zondag 6 mei 2018
Grotendeels droog weer en langzaam dalende waterstanden
De buien van vorige week zondagnacht waren zeer stevig en brachten in een zone over de Ardennen en het zuidoosten van Nederland zoveel neerslag dat de Maas er bij Borgharen in korte tijd ca 300 m3/s door steeg. De regenval duurde niet veel langer dan 1 uur, maar dit leverde zoveel water op dat de Maas de hele week nodig had om het af te voeren. Onderaan dit bericht nog wat meer informatie over deze buien.
Na de buien werd het de rest van de week droog weer en ook de komende dagen verlopen droog. Pas donderdag wordt weer wat neerslag verwacht, maar geen grote hoeveelheden lijkt het voorlopig. Daarna blijft het licht wisselvallig, met zo nu en dan wel wat neerslag in de stroomgebieden. De waterstanden zullen daarom licht blijven dalen; al profiteert de Rijn wel van de smeltende sneeeuw in de Alpen.
Rijn daalt langzaam
De Rijn kreeg vanuit de Ardennen ook een klein beetje extra water aangevoerd van de extreme buien en steeg daardoor medio afgelopen week ca 20 cm. Inmiddels daalt de stand weer licht. Deze daling van ca 5 cm per dag zal zich de komende week voortzetten en aan het eind van de week zal de stand bij Lobith dan rond de 8,7 m +NAP uitkomen. De afvoer is dan tot rond de 1650 m3/s gezakt wat ruim onder de gemiddelde waarde voor deze tijd van het jaar is, die ca 2250 m3/s bedraagt.
De sneeuwsmelt in de Alpen neemt weer wat toe vanwege het warme weer van de komende week, maar dat levert pas vanaf volgende weekend wat extra water op. Samen met wat extra afvoer vanwege buien die dan verwacht worden is de kans dan het grootst dat de stand in die week niet veel verder zal dalen.
Maas schommelt rond de 100 m3/s
De Maasafvoer steeg bij Borgharen afgelopen maandag snel van ca 100 naar 400 m3/s. De extreme buien hadden vooral in de Ardennen veel regen gebracht en dat zorgde ervoor dat enkele zijrivieren zeer snel stegen. Een mooi voorbeeld is de Vesdre die in de Hautes Fagnes ontspringt, het hoogste deel van de Ardennen. Daar viel 6 tot 7 cm in ongeveer een uur tijd. De bodem kan dat zo snel niet verwerken en veel water stroomt dan oppervlakkig af naar de beek. Ook verharde oppervlakken in steden langs de loop leveren dan hun aandeel. De grafiek van een van de meetstations is rechts bovenaan afgebeeld. Ook de Ambleve en Ourthe die in hetzelfde gebied ontspringen stegen snel en samen leverde dat de eerdergenoemde piek op in de Maas.
Ook beken in Nederland kregen te maken met snel stijgende afvoeren. De Geul ontspringt dicht bij de Vesdre en liet ook een mooie piek zien. De tweede grafiek hiernaast is van de Geul bij Meerssen, waar de afvoer tot ca 30 m3/s steeg. Bij die afvoer staat de bedding helemaal vol en overstromen de laagste delen van de naastgelegen dalvlakte.
Een andere beek in Zuid Limburg kreeg nog veel meer water te verwerken. Dit is de Worm, die bij Kerkrade langs de grens stroomt met Duitsland. Het stroomgebied is kleiner dan van de Geul maar de stad Aken ligt er wel helemaal in. Vanwege het grote aandeel verhard oppervlak stijgt de afvoer hier dan ook nog veel meer dan bij de Geul. Bij Herzogenrath, direct naast Kerkrade, steeg de afvoer zelfs tot bijna 50 m3/s. De derde grafiek hiernaast laat dat zien. De afvoer stijgt er binnen zeer korte tijd van ca 1 naar 50 m3/s. Bij die afvoer treedt de beek ook buiten zijn oevers en zorgt de kracht van het stromende water ook voor veel erosie van de oevers. Dat is daar een gewenst proces, want de Worm is een vrij meanderende beek waar natuurlijke processen nog mogen plaats vinden. Op de website van Ark Natuurontwikkeling is daar meer over te lezen.
Omdat de Worm in het natuurgebied buiten haar oevers mag treden, wordt daar veel water geparkeerd en neemt de hoogte van de piek verder stroomafwaarts af. Verder benedenstrooms is dat goed te zien. Dertig kilometer verder, juist voordat de Worm in de Roer uitmondt, was de piek dan ook veel lager. Maar wel langer, het bovenstrooms in de dalvlakte geparkeerde water stroomt later namelijk alsnog achter de piek terug de bedding in.
Omdat de buien zondagnacht vooral over Limburg naar het noorden trokken waren veel zijbeken van de Maas, zoal bijvoorbeeld ook de Swalm en de Leubeek, de volgende ochtend ook flink verhoogd. Inmiddels is al dat water alweer afgevoerd en zijn de peilen weer terug op het niveau van voor de buien.
Ook de Maas is weer terug op het niveau van ca 100 m3/s van voor de buien. De komende dagen verandert daar niet zoveel aan. De afvoer zal gemiddeld nog wat afnemen, maar vanwege de grote dagelijkse schommelingen, veroorzaakt door het stuwbeheer in Wallonie, is daar niet veel van te merken.
Een volgend bericht kunt u in het volgend weekend verwachten.