U bent hier

Kleine hoogwatergolven in Maas en Rijn; komende week weer dalend

De deur naar de Atlantische Oceaan stond deze week wijd open en het was een komen en gaan van regengebieden. Gaandeweg raakte de bodem in de stroomgebieden verzadigd en nam de afvoer in de rivieren flink toe. De Maas bereikt vandaag al een voorlopige hoogste afvoer, bij de Rijn verwacht ik die in de tweede helft van de komende week. Een verdere stijging zit er voorlopig niet in omdat de komende dagen veel droger verlopen. In het weer- en waterbericht leest u de detais over wat de rivieren de komende week te wachten staat. Verder heeft de nattigheid van de afgelopen dagen mij niet weerhouden om een terugblik te schrijven op het neerslagtekort dat zich in een deel van Nederland in de afgelopen 2 jaren heeft opgebouwd.

Komende dagen komt de atmosfeer in de stroomgebieden wat tot rust

De afgelopen week hadden we (voor het eerst sinds lange tijd) te maken met een serieuze westelijke luchtstroming die neerslaggebieden het Europese vasteland opstuurde. Vooral de Benelux en Frankrijk kregen de volle laag en het is daarom met name de Maas die veel water te verwerken kreeg en een afvoer bereikte die gewoonlijk maar op zo'n 7 tot 8 dagen per jaar wordt bereikt.

Verderop het continent was de fut er in de neerslagegbieden toch een beetje uit en in Duitsland bleven de regenhoeveelheden beperkt en de Rijn stijgt daardoor relatief minder sterk dan de Maas. Alleen in de Vogezen en het deel van de Ardennen waar de Moezel haar water vandaan krijgt, viel wel veel neerslag en dat water stroomt nu naar de Rijn. De piek die op dit moment in de Rijn ontstaat zal uiteindelijk een niveau bereiken dat gemiddeld op zo'n 30 dagen in het jaar wordt bereikt, duidelijk wat minder hoog dan in de Maas. 

De trein van regenzones die de afgelopen week over Europa trok heeft inmiddels zijn koers langzaamaan wat verplaatst en de komende 4 tot 5 dagen verlopen veel droger dan de afgelopen week. Er ligt nu nog een smalle actieve regenzone over Oost Frankrijk, maar dat zal voorlopig de laatste zijn tot en met komende vrijdag. Een hoge drukgebied boven Zuidoost Europa breidt zijn invloed wat naar Midden Europa uit en dat zorgt ervoor dat de actiefste regenzones niet meer tot het continent weten door te dringen.

Dat betekent dat de wateraanvoer naar de rivieren weer afneemt en ook de hoogwatersituatie langzaam vermindert. Bij de Maas merken we dat meteen, want daar passeert de hoogwatergolf vandaag al bij Maastricht, bij de Rijn zal de stand de hele week nog stijgen voordat de hoogste waarde Lobith bereikt.

Vanaf zaterdag trekt het Zuidoost-Europese hoge drukgebied zich terug en dat zet de deur weer open naar nieuwe regenzones die de stroomgebieden in kunnen trekken. Het weekend lijkt zowel voor de Maas als de Rijn opnieuw veel extra water op te gaan leveren en als dat uit gaat komen dan zouden ook de kerstdagen wel eens in een sfeer van hoogwater kunnen gaan verlopen. De hoeveelheden regen die nu in verwachting staan, zijn echter niet zo groot dat het tot een groot hoogwater zal komen.

Op nog wat langere termijn lijkt zich rond de kerstdagen een hoge drukgebied te gaan ontwikkelen op de oceaan, wat de aanvoer van nieuwe regengebieden dan weer blokkeert. Ook dat maakt dat de kans op een echt hoogwater, met overstroomde uiterwaarden, niet heel groot is, maar het gaat om een verwachting voor ca 10 dagen vooruit, dus er kan ook nog wel het een en ander veranderen.

Rijn stijgt naar tussen 11,25 en 11,5 m +NAP medio deze week, daarna weer wat dalend

De Rijn daalde in het begin van de afgelopen week nog langzaam, maar donderdag kwam het eerste water bij Lobith aan van de vele regen die deze week is gevallen. Uiteindelijk viel er meer regen dan de weermodellen vorige week voorzagen en ik heb de verwachting voor de waterstand dan ook wat naar boven bij moeten stellen. Vooral het stroomgebied van de Moezel kreeg veel water te verwerken en deze grootste zijrivier van de Rijn steeg de afgelopen dagen sterk. De Bovenrijn en andere grote zijrivieren in Zuid Duitsland (Main en Neckar) stegen minder sterk. 

Ook vandaag valt er nog flink wat regen in met name het Franse deel van het stroomgebied van de Moezel en de piek in deze zijrivier arriveert daarom pas morgenochtend bij de Frans-Duitse grens en zal dan morgenavond bij Koblenz aankomen. Daar is de Rijn dan inmiddels ook al aardig aan het stijgen vanwege extra water dat uit Zuid Duitsland onderweg is. De piek uit de Bovenrijn komt echter pas 2 dagen later aan bij Koblenz, dus er is geen volledige overlap van de beide golven.

Bij Koblenz wordt de hoogste stand verwacht op dinsdagochtend en daarna duurt het nog ca 2 dagen voordat deze bij Lobith aan komt. De waterstand bij Lobith zal vannacht de 10 meter passeren en in de komende 3 dagen met ca 50 cm per dag stijgen naar een hoogste stand op donderdag. Op grond van de huidige waterstanden in Duitsland ga ik uit van een hoogste stand bij Lobith tussen de 11,25 en 11,5 m +NAP. De afvoer bevindt zich dan tussen de 3.500 en 3.750 m3/s. 

Zoals ik bovenaan al schreef is dat geen uitzonderlijke stand: op zo'n 30 dagen per jaar wordt deze waarde bereikt of overschreden. Vanaf ca 11 meter gaan wel de laagste delen van uiterwaarden overstromen. Het gaat dan om gebieden die in open verbinding staan met de rivier. Alle gebied dat achter zomerkades ligt overstroomt pas als de waterstand boven de 13,5 tot 14,5 m stijgt. Daar blijven we nu ver onder.

Na donderdag zal de waterstand eerst langzaam dalen; de piek uit de Bovenrijn moet dan immers nog passeren, maar omdat de Middenduitse zijrivieren dan sterker dalen dan de Bovenrijn stijgt zorgt dat toch voor een daling benedenstrooms van Koblenz. Na vrijdag verloopt de daling iets sneller en na het volgend weekend kan de waterstand bij Lobith dan weer tot net onder de 10 m zakken.

Als de weersverwachting uitkomt dat het volgend weekend weer flink gaat regenen in het stroomgebied dan zal de waterstand in het midden van die week, dus rond de kerstdagen, weer gaan stijgen. Op grond van de regenhoeveelheden die nu verwacht worden is een nieuwe stijging tot boven de 11 m dan weer mogelijk.

Samengevat: de eerste helft van de week gestaag stijgende standen tot tussen de 11,25 en 11,5 m op donderdag. Daarna eerst een langzame daling en vanaf zaterdag iets sneller tot ca 10 m in het begin van de week na komend weekend. Rond en na de kerstdagen weer een nieuwe stijging tot 11 m of nog (wat) hoger.

Maas bereikte een kleine hoogwaterpiek van 1.100 m3/s.

De Maas lag meer in de baan van de actieve regenzones dan de Rijn en de afvoer steeg deze week dan ook snel naar boven de 1.000 m3/s op zaterdag. Afgelopen nacht steeg het niveau nog iets verder naar 1.100 m3/s bij Maastricht. Inmiddels is de afvoer daar weer wat gedaald en die daling zal zich de komende dagen voortzetten. 

Vandaag is er nauwelijk regen meer gevallen in de Ardennen en ook de komende dagen blijft het vrijwel droog. Omdat het water vanuit de Ardennen er minder dan 1 dag over doet voordat het bij Maastricht aankomt, betekent dat dat de afvoer niet nog verder zal stijgen. In het Franse deel van de Maas viel vandaag nog wel wat regen, maar dat is veel langer onderweg en zal er hoogstens voor zorgen dat de daling in de komende week wat langzamer verloopt.

Voor de Maas is een afvoer van 1.000 m3/s een belangrijke waarde want uit het verleden is bekend dat dit een soort van springplank is waar vanaf de afvoer snel verder kan stijgen naar hoge tot soms zelfs zeer hoge afvoeren. Om dat te laten gebeuren moet er dan op het moment dat de 1.000 m3/s wordt bereikt nog een nieuw extreem neerslaggebied over het stroomgebied trekken, dat bijvoorbeeld zo'n 6 tot 8 cm regen brengt. Daar was dit maal echter geen sprake van en de afvoer bleef daarom beperkt.

Omdat er de hele week geen grote hoeveelheden regen worden verwacht zal de afvoer bij Maastricht ook de hele week dalen. Verder stroomafwaarts stijgt de Maas de eerste dagen nog wel. Bij Venlo wordt de hoogste stand morgenvroeg verwacht en benedenstrooms nabij den Bosch pas op woensdag. Bij Maastricht is de afvoer dan al weer tot rond de 600 à 700 m3/s gezakt en later in de week zal waarschijnlijk ook de 500 m3/s weer worden onderschreden. 

Zeer waarschijnlijk zal vanaf zaterdag de afvoer dan weer gaan stijgen omdat vanaf vrijdag weer aardig wat regen wordt verwacht in de Ardennen. De kans is daarom groot dat er een nieuwe stijging volgt tot boven de 1000 m3/s in het volgens weekend en de dagen daarna daarna.

De waterbalans van de afgelopen 2 jaar.

Met alle regen van de laatste dagen lijkt de droogte van de afgelopen zomer al weer lang verleden tijd. Voor veel plaatsen klopt dat ook want in een groot deel van Nederland zal 2019 een nat jaar worden, maar er zijn ook gebieden, waar het, ondanks de soms overvloedige regens van de afgelopen weken, nog steeds (veel) te droog is. En het ziet er ook naar uit dat dat nog wel even zal duren.

Als we de balans opmaken dan zien we dat het noorden, westen en midden van het land (veel) natter zijn dan in een normaal jaar, terwijl het zuiden en oosten juist veel droger is. De laatste paar maanden is het daar wel aardig wat regen gevallen, zelfs meer dan gemiddeld, maar het neerslagtekort dat er in het voorjaar en de zomer is ontstaan, zal er voor het eind van het jaar zeker niet meer ingelopen worden. 

In de grafiek hieronder heb ik over een periode van iets meer dan 2 jaar de waterbalans weergegeven voor 5 meetstations van het KNMI. De waterbalans is de hoeveelheid regen die gevallen is, minus de potentiële verdamping die op is getreden. De grafiek begint in september omdat dat het moment is dat doorgaans de omslag plaats vindt van een negatieve naar een positieve waterbalans en door daar te beginnen kunnen we goed het verloop door het jaar bestuderen.

Schermafbeelding 2019-12-15 om 12.06.07.png

Waterbalans van 5 KNMI meetstations voor de afgelopen 2 jaar (data afkomstig van KNMI)
Waterbalans van 5 KNMI meetstations voor de afgelopen 2 jaar (data afkomstig van KNMI)

In de periode van september t/m maart valt er altijd meer neerslag dan er water verdampt en in die periode is de waterbalans positief en loopt het neerslagoverschot langzaam op; de lijnen in de grafiek lopen omhoog. In het groeiseizoen is de verdamping groter en als er dan weinig neerslag valt dan wordt er ingeteerd op het neerslagoverschot. De lijnen lopen dan omlaag en in een normaal jaar zal de lijn na een jaar altijd hoger eindigen dan dat hij begonnen is. Dat betekent dat er aan het eind van het jaar een netto neerslagoverschot is. 

Als we het langjarig gemiddelde bekijken dan varieert dit neerslagoverschot in Nederland van ca 15 tot 30 cm. Het overschot is het grootste in het noorden, midden en westen van het land, met een piek op de Veluwe (bijna 35 cm) en het kleinst in het zuiden van het land en daar met name in het oosten van Brabant en noorden van Limburg (ca 15 cm). 

De afgelopen 2 jaren werd het normale neerslagoverschot langs niet altijd overal gehaald. Vooral de vorige zomer was extreem droog en zorgde in de maanden mei t/m augustus voor een erg groot verdampingsoverschot, waardoor de waterbalans in het najaar van 2018 maximaal op ca 15 cm uit kwam. Dit was in Den Helder, de donkergroene lijn in de grafiek hierboven. In De Bilt, dat doorgaans een neerslagoverschot kent van ca 30 cm, bedroeg het overschot maar iets meer dan 10 cm.

In het zuidoosten van het land, waar het neerslagoverschot altijd al het kleinst is, was het verdampingsoverschot in de zomer van 2018 zelfs zo groot dat de hoeveelheid neerslag die in de voorgaande winter was gevallen ruim werd overtroffen. Uiteindelijk eindigde de balans op de meetstations Volkel en Eindhoven (de grijze en de oranje lijn in de grafiek) dan ook  onder nul en was er sprake van een negatieve waterbalans van ca -5 cm. Naast de extreme droogte in de zomer waren hiervoor nog andere oorzaken aan te wijzen, zo was ook de hoeveelheid neerslag in de voorgaande winter al kleiner dan normaal en liep de droogte nog lang door in het najaar van 2018; waardoor het laagste niveau pas eind oktober werd bereikt. 

Omdat de waterbalans in 2018 pas in de maand november omsloeg waren de vooruitzichten voor het volgende jaar al niet gunstig. Gewoonlijk dragen de 3 herfstmaanden samen al 15 cm bij aan het overschot, maar nu kwam de opbouw pas goed op gang in december. In de periode tot eind maart liep de waterbalans wel overal in het land goed op, maar alles bij elkaar opgeteld kwam deze aan het begin van het groeiseizoen van 2019 maar zo’n 25 tot 30 cm hoger uit dan aan het begin van de winter, zo’n 10 cm lager dan normaal.

De zomer van 2019 kende grote tegenstellingen. Terwijl de uitgangspositie nergens heel positief was, viel in het voorjaar en de zomer in de noordwestelijke helft van het land ongeveer de normale hoeveelheid neerslag zodat het verdampingsoverschot niet groter werd dan ca 20 cm. Ook waren er geen langere perioden met weinig neerslag, zodat de balans niet zoals in 2018 een lange duikvlucht naar benden kon maken. 

Heel anders was het beeld in het zuidoosten van het land en ook het oosten deed daarin mee (Twenthe, de gele lijn in de grafiek).  Hier verliep het groeiseizoen wel veel droger dan normaal en liep de balans heel sterk terug. In Volkel was er zelfs sprake van een verdampingsoverschot van bijna 40 cm; een hoeveelheid die waarschijnlijk nog niet eerder ergens in Nederland was bereikt. 

Daardoor eindigde zowel Volkel als Eindhoven uiteindelijk opnieuw met een neerslagtekort en in Volkel was dat zelfs nog groter dan in het voorgaande jaar. In september 2019 stond de balans van Volkel op bijna -20 cm in vergelijking met september 2017, terwijl er in een normale situatie een overschot had geweest van tweemaal 20 cm (20 cm overschot is de normale waarde voor Volkel in een jaar tijd). Over twee jaar gerekend is dus al bijna 60 cm te weinig neerslag gevallen; in Eindhoven is dat 50 cm en in Twente 45 cm. 

Nu het een paar maanden wat natter is zal iemand die een wandeling maakt door het buitengebied niet veel merken van deze droogte. Er staan overal plassen op het land en de onverharde paden zijn lekker modderig. Toch is er onder de grond wel iets aan de hand. Met name in het zandige, hogere deel van Nederland (wat toevallig precies het deel is met het grootste neerslagtekort) betekent het grote tekort aan neerslag van de laatste twee jaar dat het grondwater onvoldoende is aangevuld. Dit grondwater is belangrijk omdat we er drinkwater uit winnen, de landbouw er ‘s zomers het land mee beregent en het de voeding is voor alle beken die in dat deel van Nederland van hoog naar laag stromen.

Een jaar met een neerslagtekort komt in Nederland maar zeer zelden voor, maar dat het dan twee jaar na elkaar gebeurt is al helemaal uitzonderlijk. De verdamping wordt nog niet zolang gemeten in Eindhoven en Volkel (sinds resp. 1985 en 1992) en twee jaren op rij met minder neerslag dan dat er water verdampt is sinds die tijd nog nooit gebeurt.

In tegenstelling tot wat men misschien zou denken neemt de kans op een neerslagtekort in Nederland niet toe. De verdamping wordt als gevolg van de hogere temperaturen wel groter, maar omdat de jaarlijkse neerslaghoeveelheden sneller toenemen neemt de kans op een neerslagtekort juist af. Dat er sprake was van een neerslagtekort in 2018 en 2019 was niet alleen het gevolg van de droge zomer, maar ook omdat er in de voorgaande winter relatief weinig neerslag viel.

Als we nu alvast een verwachting willen opmaken voor het volgende jaar, dan zijn de uitgangspunten iets gunstiger dan eind 2018. De opgaande lijn begon dit jaar al rond medio september, dus twee maanden eerder dan vorig jaar. Als tot en met maart de normale hoeveelheid neerslag valt, dan levert dat een plus op van zo’n 40 cm, wat voldoende zou moeten zijn om zelfs een droge zomer op te kunnen vangen, zonder dat er weer een tekort ontstaat. 

Maar of er voldoende valt om een deel van het zeer grote tekort in het zuidoosten, al is het maar deels, op te heffen is maar de vraag. Want als we de trends van de laatste 3 maanden bekijken, dan valt het op dat er nog steeds grote verschillen zijn binnen het land. Zo groeide de balans in den Helder sinds september al met bijna 35 cm, terwijl dat in Volkel nog maar 13 cm is. Eindhoven en Twente zitten daar met resp. 18 en 23 cm tussenin. Voor met name het zuidoosten van het land zal het voor het volgend groeiseizoen dus weer spannend worden of de buffers de komende winter wel voldoende zijn aangevuld.

Een nieuw bericht over de hoogwatersituatie kunt u volgende week zondag verwachten, of als de toestand daar aanleiding voor geeft wat eerder. Via Twitter geef ik soms een korte update.