Neerslag op komst, maar onvoldoende voor een sterkere stijging van de waterstanden
Na een paar droge weken verandert het weerpatroon boven de West-Europa en neerslag kan de komende week weer tot in de stroomgebieden doordringen. Veel regen wordt echter niet verwacht en de waterstanden, die naar een voor de tijd van het jaar laag niveau zijn gezakt, stijgen daarom maar weinig. Ook op langere termijn blijven de waterstanden aan de lage kant. In het waterbericht leest u de details.
In de rubriek water inzicht een blik op de waterstanden tot nu toe deze winter, die in een groot deel van de stroomgebieden droog verloopt en dat levert vooral lage waterstanden op.
water van de week
Lagedrukgebieden proberen het wel, maar lijken niet echt te slagen
Lagedrukgebieden vanaf de oceaan dringen de komende tijd meer op, maar de meeste neerslag gaat ten zuiden van de stroomgebieden langs. Op de weerkaart zien we ten westen van Ierland een groot lagedrukgebied en vaak betekent dat voor de dagen daarna dat zo'n lagedrukgebied zich over onze omgeving naar het oosten trekt. Maar dit jaar gaat het anders. Hogedrukgebieden boven het oosten en noorden van Europa fungeren als een blokkade en lagedrukgebieden komen daarom niet verder dan de Britse eilanden.
Komende week splitsen zo nu en dan kleine lagedrukgebiedjes zich af van het grote moeder-lagedrukgebied en deze bewegen dan over Frankrijk en de zuidkant van het alpengebied naar de Middellandse Zee. In de baan die ze volgen brengen ze wel veel regen (en hogerop sneeuw) maar dit gebied ligt vooral net ten zuiden van de stroomgebieden. Niet dat het helemaal droog blijft want als zo’n lagedrukgebied ten zuiden van ons langstrekt, kunnen de neerslagzones ons vaak nog wel bereiken. Veel neerslag wordt er echter niet verwacht maar het is toch voldoende om de rivieren weer een klein beetje water te bezorgen.
Op dinsdag trekt zo’n klein lagedrukgebied ten zuiden van ons langs en dan valt de meeste regen van de komende week. Het lagedrukgebied voert ook zachte lucht aan en de neerslag zal daarom grotendeels als regen vallen; alleen hogerop in de middengebergten, zo boven de 1000 m in het Zwarte Woud en de Vogezen, kan zich dan een vers sneeuwdek vormen. En opvallend, ook in het noorden van Nederland en Duitsland kan sneeuw vallen, omdat de grens tussen de zachte en de koude lucht daar nog steeds vlakbij blijft liggen.
Er zijn ook modelberekeningen die deze grens over een dag of 10 ver naar het zuiden laten opschuiven, als het hogedrukgebied weer meer invloed krijgt, zodat heel Nederland en een groot deel van het stroomgebied weer in de koude lucht terechtkomt. De kans hierop wordt echter voorlopig klein ingeschat, maar we moeten het hogedrukgebied deze winter ook weer niet onderschatten, dus wie weet.
Nadat op dinsdag een woensdag een regenzone over de stroomgebieden is getrokken, die zo’n 10 tot 20 mm regen kan brengen, volgen er later in de week nog enkele neerslagperioden, maar die zijn minder actief. De verwachting nu is dat het hogedrukgebied zich na de komende week wat meer in westelijke richting uitbreidt, waardoor nieuwe lagedrukgebieden een nog wat zuidelijkere koers gaan volgen. Als dat uitkomt, dan valt er ook in de eerste week van februari niet veel regen en hoeven we ook dan niet te rekenen op een verdere stijging van de waterstanden.
Rijn daalt naar ca 8 m, daarna een stijging naar ca 8,5 m NAP.
De Rijn is de hele week langzaam gedaald en staat nu bij een stand van 8,25 m NAP ca. 1 m lager dan in het vorige weekend. De afvoer bedraagt nu nog ongeveer 1.500 m3/s en dat is voor deze tijd van het jaar ruim onder het langjarig gemiddelde, want dat bedraagt ruim 2500 m3/s en de waterstand stat nu zelfs 1,5 m onder wat het normaal is in deze tijd van het jaar. Een groot deel van het stroomgebied van de Rijn heeft dan ook tot nu toe een erg droge winter. De komende dagen daalt de waterstand nog wat verder tot iets onder de 8 m aan het eind van de week.
Vanaf dinsdag en woensdag gaat er aardig wat regen vallen een vooral het westelijke deel van het stroomgebied en dat levert wat extra water op dat vanaf vrijdag loop ik bereikt. De stand stijgt dan naar circa 8,5 m NAP op maandag 2 en dinsdag 3 februari. Daarna zet naar verwachting weer een langzame daling in naar een stand iets boven de 8 m in het weekend van 8 en 9 februari. Hierbij ben ik ervan uitgegaan dat de eerste week van februari inderdaad vrij droog verloopt, zoals nu de verwachting is. Maar zo lang vooruit kan dat natuurlijk nog veranderen; daarover volgende week meer.
Maas daalt tot ca 200 m3/s, daarna weer wat stijgend.
Ook In het stroomgebied van de Maas viel de afgelopen week geen regen en daarom daalde de afvoer gestaag. In het vorige weekend was de afvoer nog wat hoger (ca 550 m3/s) vanwege smeltwater uit Ardennen, maar dat is inmiddels helemaal op en de afvoer is nu bij Maastricht gedaald tot iets boven de 200 m3/s. Op dinsdag en vooral woensdag kan er wat regen vallen maar geen grote hoeveelheden; het blijft bij zo'n 10 tot 20 mm. Vanaf woensdag kan dat voor een lichte stijging zorgen naar ca 300 tot 350 m3/s.
Donderdag verloopt waarschijnlijk weer wat droger maar vrijdag kan er opnieuw een wat actiever regengebied de Ardennen bereiken. De afvoer kan dan nog wat verder stijgen naar een hoogste waarde op zaterdag; maar veel meer dan 500 m3/s verwacht ik niet dat het gaat worden; als dat al bereikt gaat worden. Vanaf zaterdag volgen ook weer een aantal dagen met weinig neerslag en als die verwachting standhoudt dan betekent dat dat In de week naar het volgend weekend de afvoer ook weer gaat dalen. Zo blijft de afvoer van de Maas ook de komende twee weken waarschijnlijk (ruim) onder het langjarig gemiddelde dat in deze tijd van het jaar ruim 500 m3/s bedraagt. Het ziet er niet naar uit dat dat de komende tijd gehaald gaat worden.
Water in zicht
Winter verloopt tot nu toe zonder hoogwater
Na een wat natter najaar verloopt de winter tot nu toe in de stroomgebieden aan de droge kant. Vooral in het stroomgebied van de Rijn is het sinds december erg droog en de hoogste afvoer die daar tot nu toe deze winter werd bereikt (iets boven de 3.000 m3/s) was op 1 november. De sneeuw die begin januari in Nederland in flink sneeuwdek opleverde drong nauwelijks door tot in het stroomgebied van de Rijn een toen het na die koude periode ging dooien was er daardoor ook weinig smeltwater.
De Ardennen ontvingen relatief wat meer sneeuw en de Maasafvoer liet daardoor vorige week nog wel een klein smeltwaterpiekje zien. Winters met lage afvoeren komen we tegenwoordig nog maar weinig voor en wat we deze winter beleven is daarom vrij uitzonderlijk. Een Maasafvoer die de hele winter onder de 1.000 m3/s per seconde blijft is in de afgelopen 50 jaar nog maar twee keer voorgekomen (1996 en 2017), terwijl dat tussen 1911 en 1976 maar liefst 11 keer gebeurde; dwz eens in de 6 jaar. In de grafiek hieronder zijn de hoogste afvoeren van ieder hoogwaterseizoen (periode tussen 1/10 en 31/5) weergegeven voor de hele meetreeks.
Schermafbeelding 2026-01-25 om 21.18.10.png

In de huidige winter kwam de Maasafvoer nog niet boven de 575 m3/s uit en dat is de op twee na laagste. Nu kan er de komende maanden nog wel wat gebeuren, maar omdat er ook de komende 2 weken nog weinig neerslag wordt verwacht en er geen smeltwater op voorraad ligt, begint de tijd wel wat te dringen. De vorige keer dat de winter een lage afvoer had (winter 2016/17) kwam het hoogwatertje trouwens ook pas in maart; dus de huidige winter kan nog wat opschuiven.
Bij de Rijn zien we een zelfde beeld, maar uiteraard is de laagste afvoer hier wel hoger. Als we de grens bij 4.000 m3/s leggen dan zien we in de afgelopen 50 jaar dezelfde 2 winters die lager eindigden en vóór 1976 waren dat er 12; een ongeveer vergelijkbare frequentie als de Maas. In beide grafieken zijn de 5 jaren met de laagste hoogwaterafvoer in de winter in rood aangegeven. Bij de Rijn kan deze winter al niet meer in de top 5 eindigen, want deze winter staat nu op de 6e plaats. Maar ook dat zou erg bijzonder zijn, want de eerstvolgende recente winter (2016/17) in deze ranglijst vinden we pas op de 15e plaats.
Schermafbeelding 2026-01-25 om 21.17.56.png

Wat opvalt in beide grafieken is dat de winters met een lage hoogwaterafvoer ver terug liggen in de tijd en dat er in de afgelopen 50 jaar geen enkele is geweest. Ook de jaren met de hoogste winterhoogwaters zijn in blauw aangegeven, deze vinden we bij Maas en Rijn aan het eind van de vorige eeuw en in de ’20-er jaren. Winters met niet meer dan een klein hoogwater zijn dus zeldzaam geworden en vanuit het klimaat gezien is dat ook wel te verklaren.
Voor langdurige droogte zijn standvastige hogedrukgebieden nodig, die soms maandenlang het weer bepalen. Dit weerpatroon zien we de laatste decennia maar weinig en als hoge druk al eens overheerst, dan duurt dat nooit heel lang en wordt het altijd wel weer afgewisseld met een stevige westelijke stroming die vochtige oceaanlucht naar de stroomgebieden voert.
Dit jaar is daarop dus (tot nu toe) een uitzondering, met juist sterke hogedrukgebieden, eerst boven zuidoost en nu boven noordoost Europa. We zullen nog even moeten afwachten of de hoge druk zo standvastig is dat het ook het weer in februari en maart blijft bepalen, maar de verwachtingen wijzen, althans voor de eerste weken, wel die kant op.