U bent hier

Zacht weer met niet al te veel regen; licht stijgende waterstanden

Na een enerverende weerweek staat ons deze week een minder dynamisch weerbeeld te wachten. De eerste dooigolf van afgelopen vrijdag heeft de rivieren al wat laten stijgen en ook de tweede dooiaanval, die maandag 12/1 de stroomgebieden bereikt, zorgt voor extra water voor de rivieren. Tot grotere hoogwaters zal het niet komen, daarvoor zijn de neerslaghoeveelheden te klein. In het waterbericht leest u de details.

De rubriek water Inzicht ontbreekt deze week.

Water van de week

Veel zachter weer, maar niet heel veel regen.

Vandaag is de laatste dag van een koude periode die ongeveer 3 weken heeft geduurd. De afgelopen jaren was het wel vaker aan de koude kant, maar een zo lange periode van kouder weer is een weerfenomeen dat de laatste decennia steeds zeldzamer is geworden. Net als bij veel koudeperioden in het verleden was het aanvankelijk erg droog, maar de laatste week veranderde dat door flink wat sneeuwval. Deze hing samen met een noordwestelijke stroming waarin veel sneeuwbuien van over de Noordzee werden aangevoerd. Deze drongen niet heel ver het stroomgebied binnen en daardoor kon het gebeuren dat er op de Veluwe meer sneeuw lag dan in de Ardennen en het Zwarte Woud.

Afgelopen donderdag hadden we te maken met een bijzonder weersverschijnsel toen een klein lagedrukgebied van west naar oost over Nederland trok. Vóór het lagedrukgebied uit werd met een zuidelijke stroming zachtere lucht aangevoerd, waarin het urenlang regende. De warme luchtlaag was echter niet zo heel dik en hogerop in de Middelgebergten duurde de periode dat het dooide, en er smeltwater beschikbaar kwam, niet zo heel erg lang. Aan de westkant van het lagedrukgebied draaide de wind naar het noorden en werd zeer koude lucht aangevoerd. De neerslag viel hier als sneeuw en vooral in het zuidoosten van Nederland, de Ardennen en delen van Duitsland leverde dit nog een sneeuwdek op van zo’n 10 tot 20 cm.

Hogerop in de Ardennen en het Sauerland, waar het oude sneeuwdek nooit helemaal was weggesmolten tijdens de dooiperiode, ligt nu een sneeuwdek van ongeveer 40 cm. Ook in het Zwarte Woud, de Vogezen en de Zwitserse Jura groeide het sneeuwdek aan en daar ligt nu tot 50 cm. Hogerop in de Alpen, waar in december weinig sneeuw was gevallen en het sneeuwdek wat aan de magere kant was, viel tot meer dan 1 meter verse sneeuw. Deze laatste gaat voorlopig niet smelten, maar in de Middelgebergten in Duitsland, België en Frankrijk gaat het sneeuwdek de komende week waarschijnlijk grotendeels verdwijnen.

Het hogedrukgebied op de oceaan dat langere tijd voor de noordelijke, koude stroming heeft gezorgd, heeft nu plaatsgemaakt voor een groot lagedrukgebied; waarvan de kern nu ten noorden van Schotland ligt. Het brengt in onze omgeving een zuidwestelijke stroming op gang waarin zachte lucht wordt aangevoerd en ook zo nu en dan regen. Heel veel impact gaat de lage druk op de oceaan voorlopig niet op ons weer hebben, want boven het oosten en zuiden van Europa ligt nu een uitgestrekt hogedrukgebied. Dit nieuwe weerpatroon lijkt wel wat op dat van de eerste helft van december toen er ook lagedrukgebieden op de oceaan lagen, maar de bijbehorende neerslagzones niet heel ver het continent op konden dringen vanwege de blokkade van hoge druk.

Komende nacht vindt de overgang plaats naar de zachtere lucht en dit gaat gepaard met wat neerslag die begint als sneeuw maar al snel in regen over zal gaan. Het brengt op maandag in de stroomgebieden zo'n 5 tot 10 mm regen. De dagen daarna volgen er meer neerslaggebieden, maar op de meeste dagen valt er niet meer dan 5 lokaal misschien 10 mm regen. Vanwege de hogere temperaturen en de regen smelt de nog aanwezige sneeuw in de Middelgebergten langzaam weg. Dit gebeurt geleidelijk, iedere dag een beetje, zodat de impact op de rivieren niet heel erg groot zal zijn.

Dit licht wisselvallige zachte weer met zo nu en dan wat regen houdt waarschijnlijk ook in de week na het komend weekend nog aan. Want het hogedrukgebied boven Zuidoost-Europa lijkt in de komende tijd alleen nog maar sterker te worden en de lagedrukgebieden die op de Atlantische Oceaan ontstaan, kunnen daardoor niet ver naar het oosten doordringen.

Zo gaan er weer twee weken voorbij zonder een duidelijke westelijke circulatie die gewoonlijk in de winter in onze omgeving altijd wel een paar keer gedurende enkele weken actief is.  In de winter van 2023/24 duurde de aanvoer van regen door lagedrukgebieden zelfs maandenlang en viel er enorm veel regen. In de vorige winter was deze circulatie al minder actief en deze winter is hij tot nu toe helemaal afwezig boven Europa. Dit hangt waarschijnlijk samen met het ontbreken van de zogenaamde Polar Vortex; dit is een krachtige wind die in de winter boven het Noordelijk halfrond op een hoogte van ca 30 km waait. Deze wind is vaak weer gekoppeld aan de luchtstroming op lagere hoogten, waar zich bv de straalstroom bevindt, die belangrijk is voor het op gang brengen van de westelijke circulatie.

Dit jaar is de Polar Vortex tot nu toe opvallend zwak en er was daarom geen aanleiding voor de westelijke circulatie om te ontstaan. Maar de verwachting is nu dat de Polar Vortex vanaf 17 januari wel in kracht toe gaat nemen en doorgaans duurt het dan zo’n 2 tot 3 weken voordat daar op lagere hoogten ook iets van te merken is. Dus misschien dat we in de eerste helft van februari wel te maken krijgen met meer lagedrukgebieden die dan neerslag en meer wind aanvoeren naar de stroomgebieden. Nog even afwachten dus.

Rijn stijgt deze week tot tussen 9,2 en 9,5 m NAP.

De dooiaanval van afgelopen vrijdag bracht zo’n 10 tot 25 mm neerslag in het stroomgebied. Vooral in Midden-Duitsland kwam er ook smeltwater beschikbaar door de dooi van sneeuw in Eiffel en Ardennen. Verder naar het oosten was de invloed van de zachte lucht al minder groot en in het zuiden van Duitsland lag weinig sneeuw. Daardoor kwam er minder smeltwater dan ik donderdag in mijn extra bericht had verwacht en de stijging van de waterstanden blijft daardoor ook beperkt. Alleen de Moezel steeg wel flink en de afvoer liep daar op van ca 100 naar 850 m3/s. In de Bovenrijn bleef de stijging beperkt tot ca 300 m3/s en in de ander zijrivieren was het vaak niet meer dan enkele tientallen m3/s.

Het bescheiden piekje dat dit oplevert, bevindt zich nu ter hoogte van Koblenz en vanaf daar beweegt het in ca 2 dagen naar Lobith. Bij Lobith is de waterstand sinds gisteren al langzaam gaan stijgen en die stijging zet zich dus nog ca 2 dagen voort. Bij aanvang van de stijging bedroeg de waterstand slechts 7,35 m NAP en de afvoer 1.040 m3/s, wat erg laag is voor begin januari. Het extra water zorgt voor een stijging tot een stand van ca 9,2 m NAP op dinsdag en woensdag aanstaande. De afvoer bedraagt dan ca 2.100 m3/s.

Ondertussen valt er op maandag en woensdag weer regen als de dooi opnieuw binnenvalt. Dat levert dan weer wat extra water op, maar opnieuw geen grote hoeveelheden. Dit water arriveert vanaf donderdag bij Lobith en afhankelijk van hoe snel de sneeuw smelt levert dat waarschijnlijk een lichte verdere stijging op tot tussen 9,2 en 9,5 m NAP op zaterdag 16/1. De afvoer is dan opgelopen tot tussen 2.200 en 2.400 m3/s. Dat is trouwens nog steeds lager dan het langjarig gemiddelde voor deze tijd van het jaar, wat ca 2.800 m3/s bedraagt.

Na het komend weekend gaat de stand waarschijnlijk weer wat omlaag, maar snel gaat dat niet omdat er wel zo nu en dan regen blijft vallen. Na het weekend verwacht is daarom een stand van rond 9,2 m NAP. Mocht er weinig regen vallen dan kan de stand ook verder dalen tot 9 m NAP, mocht er wat meer regen vallen, dan kan de stand ook langer rond 9,5 m NAP blijven schommelen. Grotere uitschieters naar boven en beneden zijn er voorlopig niet te verwachten.

Maasafvoer beweegt komende week tussen 500 en 750 m3/s.

Het stroomgebied van de Maas lag precies ten zuiden van de baan van het lagedrukgebied dat afgelopen vrijdag overtrok. Daardoor kon de zachte lucht hier makkelijk binnendringen en viel er ook flink wat regen tot lokaal meer dan 25 mm. Toch bleef de impact van al dit water op de Maasafvoer beperkt en steeg deze bij Maastricht niet veel verder dan tot circa 700 m3/s. Ik had zo’n 300 tot mogelijk 500 m3/s meer verwacht, maar had op voorhand vooral de invloed van het smeltwater wat overschat.

In de Ardennen is op zaterdag nog aardig wat sneeuw bijgevallen en het sneeuwdek is daar nu gestegen tot een dikte van circa 40 cm. Dit sneeuwdek zal de komende week waarschijnlijk helemaal gaan smelten omdat het stroomgebied vanaf komende nacht al in de zachtere lucht terecht gaat komen. Vooral tijdens de perioden van regenval kan de meeste sneeuw smelten. Nu wordt er echter niet heel veel regen verwacht; op de dagen dat er regen valt niet meer dan zon 5 tot 10 mm. Het zal daarom niet zo'n vaart lopen met het smelten van de sneeuw en ook deze week zal de impact op de Maasafvoer daarom niet heel groot zijn.

Op dit moment bedraagt de afvoer bij Maastricht ongeveer 500 m3/s en als vannacht de dooi invalt en de eerste regen gaat vallen zal dat vanaf morgen wat extra water opleveren voor de Maas. De afvoer kan dan op maandag en dinsdag stijgen naar ca 750 m3/s. Mocht er meer dan 10 mm regen vallen, misschien nog wat meer. Dinsdag valt er weinig regen, zodat de afvoer dan wat stabiliseert, of licht daalt, maar woensdag kan er weer zo’n 10 mm regen vallen in de Ardennen, waardoor de afvoer weer wat kan gaan stijgen. Op donderdag kan de afvoer dan tussen de 750 en 1.000 m3/s uitkomen.

De dagen daarna kan er steeds wel wat regen vallen, maar het ziet er naar uit dat de hoeveelheden nog wat kleiner zullen zijn. Als dat uitkomt, gaat de afvoer vanaf donderdag weer langzaam dalen. Omdat ook na het komend weekend geen grote hoeveelheden regen worden verwacht, is een verdere stijging niet in beeld. De kans is groter dat de afvoeren weer gaan dalen naar ca 500 m3/s of nog wat lager.