000 m3/s per decade in het winterhalfjaar

Het is een opvallend fenomeen dat de rivierafvoeren juist in de weken rond de jaarwisseling snel oplopen en al in de eerste decade van januari hun hoogste niveau bereiken. De omstandigheden die in de winter voor hoogwater zorgen, regenval en geen verdamping treden immers in de hele winter op. In december is nog verklaarbaar dat de afvoer en de kans op hoog water langzaam oplopen omdat het enige weken duurt voordat stroomgebied na het zomerhalfjaar verzadigd is geraakt.

Dat er toch een piek in de afvoeren zichtbaar is rond de jaarwisseling heeft daarom waarschijnlijk te maken met het relatief vaak optreden van zacht regenachtig weer rond die tijd. Omdat de kans op zacht weer dan wat groter is dan in de rest van de winter is ook de kans op hoge afvoeren dan groter. Maar waarschijnlijk speelt ook nog een ander effect me een dat is de dikte van het sneeuwdek. 

Een eventueel sneeuwdek dat zich in de weken hiervoor heeft gevormd is meestal nog niet zo heel dik en de verschillen in dikte tussen de verschillende hoogten in de Middelgebergten zijn meestal ook nog niet zo groot. Een dergelijk sneeuwdek kan eenvoudig in één keer door een dooiperiode worden opgeruimd, waardoor er in een keer relatief veel water beschikbaar komt.

Later in seizoen, als het sneewdek hogerop in de heuvels steeds dikker wordt, wordt de kans dat alles snel smelt veel kleiner en daarbij fungeert een dikke laag sneeuw ook nog als een spons waarin het regen- en smeltwater aanvankelijk nog deels wordt opgeslagen. Rond de jaarwisseling is daar meestal nog geen sprake van, waardoor smeltwater dan een extra grote rol kan spelen en vaker bij zal hebben gedragen aan een hoge afvoer.

Tenslotte ben ik nagegaan of de waterstanden rond de jaarwisseling in de loop der tijd zijn veranderd. Daarvoor heb ik per decade het 30-jarig gemiddelde van de gemiddelde afvoer in beeld gebracht. Hieronder de grafiek voor de Rijn. De grafiek voor de Maas heb ik niet afgebeeld, maar die laat vrijwel hetzelfde verloop zien. In de bovenste grafiek zijn de 3 decaden van december afgebeeld, in de onderste die van januari.

Het gaat om het 30-jarig gemiddelde, de lijn begint daarom in 1930, toen er sinds 1901 voor het eerst een 30-jarig gemiddelde bepaald kon worden. Het einde van de lijn aan de rechterkant laat het gemiddelde zien voor de periode 1993 t/m 2022.

Schermafbeelding 2022-12-18 om 15.02.38.png

Veranderingen in het 30 jarig gemiddelde van de Rijnafvoer per decade. Boven de 3 decaden van december, onder die van januari.
Veranderingen in het 30 jarig gemiddelde van de Rijnafvoer per decade. Boven de 3 decaden van december, onder die van januari.

In december (de bovenste grafiek) valt op dat de gemiddelde afvoer vooral in de laatste decade sterk is toegenomen. Terwijl de Rijn rond het midden van de vorige eeuw in de 3e decade nog het minste water afvoerde, is dat gaandeweg steeds meer geworden en nu eindigt deze decade duidelijk bovenaan. De grootste stijging deed zich voor in de periode tot 2000, om daarna weer langzaam iets te dalen. De 2e decade is tijdens de meetreeks ook in afvoer gestegen, met hier de grootste toename tot 1980, om daarna weer wat te gaan dalen. De eerste decade tenslotte is sinds het midden van de vorige eeuw juist langzaam gaan dalen. 

Een hogere gemiddelde afvoer hoeft trouwens niet te betekenen dat de hoge afvoeren zijn toegenomen, zoals ik in een van mijn eerdere berichten heb laten zien, heeft het er waarschijnlijk mee te maken dat lagere afvoeren in de laatste tientallen jaren steeds minder vaak voorkomen. In de laatste decade is de afvoer dus meer dan in de andere decaden toegenomen en het regenachtige en zachte weer rond de Kerstdagen dat dit veroorzaakt, zal tegenwoordig daarom ook vaker voorkomen dan vroeger. 

In januari (de onderste grafiek) was de eerste decade aanvankelijk de periode met de hoogste afvoer om rond het midden van de eeuw sterk te dalen, om daarna weer te gaan stijgen. In het midden van de eeuw waren er veel strenge winters met vaak lage afvoeren in januari, waardoor de gemiddelde afvoer relatief laag was. Met het afnemen van de kans op streng winterweer en het vaker optreden van regenachtig winterweer stijgt de gemiddelde afvoer weer aan het eind van de vorige eeuw. De eerste decade van januari, waarin de Rijn het water afvoert van het vaak zachte weer rond de jaarwisseling, eindigt sindsdien weer bovenaan.

Samengevat zien we dat Maas en Rijn rond de jaarwisseling het meeste water afvoeren. In de eerste helft van december is de afvoer daarentegen nog relatief laag en dat betekent dat de afvoer in de laatste 10 dagen van december en de eerste van januari opvallend snel stijgt. In de eerste decade van januari is er bij beide rivieren ook de grootste kans van het hele jaar op een hoge rivierafvoer.

Als we de huidige situatie vergelijken met eerdere jaren in de meetreeks dan zien we dat de gemiddelde afvoer in de laatste decade van december en de eerste decade van januari sinds de tweede helft van de vorige eeuw zijn gaan stijgen, waarbij de grootste toename plaats vond in de periode van 1970 tot 2000 om daarna weer iets te dalen. In andere decaden, op de eerste decade van december na, is er ook sprake van een stijging, maar minder sterk.

De veranderingen die zich in het weer in de winter voordoen (natter, zachter en een veranderde sneeuwbedekking) zijn blijkbaar in de weken rond de jaarwisseling het sterkst. Dit jaar past in dat patroon, met een hogere afvoer rond de jaarwisseling, al zal het waarschijnlijk niet zo nat worden dat het tot hoogwater leidt.

Een volgend bericht kunt u verwachten op 26/12. Mochten de waterstanden sneller stijgen dan verwacht dan maak ik een apart hoogwaterbericht. Korte updates schrijf ik soms ook op Twitter.