U bent hier

maandag 29 januari 2018

Hoogwatergolven achter de rug, maar waterstanden blijven voorlopig relatief hoog.

De hoogwatergolf in de Rijn is gistermiddag Lobith gepasseerd bij een stand van 14,20 m +NAP, dat is 45 cm lager dan bij de golf van begin januari. Het is nu al een paar dagen droog in het stroomgebied en de waterstanden zijn stroomopwaarts van Nederland overal sterk aan het dalen. Voor de Rijn betekent dat dat de daling die vandaag heeft ingezet bij Lobith zeker tot vrijdag zal voort duren. Ik verwacht tegen die tijd een stand van ca 12 meter. 

De golf in de Maas was relatief wat lager dan in de Rijn, maar viel op omdat hij zo lang aanhoudt. Het gaat hierbij om water uit Noord Frankrijk, waar erg veel regen is gevallen en waarvandaan het water lang onderweg is. De Maas schommelt daarom al bijna een week tussen de 800 en 1000 m3/s. Gisteren dacht ik dat de daling zich nu wel wat sneller in zou zetten, maar het water uit Frankrijk blijft maar aanhouden. Ook morgen en overmorgen verwacht ik bij Borgharen nog afvoeren boven de 800 m3/s. 

Het blijft deze week wisslvallig weer met regelmatig regengebieden die, zeker bij de Maas, ook invloed zullen hebben op de afvoeren. Ik verwacht geen nieuwe hoogwatergolf, maar van een langdurige sterke daling is voorlopig ook geen sprake. Vandaag passeerde al een klein regengebied, maar dat ging snel over en heeft weinig effect op de waterstanden. In de nacht van dinsdag op woensdag en woensdag overdag passeert een volgend regengebied, dat met name in de Ardennen voor 2 tot 2,5 cm regen kan zorgen. Samen met de nog hoge afvoer uit Frankrijk kan dat dan opnieuw voor een stijging tot 1000 m3/s zorgen bij Borgharen. 

In het stroomgebied van de Rijn zorgt deze regenzone er voor dat een aantal zijbeken vanaf woensdag weer gaat stijgen en dat de daling van de Rijn in Duitsland vanaf donderdag weer even stil valt en omslaat in een lichte stijging. Dit water komt dan zaterdag en zondag in Nederland aan en zorgt ervoor dat de stand bij Lobith rond de 12 meter even zal haperen.

Na woensdag blijft de westelijke luchtstroming voorlopig nog actief en blijven regengebieden en buien op de stroomgebieden af komen. Geen extreme hoeveelheden en zeker geen hoeveelheden die meteen weer nieuwe hoogwatergolven op kunnen roepen. De temperatuur gaat in het heuvelland ook wat verder omlaag en dat zorgt er voor dat een steeds groter deel van de neerslag in de vorm van sneeuw gaat vallen. De afvoer naar de rivieren vermindert daardoor ook. Een langere droge periode ligt echter ook na het einde van deze week nog niet in het verschiet en dus blijft de kans aanwezig dat de waterstanden later in de volgende week toch weer gaan stijgen. 

Samengevat verwacht ik voor de Rijn dat de waterstand bij Lobith deze week snel zal dalen, met eerst ca 70 en later ca 50 cm per dag. Op vrijdag komt de stand dan rond 12 m uit. Tegen die tijd arriveert er waarschijnlijk weer wat extra water, waardoor de stand een paar dagen rond de 12 m zal schommelen. Na het weekend kan het peil dan weer wat verder zakken, maar de daling zal dan langzaam gaan en het is de vraag of de 11 m later die week al bereikt zal worden. Bij de Maas verwacht ik dat de afvoer op wonsdag en donderdag opnieuw kan stijgen naar 1000 m3/s. Na donderdag hervat de daling zich dan weer, maar die blijft langzaam gaan omdat er dagelijks wel enige regen valt. Rond het weekend is de afvoer dan weer ongeveer op het huidige niveau. Ook daarna volgt er voorlopig geen snelle daling en zal de afvoer nog lang boven de 500 m3/s blijven.

Terugblik Rijnhoogwater

Tijdens de top van de hoogwatergolf bedroeg de afvoer bij Lobith 6.825 m3/s; 700 minder dan bij de vorige golf. Van deze afvoer werd 66% via de Waal afgevoerd en de hoogste afvoer is hier inmiddels in het Haringvliet anngekomen. 21% wordt afgevoerd via de Nederrijn/Lek en de piek hiervan komt morgen bij Rotterdam aan en stroomt dan via de Nieuwe waterweg naar zee. De resterende 13% tenslotte is nu onderweg via de IJssel en hiervan komt de piek woensdag in het IJsselmeer aan. 

Tijdens de vorige hoogwatergolf kon het rivierwater makkelijk naar zee afgevoerd worden omdat de wind toen naar het oosten draaide. Nu is de waterafvoer wat lastiger omdat de wind halverwege de week juist naar het westen zal draaien en ook nog vrij sterk is. De waterstanden op zee worden dan hogen en dan kan er korter gespuid worden. Het water kan alleen naar zee stromen als het peil op de Noordzee lager is dan in het Benedenrivierengebied en in het IJsselmeer. Gedurende de tijd dat het peil op zee hoger is, moet het binnengaats worden opgeslagen. In het IJsselmeer merk je daar niet snel zoveel van, want dit is erg groot en de IJsselafvoer niet zo heel groot. Pas na meerdere dagen dat er niet gespuid kan worden bij de Afsluitdijk, gaat het IJsselmeer dan stijgen. In het Haringvliet echter, wat relatief kleiner is en waar al het water van de Waal heen stroomt en ook nog het water van de Maas, loopt het peil veel sneller op en is dat oplopen wel goed merkbaar. Zolang er niet gespuid kan worden via de Haringvlietsluis loopt het peil in het Haringvliet dan dan met zo'n 5 tot 10 cm per uur op. 

Dit is goed te zien bij het meetpunt Moerdijk dat nu twee maal per dag zo'n 60 tot 80 cm op en neer gaat. Normaal is hier ook wel wat getij (ca 30 cm), maar nu het rivierwater er telkens gedurende 6 uur opgeslagen moet worden, is het veel meer. De komende 2 dagen is de wind nog ZW en kalm en kan er veel water gespuid worden, daarna kan het even wat lastiger zijn als de wind naar het westen draait en weer aan trekt.

De hoogwatergolf in de Rijn is rond de 60e plaats geëindigd in de ranking van alle hoogwatergolven die er sinds 1900 zijn geweest. Omdat er in januari twee hoogwatergolven binnen een maand passeerden, kwam de gemiddelde afvoer van januari op 5.370 m3/s uit. Dat is de op 2 na hoogste gemiddelde afvoer ooit in januari gemeten; alleen 1920 en 1948 kenden een hogere afvoer en als we alle maanden bekijken, dan komt deze maand op de 8e plaats. Dat klinkt heel bijzonder, maar wordt ook veroorzaakt door het feit dat de golven precies binnen de kalendermaand vielen. Als we los van de maanden de hele meetreeks afzoeken op perioden van een maand, dan zijn er ca 20 perioden van 30 dagen met een hogere afvoer. 

In de grafiek hieronder is van alle jaren sinds 1901 de hoeveelheid water aangegeven die er maximaal bij Lobith gedurende 30 dagen via de Rijn werd aangevoerd. De hoogste afvoer gedurende 30 dagen werd in de winter van 1919-20 opgetekend, toen kort op elkaar twee zeer hoge hoogwaters volgden. Opvallend was ook dat dat jaar direct gevolgd werd door een jaar met zeer lage afvoeren. De dubbele piek van deze maand januari leverde de hoogste 30-dagen-afvoer sinds 2002 en staat geheel rechts in de grafiek. Er zijn geen opvallende veranderingen zichtbaar in de afgelopen 118 jaar. Hoge pieken komen verspreid over de hele periode voor, soms wat meer geclusterd, maar er is zeker geen sprake van een toename in de laatste decennia. Vanwege de klimaatverandering is het de verwachting dat perioden van enkele weken of een maand met veel neerslag in het winterseizoen vaker voor zullen komen. Het is een van de oorzaken waarom verwacht wordt dat de rivierafvoeren vaker hoog zullen zijn. In de 30-dagen-afvoeren van de Rijn zijn dergelijke perioden echter (nog) niet terug te vinden.  

afvoer gedurende 30 dagen periode winter.jpg

Maximale 30-daagse Rijnafvoer per jaar sinds 1901
Maximale 30-daagse Rijnafvoer per jaar sinds 1901

Een volgend waterbericht kunt u in het komend weekend verwachten, of eerder als daar aanleiding voor is.