U bent hier

zondag 15 oktober 2017

Begin van de week droog met dalende waterstanden, later kans op regen

De afgelopen week verliep al grotendeels droog en dat weer zet zich de eerste dagen van de komende week nog door. De tropische cycloon die maandag in Ierland gaat toeslaan, beweegt dinsdag, gaandeweg afzwakkend, via Schotland naar Noorwegen. Op het weer in Nederland heeft dit unieke weersysteem waarschijnlijk weinig invloed, op de hoge temperaturen na dan die met de zuidenwind mee worden gevoerd, die aan de oostflank van Ophelia staan.

Neerslag is er de komende dagen dan ook niet te verwachten. Wat er vanaf woensdag gaat gebeuren is nog niet duidelijk. Eerst berekenden de weermodellen dat het droge weer nog even aan zou houden, volgens de volgende modelrun zou het vanaf donderdag al natter worden en in de laatste run is dat toch weer twijfelachtig. Dit kan trouwens toch nog wel de invloed van de orkaan zijn, dit weersysteem gooit de stroming boven de Atlantische Oceaan zo in de war, dat even onduidelijk is hoe het daarna weer verder moet. Later in de week weten we meer.

De rivieren zijn ondertussen aan het dalen, de Maas staat zelfs al weer erg laag, en dat houdt deze week nog aan. Vanaf volgend weekend komt daar misschien dan weer verandering in.

Rijn zakt deze week naar net boven de 8 meter.

Al sinds mei schommelen de waterstanden in de Rijn tussen de 8 en 9 meter. Dat is opvallend, want meestal is er in de loop van de zomer sprake van een dalende trend, maar dit jaar is de afvoer vrij stabiel, binnen de bandbreedte van 8 en 9 meter. De oorzaak ligt erin dat het voorjaar vrij droog was en de waterstand toen aan de lage kant en de zomer en het begin van de herfst juist natter, zodat de stand toen naar gemiddelde en soms wat hogere waarden kon klimmen.

De komende week zet de lijn met standen tussen 8 en 9 meter zich voort. Na het kleine piekje van de afgelopen week, waarbij de stand net onder de 9 m bleef bij Lobith is de stand sinds vrijdag weer gaan dalen. Die daling zet zich voort met zo'n 10 tot 15 cm per dag. Aan het begin van komend weekend komt de stand dan weer op ca 8,2 m uit. Mocht de nattigheid vanaf donderdag weer terugkeren, dan kan de stand vanaf het weekend alweer gaan stijgen. Als het toch droog blijft, dan kan de stand na het volgend weekend toch verder dalen naar onder de 8 meter. Maar de kans daarop is minder groot.

Maas daalde erg snel deze week

Na het kleine golfje van ca 150 m3/s voor het vorig weekend verwachtte ik dat de afvoer deze week nog wel even wat hoger zou blijven, maar dat was niet het geval. Vanaf donderdag daalde de afvoer bij Borgharen vrij plotseling weer naar ca 15 - 20 m3/s gemiddeld over de dag. Dit ondanks dat er nog best wel wat water wordt aangevoerd. Zo bedraagt de afvoer vanuit Frankrtijk ca 45 m3/s, vanuit de Sambre 8, vanuit de Lesse 6 en uit de Ourthe 30 m3/s; samen is dat ca 90 m3/s. Maar omdat er nu vrij veel water wordt afgevoerd via de kanalen die tussen Luik en Maastricht beginnen (Albertkanaal, Julianakanaal en Zuid Willemsvaart), blijft er voor de Maas zelf maar ca 20 m3/s over. 

Deze week verandert daar weinig aan vanwege het droge weer. Pas tegen het komend weekend kan er weer wat meer water komen als de verwachtte regenval dan daadwerkelijk gaat vallen.

Is er iets te zeggen over de kans op hoogwater deze winter

Kan op grond van de afvoer in oktober iets gezegd worden over de afvoeren in de komende winter? Tot nu toe beweegt de Rijnafvoer in oktober 2017 zich rondom het langjarig gemiddelde; zegt dat iets over de rest van de winter.

Nu de zomer voorbij is, neemt de verdamping vanuit de begroeiing en vanaf het aardoppervlak snel af. De neerslag die vanaf nu valt, komt daarom voor een groter deel in de rivieren terecht en de kans op hoogwater is daarom in de winter veel groter dan in de zomer. Als we naar de historische afvoeren kijken sinds 1901, dan zien we bij de Rijn de eerste hoogwaters van het winterseizoen ook weer optreden vanaf midden oktober. De kans neemt dan langzaam toe tot in januari als de kans het grootste is.

Voordat een groter hoogwater ontstaat moet er gedurende langere tijd (ca 2 weken) veel neerslag vallen. Daarnaast maakt het uit als het ook in de maanden daarvoor al natter is geweest. Als we van alle winterhalfjaren de maximale afvoer op een rij zetten, dan was er in 25% van de jaren sprake van een groot hoogwater, dwz dat in een op de 4 jaar de zomerkades overstromen en de uiterwaarden geheel onder water staan. De afvoer bij Lobith is dan groter dan 7500 m3/s. Als de afvoeren in oktober nu aan de lage kant zijn, dan is de kans dat er dat jaar zo'n groot hoogwater volgt slechts 14%, dus slechts eens in de 7 jaar.  Als oktober een maand is met een gemiddeld hoge afvoer dan is de kans maar liefst 43%, dus bijna eens in de 2 jaar. 

Bij de jaren met kleine hoogwaters, waarbij de afvoer bij Lobith in de winter onder de 5500 m3/s blijft (dit is 34% van de winters), is het precies andersom. Als oktober een lage afvoer heeft dan is de kans op een klein hoogwater 46% en als oktober en hoge afvoer heeft dan is de kans dat de winter toch een laag hoogwater heeft slechts 10%. Na een oktober met lagere afvoeren volgen dus relatief vaker winters met kleine hoogwaters en na een oktober met hogere afvoeren volgen dan vaker winters met hoge afvoeren. De oktobers die daar tussenin zitten, met gemiddelde afvoeren, leveren het vaakst de winters met gemiddelde hoogwaterafvoeren tussen de 5500 en 7500 m3/s.

Er zijn twee mogelijke verklaringen voor dit verband: het kan met de weerpatronen te maken hebben of met de bergingsruimte in het stroomgebied. Bij de weerpatronen werkt het zo dat als oktober een natte maand is, dat dan de kans groter is dat ook andere wintermaanden nat zijn, wat de kans op een groot hoogwater groter vergroot. Weerpatronen zijn namelijk vaak vrij standvastig en kunnen meerdere maanden aanhouden, zo volgt er vaker na een natte oktober ook een natte november of december. Een andere mogelijk verklaring is dat vanwege de neerslag die in oktober valt, de bergingsruimte in de bodem al deels is opgevuld. De extra neerslag die valt en die niet meer verdampt zal niet allemaal naar de rivier afstromen, maar voor een del ook achterblijven in de bodem. Daardoor kan, als er later in de winter veel neerslag valt, minder water in de bodem geborgen worden en zal er meer water tot afstroom komen. Het kan ook nog een combinatie van beiden zijn. Het vraagt nog wat meer uitzoekwerk om hier achter te komen.

De Rijnafvoer in oktober 2017 beweegt zich tot nu toe rond het gemiddelde. Op grond daarvan is de kans op een gemiddeld hoogwater het grootst en een winter met groot of klein hoogwater minder groot.